Buongiorno, Notte (2003)

Regie: Marco Bellocchio | 105 minuten | drama, geschiedenis | Acteurs: Maya Sansa, Luigi Lo Cascio, Roberto Herlitzka, Giovanni Calcagno, Paolo Briguglia, Pier Giorgio Bellocchio, Giulio Bosetti, Gianni Schicchi, Carlo Castelli, Bruno Cariello, Alberto Cracco, Emanuela Barilozzi, Roberta Spagnuolo, Giovanni Cappelli, Antonio De Matteo

Hoewel ‘Buongiorno, Notte’ zijn inspiratie haalt uit de roerige Italiaanse politiek van de zeventiger jaren levert Bellocchio een even persoonlijke als historische film af met deze titel. De film gaat formeel over de ontvoering van partijvoorzitter Aldo Moro, een christen-democraat die al meerdere parlementen geleid had en in 1978 een gedoogregering met de tot dan toe buitengesloten communisten wilde aan gaan. Hoewel de communisten daarmee enige politieke erkenning kregen, achtte de Rode Brigades (een radicale linkse groepering) het te weinig. Moro wordt ontvoerd om dit duidelijk te maken. Nog voordat zij echter hun eisen kunnen formuleren neemt de staat een halsstarrige houding in: men weigert te onderhandelen met terroristen. Moro werd na 55 dagen gevangenschap dood terug gevonden.

Dit verhaal vormt echter slechts de oppervlakte van de film. In de documentaire ‘Stessa Rabbia, Stessa Primavera’ vertelt regisseur Mario Bellocchio over zijn jeugd in een onderdrukkend gezin, over de ‘muur’ die hij hierdoor altijd om zich heen heeft gehad en het is deze thematiek die constant onder de oppervlakte sluimert. De film gaat even goed over een gebrek aan contact, een verlies van realiteitszin als over de ontvoering van een politiek kopstuk. Het is een verhaal waarin ratio en emotie tot elkaars bittere vijanden zijn verklaard. De wereld waarin dit verhaal zich afspeelt is beklemmend. Het merendeel van de film bevinden we ons in het krappe appartement waarin Moro gevangen wordt gehouden. Het is er donker, stil en men lijkt er slechts over politiek te kunnen spreken. Zoals voormalig brigade-lid Braghetti schrijft in haar boek ‘Il Prigioniero’: ‘Ik sliep slecht, ik lag te woelen in een halfslaap vol nare dromen, nu eens naast Mario dan Germano, dan Prospero. Prospero was mijn vriend, maar ik herinner me van die periode geen enkele omhelzing.’

Het is het karakter dat op haar gebaseerd is, Chiara, dat als eerste gaat twijfelen aan de operatie waarmee zij en haar kameraden bezig zijn. Dit verzet gaat echter niet rationeel, niet door middel van argumenten, maar door langzaamaan contact te zoeken met Moro. Iedere dag spiekt zij even door het kijkgaatje van zijn verblijf en ‘s nachts droomt ze dat hij vrij door het appartement loopt. Ook lijkt zij sympathie op te bouwen voor haar dromerige mannelijke collega op het werk, die duidelijk een oogje op haar heeft, maar niets moet hebben van haar radicale gedachtegoed. Met al deze gevoelens kan Chiara echter niets. Wanneer het niet in de doctrine van haar communisme past bestaat het voor haar niet. Ondanks haar nieuwsgierigheid naar de buitenwereld blijft zij hierdoor gevangen in haar eigen rationele wereld, een aspect dat overigens ook heel mooi wordt onderbouwd door het camerawerk waarin de nadruk ligt op muren en scheidingen, zelfs wanneer karakters vlakbij elkaar zijn.

De bevrijding van Moro in Chiara’s dromen wordt een symbool dat Bellocchio gebruikt voor een commentaar op de politieke situatie van die tijd. Een tijd waarin de politiek een eigen, gedistantieerd leven lijkt te leiden, dat geen enkele relatie meer heeft met de werkelijkheid. Dit wordt ook mooi geïllustreerd door de begrafenis van Moro: de gehele Italiaanse politiek, inclusief de paus, was erbij aanwezig. Het lichaam van Moro zelf niet, dat werd in intieme, besloten kring begraven. Het symbool Moro kreeg een politieke begrafenis, de persoon Moro een familiaire. Bellocchio weet hiermee een subtiel commentaar te leveren op de Italiaanse geschiedenis en dat maakt ‘Buongiorno, Notte’ tot een weliswaar complexe, maar daardoor buitengewoon interessante film.

Sander Colin