500 Miles (2026)

Recensie 500 Miles CinemagazineRegie: Morgan Matthews | 101 minuten | drama | Acteurs: Bill Nighy, Roman Griffin Davis, Dexter Sol Ansell, Maisie Williams, Deirdre Monaghan, Loré Adewusi, Eoin Duffy, Clare Dunne, Shauna Harris, Steve Hartland, David Ryan, Harleen Sahota, Michael Socha

‘500 Miles’ is precies het soort film dat je vermoedt bij het lezen van de titel: het is een roadmovie. Een nogal spontane roadtrip zelfs, die behoorlijk uit de lucht komt vallen. Maar gaandeweg de film begrijp je dat in wezen ieder karakter op reis is. Ergens van weg, of juist ergens naartoe. Het is een familiedrama pur sang die je vrij rap in het diepe gooit, maar uiteindelijk verbouwereerd achterlaat.

We beginnen bij het begin: de geboorte van Charlie (Dexter Sol Ansell). Broer Finn (Roman Griffin Davis) neemt ons via voice-over mee in zijn levensloop. Charlie wordt prematuur geboren en heeft niet de meest stabiele gezondheid, maar dat weerhoudt hem er niet van om uit te groeien tot een energiek, spontaan en tikje vervelend kereltje. Er worden sfeervolle familietafereeltjes geschetst op het strand bij opa John (Bill Nighy) die degene is die de hele familie begeesterd. Tot er ineens een avond komt dat Finn zijn ouders hoort ruziën en z’n pa (Michael Socha) laat vallen dat hij Charlie meeneemt. Dat laat Finn niet over zijn kant gaan en hij besluit om in alle vroegte samen met Charlie koers te zetten naar opa in Dingly, Ierland. Opa, de pater de familias. Die weet vast raad. Charlie verwordt tot smokkelwaar en terwijl ze de 500 mijl naar opa afleggen wordt het verhaal gelardeerd met herinneringen die de puzzelstukjes moeten vormen om het verhaal van de familie te completeren. Waarom is opa uit de gratie geraakt? En wat drijft hun ouders tot een scheiding?

Het duurt lang voordat je in de gaten krijgt waar je nu precies naar aan het kijken bent. Dat komt mede omdat de karakters weinig diepgang krijgen. Dat begint al bij aanvang. Muzikaal en cinematografisch gezien probeert ‘500 Miles’ netjes in te spelen op de emotie, met aardige Ierse tafereeltjes tot gevolg, maar op relationeel vlak blijven de karakters aan de oppervlakte waardoor je als kijker weinig binding voelt met het verhaal. Pas ver over de helft van de film begin je Finn een beetje in je hart te sluiten met zijn timide doch vastbesloten voorkomen. Iets wat Bill Nighy natuurlijk vrij vlot al lukt, natural die hij is. Maar dat is te weinig om de hele film te dragen.

Een tikje ‘deus ex machina’ komt Kait de film binnenzeilen en voegt zich bij het gezelschap. Op haar ukelele tokkelt ze het ene toepasselijke nummertje na het andere weg met haar rauwe stem. ‘I Am A Passenger’ van Iggy Pop, ‘I’m on the Road to Nowhere’ van de Talking Heads. Het ligt er allemaal lekker dik bovenop en dat is zonde. Het had ’500 Miles’ goed gedaan als Matthews wat meer aan de suggestie had overgelaten. Wat meer aan de kijker had overgelaten in plaats van de film geforceerd te stuwen naar een climax van heb ik jou daar. Daar ontkwamen we toch al niet aan, gezien het verhaal dat gebaseerd is op een boek (‘Charlie and Me’ van de Britse auteur Mark Lowery). Het contrast tussen het keuvelende roadtripje, waarin de broers natuurlijk de nodige tegenslagen te verduren krijgen, versus de climax is zo gigantisch dat het bijna plompverloren is. Dit had voorkomen kunnen worden als de karakters meer diepte hadden gekregen. Plotsklaps mag, en kan enorm goed werken, maar had beter tot z’n recht gekomen als we ons beter in de familie hadden kunnen verplaatsen. Die blijft te abstract, ondanks de gezellige tafereeltjes. Misschien wel doordat deze te veel leunen op de ontwapenende energie van Bill Nighy.

Desalniettemin zetten ook de acteurs een prima prestatie neer, de vervelende Dexter Sol Ansell incluis. Maar vooral Roman Griffin Davis is er eentje om in de gaten te houden.

Jonica Hoff

Waardering: 3

Bioscooprelease: 24 september 2026