Pretty Woman (1990)

Regie: Garry Marshall | 119 minuten | komedie, romantiek | Acteurs: Richard Gere, Julia Roberts, Ralph Bellamy, Jason Alexander, Laura San Giacomo, Alex Hyde-White, Amy Yasbeck, Elinor Donahue, Hector Elizondo, Judith Baldwin

“Pretty Woman”. Deze twee woorden zijn inmiddels niet alleen onsterfelijk geworden door de gelijknamige hit van Roy Orbison. Heel veel mensen zullen bij deze woorden ook denken aan het “My Fair Lady”-achtige Hollywoodsprookje van regisseur Garry Marshall, dat de definitieve doorbraak betekende van de goedlachse Julia Roberts. Hoewel een dubieuze moraal bevattend en verstoken van enig realisme, is ‘Pretty Woman’ een gelikte, kundig gemaakte romantische komedie die door de uitstekende cast naar een hoger plan wordt getild.

Hoofdverantwoordelijke voor het succes van ‘Pretty Woman’ is toch wel de spontane. ontwapenende Juia Roberts die destijds terecht als de nieuwe, grote filmster werd binnengehaald. Hoewel het wellicht wat onwaarschijnlijk is dat een vrouw met de looks van Roberts toegewezen zou zijn op het oudste beroep ter wereld, weet zij de toeschouwer vrijwel direct aan zich te binden en voor zich te winnen. Haar brede glimlach en charmante persoonlijkheid maken haar meteen geliefd bij eenieder die haar tegenkomt. Dus ook bij Edward (Gere) die in zijn Lotus de weg aan haar vraagt naar Beverly Hills. Het is het begin van het samenzijn van eerst een nacht, vervolgens een week, en uiteindelijk de rest van hun leven. Hoewel zij na uitlatingen van Edward, verschillende keren te kennen geeft nog nooit zo in haar leven te zijn vernederd, bezit hij kennelijk toch een bepaalde aantrekkingskracht, die onweerstaanbaar is. Misschien is het zijn rustige, laconieke houding, die diepere gronden suggereert. Of het feit dat hij niet meteen bovenop Vivian springt, nadat hij haar betaald heeft voor haar diensten (hij wil namelijk gewoon gezelschap). Of misschien omdat Vivian erachter komt dat hij ook zijn gevoelige kant kan laten zien, “kneedbaar” is, en niet de harteloze zakenman is die hij lijkt te zijn. Een cynicus zou zeggen dat het met name het luxe leventje is waar Vivian voor valt. Immers is ze het meest extatisch in de film op de momenten waarop Edward haar veel geld belooft of geeft: wanneer ze net hoort 3000 dollar te krijgen voor een week gezelschap, en wanneer Edward in kledingwinkels met zijn creditcard rondzwaait om haar met een compleet nieuwe garderobe en veel (afgedwongen) complimenten te plezieren.

Ja, voor cynici valt er genoeg te zeuren over ‘Pretty Woman’. Bijvoorbeeld wanneer het gaat om de “publieksvriendelijke” portrettering van prostitutie. Afgezien van het nieuws in het begin van de film dat er zojuist een crackhoertje is vermoord, lijkt prostitutie hier niet eens zo’n hele slechte carrièrekeuze te zijn. Vivian zocht een baantje, ging bij haar vriendin Kit langs, en die liet “het” allemaal zo mooi klinken, dat ze dacht: “waarom niet?”, zo vertelt ze aan Edward op zijn hotelkamer. De film maakt wel meteen duidelijk dat ze niet veel geld meer heeft te besteden – door het tonen van enkele dollarbriefjes in haar geheime verbergplek [de toiletstortbak] – maar afgaand op het appartement waar zij en vriendin Kit wonen, en hun toch blakende gezondheid, zou je denken dat ze het niet eens zo heel slecht hebben. Maar een kniesoor die hier op let, zou je bijna zeggen. ‘Pretty Woman’ is nooit bedoeld als een rauwe, realistische verbeelding van het leven van een hoertje. Het is een sprookje met een sterk Pygmalion/”My Fair Lady”-gehalte. Kortom, het arme, ongeciviliseerde meisje van de straat wordt beschaving en cultuur bijgebracht door een welgestelde heer. Deze taak wordt hier niet geheel door Edward op zich genomen, maar voor een groot deel ook door de hoteleigenaar Barney (Hector Elizondo), die Vivian een mooie cocktailjurk bezorgt en haar leert met welke vorkjes ze moet eten tijden een chique diner.

Deze “opvoeding” zorgt voor enkele aandoenlijke en grappige momenten wanneer Vivian haar training in praktijk moet brengen tijdens een belangrijk zakendiner van Edward. Leuk is het wanneer ze een escargot met een noodgang van tafel weg laat schieten als ze het ding met een tangetje vast probeert te houden. Een butler vangt het ding moeiteloos op, opmerkend dat dit zo vaak gebeurt. Roberts lacht en zegt: “Slippery little suckers” (glibberige rotzakken). Bejaarde zakenman James Morse (Ralph Bellamy), wiens bedrijf Edward wil overnemen, is even later erg vriendelijk voor Vivian en stelt haar op haar gemak door zijn brood gewoon met zijn handen te eten zodat Vivian niet in verlegenheid wordt gebracht. Een schattig moment.

Hoewel Gere gedistingeerd overkomt, degelijk acteert, en zeker chemie heeft met Roberts, zijn het, naast Roberts zelf, vooral de bijpersonages die bijdragen tot het succes van de film. De innemende Hector Elizondo die Vivian al snel in zijn hart sluit; Ralph Bellamy, die een vaderlijk figuur voor Edward blijkt te zijn en in feite het geweten van de film is; Laura San Giacoma, die als Kit veel pit en (brutale) energie toont, en voor een welkome komische noot zorgt; en een gemene, geniepige Jason Alexander (George Costanza uit “Seinfeld”), die als Edwards zakenpartner Philip met verve de enige echte schurk in de film speelt.

Maar Julia Roberts is uiteindelijk de grote, schitterende ster die ‘Pretty Woman’ tot het romantische sprookje maakt dat het is geworden. En wanneer Edward aan het einde als een prins in zijn witte limo arriveert en vervolgens – inclusief hoogtevrees – met een roos in zijn mond de brandtrap bestijgt om zijn geliefde Vivian om haar hand te vragen, zullen er weinig kijkers weerstand kunnen bieden tegen zoveel zoetheid. Velen zullen zich met alle plezier verplaatsen in de tot tranen geroerde en ultiem gelukkige Vivian. Want Julia Roberts ís ‘Pretty Woman’.

Bart Rietvink