Boogie Woogie (2009)

Regie: Duncan Ward | 94 minuten | komedie, drama | Acteurs: Gillian Anderson, Alan Cumming, Heather Graham, Danny Huston, Jack Huston, Christopher Lee, Joanna Lumley, Simon McBurney, Meredith Ostrom, Charlotte Rampling, Amanda Seyfried, Stellan Skarsgård, Jaime Winstone, Alfie Allen, Gemma Atkinson, Silas Carson, Sidney Cole, Sergio Corvino, Michael Culkin, Joséphine de La Baume, Alma Eno, Michael Estorick, Rosie Fellner, Stephen Greif, Maria Papas, Jenny Runacre, Ebe Sievwright, Jan Uddin

Wat is kunst? Een vraag waar je dagen over kunt debatteren zonder tot een bevredigend antwoord te komen. Die richting kiest ‘Boogie Woogie’ dan gelukkig ook niet. Het speelfilmdebuut van regisseur Duncan Ward, gebaseerd op het gelijknamige boek van de New Yorkse galeriehouder Danny Moynihan, gaat meer over de omgang met kunst, dan de vraag wanneer iets als kunst bestempeld kan worden. Het verhaal is bedoeld als satire op de elitaire kunstscene – de wereld van dure kunstwerken, overspelige galeriehouders, onbetrouwbare kunstenaars en kunstkopers en ga zo maar door.

Speelt het boek zich in New York af, in de film vormt Londen de achtergrond waar galeriehouder en kunsthandelaar Art Spindle (Danny Huston) en verzamelaar Bob Maclestone (Stellan Skarsgård) huis houden. Rode draad en titelverlener zijn hun pogingen om een (voor het verhaal bedacht) kunstwerk uit de Boogie Woogie-serie van de Nederlandse schilder Piet Mondriaan over te kopen van diens hoogbejaarde bezitter Alfred Rhinegold (een aimabele Christopher Lee). Mevrouw Rhinegold (Joanna Lumley) wil het werk verkopen om wat aan de povere financiële situatie te doen. Maar meneer wil helemaal geen afstand doen van het schilderij vanwege de emotionele waarde ervan (Mondriaan heeft het hem zelf geschonken).

Voor het overige bestaat het verhaal uit gekonkel, overspel en andersoortig bedrog, wat losse opmerkingen over de wereld van dure kunst (al dan niet bedoeld als kritiek) en een horde hopeloze karakters. Er is echter één verhaallijn die extra in the picture komt – over de lesbische kunstenares Elaine (Jaime Winston) die haar seksuele escapades filmt voor een ego-document als kunstwerk. Terwijl een dergelijk onderwerp zich uitermate goed leent voor kritiek op de kunstwereld (al is het alleen al vanuit een ethisch perspectief), neemt ‘Boogie Woogie’ het vooral als gegeven en lijkt het eerder te dienen om wat vaker blote borsten te kunnen laten zien.

Het is een teken aan de wand. Een goede satire – wat ‘Boogie Woogie’ immers beweert te zijn –  is niet alleen gevat, maar geeft ook inhoudelijke kritiek. De film van Duncan Ward ontbeert én de humor én het engagement en verwordt eerder tot een flauwe soap, door alle elkaar kruisende seksuele relaties. Wat niet wegneemt dat daar best wat aardige vondsten tussen zitten. Het is vooral smullen met Gillian Anderson, die zich flink uitleeft in haar rol van Jean Maclestone (de vrouw van Bob), die vaker met een kunstenaar dan met haar eigen man in bed ligt. (Die het overigens op zijn beurt weer doet met… enzovoorts.)

Word je ondertussen veel wijzer van de werking van de kunstwereld? Nee. Kom je wat te weten over kunstgeschiedenis? Nauwelijks, al is er wel degelijk moeite gedaan om herkenbare en bekende kunstwerken in de film te verwerken (waarvoor de spraakmakende kunstenaar en verzamelaar Damien Hirst is geraadpleegd). Is het dan tenminste nog een onderhoudende film? Dat hangt van je smaak af. Als er voor een scherpere focus was gekozen, misschien zelfs met wat minder karakters, dan was de film een stuk beter te verteren geweest. Jammer van de uitstekende cast, maar deze ‘Boogie Woogie’ zal op een veiling maar weinig opbrengen.

Wouter de Boer

‘Boogie Woogie’ verschijnt donderdag 24 mei 2012 op DVD.