Black Venus – Vénus noire (2010)

Regie: Abdellatif Kechiche | 159 minuten | drama, geschiedenis | Acteurs: Yahima Torres, Andre Jacobs, Olivier Gourmet, Elina Löwensohn, François Marthouret, Michel Gionti, Jean-Christophe Bouvet, Jonathan Pienaar, Rémi Martin, Jean-Jacques Moreau, Cyril Favre, Dominique Ratonnat, Didier Bourguignon, Ralph Amoussou

De Frans-Tunesische regisseur Abdellatif Kechiche kwam in 2007 met het hooggewaardeerde ‘Le graine et le mulet’, een zorgvuldig opgebouwd familiedrama rond een gescheiden bootwerker die een couscous-restaurant wil beginnen. Langer al liep Kechiche rond met plannen voor een film over ‘Saartjie’ Baartman, lid van het Kaapse Khoikhoi-volk dat leefde rond 1800 en bekend stond om haar bijzondere lichaamsverhoudingen. Kechiche’s meticuleuze beschrijving van Baartman’s tijd in Europa is even beklemmend als ontluisterend; sleutel daarin is een gedetailleerde historische setting, de permanente focus op Baartman en met name de gelaten onverstoorbaarheid die hoofdrolspeelster en ster van de film Yahima Torres – een van oorsprong Cubaanse die door Kechiche in de Parijse volkswijk Belleville van de straat werd gepikt – tentoonspreidt.

Saartjie’s houding in ‘Black Venus’ is min of meer vergelijkbaar met die van ‘Precious’ uit het gelijknamige Amerikaanse drama van Lee Daniels; net als Precious krijgt Saartjie een grote hoeveelheid vernederingen over zich heen, waarbij haar gelaatsuitdrukking zo neutraal blijft dat de aandacht zich voortdurend vestigt op de handelingen die zij moet verrichten en ondergaan. Zo is Saartjie niets meer dan een aap in de circusact van haar Afrikaanse meester Hendrick Caezar (Andre Jacobs), die haar voorwendt een vrije vrouw te worden door het geld dat zij ‘samen’ verdienen; zij is niets meer dan een wetenschappelijk proefdier voor anatoom Curvier (François Marthouret), en niets meer dan een prostituee in de libertijnse salons van Parijs, waar haar act met Caezar’s Franse opvolger Réaux (Olivier Gourmet) garant staat voor de tijdelijke opwinding van verveelde rijken.

Voor de moderne westerling is de morele rode draad snel gevonden en ligt verveling op de loer; de constante herhaling van Saartjie’s ontberingen dient echter het blootleggen van gedetermineerde machtsverhoudingen en opvattingen in pre-industrieel Europa en maakt duidelijk dat de zwijgende gigant wel degelijk keuzes maakt, zij het slechts om te overleven. Een plezierige zit kan ‘Black Venus’ hierdoor onmogelijk zijn; de film is een 159 minuten durende anatomische les in moraal en kan als langdradig of al te liederlijk beschouwd worden, mede vanwege de vertolkingen van Jacobs en Gourmet. Kechiche levert echter gedegen historisch drama en ook zo is ‘Black Venus’ te genieten; wat blijft in de herinnering is een voortdurend sigaren rokende Saartjie, wier waardigheid het in deze film moet afleggen tegen racisme in haar puurste vorm.

Jan-Kees Verschuure