Bandit Queen (1994)

Regie: Shekhar Kapur | 119 minuten | drama, biografie | Acteurs: Seema Biswas, Aditya Srivastava, Agesh Markam, Ajai Rohilla, Anirudh Agarwal, Anil Sahu, Anupam Shyam, Aseem Bajaj, Ashok Bulani, Ashok Sharma, Avinash Nemade, Basant Rawat, Chotelal Siraswal, Deepak Chibber, Deepak Soni

“Beesten, drums, analfabeten, mensen uit de lagere kaste en vrouwen zijn het waard geslagen te worden”, luidt het citaat uit een Hindoestaans Geschrift, geciteerd aan het begin van de film. Phoolan Devi wordt geboren als vrouw, in een Hindoestaanse gemeenschap, in de lage kaste, met bovendien een sterke eigen wil. Oeps, niet goed!

Phoolan Devi wil eigenlijk maar één ding: vrij zijn, in gelijkwaardigheid met andere mensen, of het nu mannen of vrouwen zijn. Maar omdat ze zich niet aan regels wil houden is ze nergens thuis. Haar vrijgevochten houding roept verschillende reacties op, disrespect, walging, frustratie, maar ook jaloezie. Door zich buiten maatschappelijke norm te plaatsen, maakt ze zichzelf vogelvrij. Onbeschermd door het respect van familie en omgeving brengt ze bij mannen sterk onderdrukte seksuele verlangens naar boven. Vanaf nu is ze overgeleverd aan hun dominante en wellustige blikken en handen.

Kan een mens eigenlijk wel zonder leefregels bestaan? Waarschijnlijk niet, maar als je vanwege je geloof, je kaste en je sekse al je gezonde behoeften en verlangens wegstopt onder de schone schijn, gaat er van binnen iets rotten. En door botte wetten ingesnoerde behoeften raken gefrustreerd. En de gefrustreerde mens schept geen genoegen meer in ordening, maar streeft er enkel naar om zichzelf hier of daar lucht te verschaffen en let er weinig op of die handeling overeenkomstig (natuur)wettelijke orde is; de richting van zijn handelen is zijn eigen welbehagen. Dan wordt een gezonde behoefte een kwalijke. Dat is wat de film laat zien.

Shekhar Kapur’s film is rauw en zonder opsmuk, zoals de Bandit Queen zelf is, en laat het leven zien zoals zij het ervaart: hard en onrechtvaardig, wat zij overigens uiteindelijk zelf óók is. Maar de maker oordeelt hierover niet. Hij laat wel zien dat geweld alleen maar meer geweld teweeg brengt. Zo is de wraak van Phoolan net zo in strijd met de natuurlijke orde als het onderdrukken van behoeften. In de natuur wordt geen wraak genomen. De natuur in de film is hard en niemand ontziend, maar het zijn de mensen die wraakzuchtig en onrechtvaardig zijn, gefrustreerd door verstikkende leefregels, ver verwijderd van hun eigen natuur en de natuur om zich heen. Natuur die overigens telkens schitterend in beeld komt. De shots waarin Phoolan als meisje alleen aan het water zit in de ondergaande zon, zijn adembenemend. Alsof de filmmaker wil zeggen: kijk, aan de natuur zal het niet liggen. Die moet je gewoon zijn gang laten gaan.

Arjen Dijkstra