28 Years Later – Part 2: The Bone Temple – 28 Years Later: The Bone Temple (2026)

Recensie 28 Years Later - Part 2: The Bone Temple CinemagazineRegie: Nia DaCosta | 110 minuten | horror | Acteurs: Jack O’Connell, Ralph Fiennes, Emma Laird, Chi Lewis-Parry, Alfie Williams, Robert Rhodes, Erin Kellyman, Louis Ashbourne-Serkis, David Sterne, Maura Bird, Gordon Alexander, Sam Locke, Natalie Cousteau, Elliot Benn, Ghazi Al Ruffai

‘28 Years Later: The Bone Temple’ is het tweede deel in een trilogie die vertelt over zombies en hoe de doordraaiende wereld en haar overgebleven mensen daarmee omgaan. Voor ‘28 Years Later’ die in 2025 verscheen, zat Danny Boyle nog in de regisseursstoel, maar voor de tweede worp die back-to-back gefilmd is, geeft hij het stokje door aan Nia DaCosta. Een gewaagde keuze, gezien de duidelijke stilistische keuzes die Boyle maakte. Zo is zijn film vrijwel volledig met iPhones geschoten, produceert Young Fathers een vrij onconventionele soundtrack én zien we vooral merkwaardige, artistieke montages.

Hiermee maakt DaCosta korte metten. Hoewel Alex Garland ook voor dit deel het scenario schreef, drukt zij geheel haar eigen stempel op het doorlopende verhaal. Want waar de eerste film eindigt met Spike die in aanraking komt met een groepje krankzinnige weirdo’s, daar begint ‘The Bone Temple’ met een scène waarbij het jochie in een verontrustende setting tegen zijn wil in een plek in deze satanische sekte moet winnen. Aanvoerder van dit clubje is Sir Lord Jimmy Crystal. Een eersteklas psychopaat geïnspireerd op de notoire Jimmy Savile.

Samen met zijn ‘Fingers’ – zoals hij de leden noemt – raast hij door Engeland als een soort moderne variant op de bokkenrijders. Overal waar ze komen, brengen ze dood en verderf. Dat ze daarbij onorthodoxe manieren handhaven, maakt dat deze sequel veel bruter en bloederiger is dan zijn voorganger.

Terwijl Spike een ware nachtmerrie doormaakt, zien we hoe dokter Kelson nog rondwaart nabij zijn zelfgemaakte ossuarium. Vanwege zijn achtergrond is hij erg geïnteresseerd in het wetenschappelijke aspect omtrent de geïnfecteerden. Gaandeweg bouwt hij een eigenaardige relatie op met het grootste roofdier onder de zombies: de Alpha genaamd Samson. Via een blaaspijp schiet de dokter morfine in het wezen, om vervolgens op ontdekkingstocht te gaan naar hoe het gecontamineerde brein werkt.

Op den duur treffen de twee verschillende verhaallijnen elkaar, maar tot dat moment weet ‘The Bone Temple’ niet helemaal te overtuigen. We volgen enerzijds een onberekenbaar, gewiekst karakter dat er alles aan doet om zijn neurotische volgelingen de schijn voor te houden dat hij de zoon van de duivel is en anderzijds een empathische dokter wiens verhaallijn extreem voorspelbaar is. De ontwikkelingen in de eerste helft zijn te schaars. Alle personages worden neergezet als een soort gekkies zonder dat er een stevig fundament aan ten grondslag ligt.

In ‘28 Years Later’ was Spike degene waar alles om draaide, maar zijn rol lijkt nu bijna uitgespeeld. Dat is een merkwaardige keuze. Want in een web vol mafketels functioneert hij als het gezonde verstand. Hij zou als kompas moeten dienen voor de kijker, maar wordt weggebonjourd naar de achtergrond.

Gelukkig weet de laatste akte wel indruk te maken. Het eerste gesprek tussen Sir Lord Jimmy Crystal en dokter Ian Kelson is een kritisch moment in de film. Wetenschap en religie staan lijnrecht tegenover elkaar in een conversatie die net zo goed over de oerknal had kunnen gaan. Essentiëler is het feit dat er eindelijk iets op het spel komt te staan. Beide partijen willen hun hachje redden en daar zien ze maar een uitweg voor. Wat volgt is een culminatie van hele hoge hoogtes. The Number of the Beast van Iron Maiden galmt door de speakers en een audiovisueel spektakelstuk ontvouwt zich.

Ralph Fiennes toont zich de grote vedette. Hij zet iemand neer die net als in de eerste film door de buitenwereld gezien wordt als een excentriekeling die totaal de weg is kwijtgeraakt, maar in realiteit innemend en wijs is. In bijvoorbeeld de ‘Harry Potter’- reeks en ‘The Menu’ bewees hij al goed te zijn in het doorgronden van curieuze personages, maar in ‘The Bone Temple’ legt hij de lat nóg hoger.

Het is allemaal te weinig om cum laude te slagen, maar over het algemeen scoort ‘The Bone Temple’ een ruime voldoende. Qua plot verloopt het hier en daar wat stroef. Want wat is een zombiefilm zonder zombies nu eigenlijk? De aandacht voor de geïnfecteerden wordt namelijk tot een minimum beperkt en dat is op zijn minst opvallend. Het enige lijntje dat echt wordt uitgegooid naar zombieproblematiek lijkt in het derde deel echter nog wel een staartje te krijgen.

Op technisch vlak valt echter weinig aan te merken. Zo wordt de ‘bone temple’ uit de titel een aantal keren imponerend in beeld gebracht, maar wordt er ook inventief gebruikgemaakt van needle drops. Het tweede deel was in degelijke handen bij de talentvolle Nia DaCosta. Als uitsmijter geeft ze ons in het slotstuk een presentje dat je doet smachten naar het laatste deel van een tot dusver solide reeks. Sjoerd Crins

Waardering: 3.5

Bioscooprelease: 15 januari 2026