Beanpole – Dylda (2019)

Recensie Beanpole CinemagazineRegie: Kantemir Balagov | 130 minuten | drama | Acteurs: Viktoria Miroshnichenko, Vasilisa Perelygina, Andrey Bykov, Igor Shirokov, Konstantin Balakirev, Kseniya Kutepova, Alyona Kuchkova, Timofey Glazkov, Veniamin Kac, Olga Dragunova, Denis Kozinets, Alisa Oleynik, Dmitri Belkin, Lyudmila Motornaya, Anastasiya Khmelinina, Viktor Chuprov, Vladimir Verzhbitskiy, Vladimir Morozov

‘Beanpole’ (‘bonenstaak’) start met een schurende, beeldloze geluidsband. Zijn het porseleinen kopjes, is het ijzer op ijzer? We schakelen al snel naar een ziekenhuis in het Leningrad van 1945. De tinten zijn warm en mat tegelijk, stemmen en ademhaling, tikkende klok en stromend water worden fors aangezet, verkeersgeluiden nog meer.
Slimme stijlmiddelen om de kijker op het hart te drukken dat het naoorlogse Leningrad klopt als een ader, maar op posttraumatische wijze wordt beleefd door de protagonisten Iya (Miroschnichenko) en Masja (Perelygina), twee jonge vrouwen die als verpleegster gruwelen moeten hebben meegemaakt in de oorlog, en elkaar vasthouden in het verwerken.

Veteranen doen een wolf na om de tijd te doden, gelach volgt; er is hoorbare pijn. Lachen lijkt een collectief medicijn – zelfs tijdens de seks, dat andere verdovende middel. Wanneer menselijk leed zo universeel is als in oorlogstijd of vlak daarna, wordt het geïntegreerd in het leven. Geen zwijgzaam vergeten, maar grappend lijden.
Als sfeerbeeld moet ‘Beanpole’ daarom wel geslaagd zijn, al zijn er anno 2020 weinig ooggetuigen meer in leven. De film biedt slices of life uit een periode die zeer moeilijk in al zijn facetten is te vangen, en is daarom een belangrijk tijdsdocument. Want wat weten wij eigenlijk van de Russische omgang met de nasleep van de Tweede Wereldoorlog?

Al na een half uur is ‘Beanpole’ een intens uitputtende ervaring; wie wegkijkt krijgt geen kans, hij wordt naar het beeld getrokken door geluiden die geen fijne dingen verraden – effectbejag met dramatische doeleinden, soms zonder context. Sterker nog: de initiële klanken blijken een aankondiging van meer en erger. De beelden kunnen overdonderen in hun sereniteit.
Soms is de cameravoering haast portretkunst, de enscenering breugheliaans. Spoileren doen we niet: de visualisatie is indrukwekkend. Dit is sowieso een film die in de bioscoop moet worden ondergaan, en niet rationeel dient te worden begrepen. Dat is iets voor de nabeschouwing.

Jan-Kees Verschuure

Waardering: 4

Bioscooprelease: 20 februari 2020
VOD-release: 27 maart 2020