De Elfkins – Een klein bakfestijn – Die Heinzels – Rückkehr der Heinzelmännchen (2019)

Recensie De Elfkins - Een klein bakfestijn CinemagazineRegie: Ute von Münchow-Pohl | 78 minuten | animatie, actie, komedie, familie | Nederlandse stemmencast: Pip Pellens, Buddy Vedder, Wim Opbrouck, Lucas van den Eynde, Marloes van den Heuvel, Jan Elbertse, Anneke Beukman, Frédérique Sluyterman van Loo

Wie ooit wel eens in de Duitse stad Keulen geweest is, kent ze misschien wel: de Heinzelmännchen. De legende gaat dat er zo’n tweehonderd jaar geleden piepkleine wezentjes waren die ‘s nachts al het harde werk deden, zodat de mensen overdag niet zo veel meer hoefden te doen. Omdat ze zich overdag niet lieten zien, geloofde niet iedereen dat de Heinzelmännchen daadwerkelijk bestonden. De echtgenote van een kleermaker kon haar nieuwsgierigheid op een dag niet meer bedwingen en strooide gedroogde erwten over de vloer zodat de mannetjes zouden struikelen en ze hen zou kunnen zien. De woedende Heinzelmännchen besloten prompt om te verdwijnen en nooit meer terug te keren. De Keulenaren moeten sindsdien zelf maar aan de bak om hun werk op tijd af te krijgen!

De legende, ooit bedacht door de Keulse leraar Ernst Weyden (1805-1869), is vervlochten met de geschiedenis van Keulen. Wie door de stad wandelt kan de Heinzelmännchen op diverse plekken tegen het lijf lopen. Zo is er niet ver van de befaamde Dom een fontein waar de uit graniet gehakte figuurtjes in te zien zijn en ook op andere plaatsen in Duitsland zijn door de Heinzelmännchen geïnspireerde kunstwerken te vinden. In 1956 verscheen er een kinderfilm waar de voornaamste kritiek op was dat de figuurtjes zwaar geromantiseerd waren. Dat wordt nog verder doorgevoerd in ‘De Elfkins – een klein bakfestijn’ (2019), een animatiefilm van regisseur Ute von Münchow-Pohl die met ‘De hazenschool’ uit 2017 al eerder aantoonde uitstekend te weten hoe je een wat verouderd klassiek verhaal naar de moderne tijd kunt vertalen. Haar Heinzelmännchen, die in de vertaling Elfkins zijn gaan heten, lijken in de verste verte niet meer op de onberekenbare wezens die Weyden ooit creëerde. Het zijn kleurrijke figuurtjes met veelal een lieve uitstraling, die onder de grond leven nadat ze door die vervelende kleermakersvrouw voorgoed werden verjaagd. Ondergronds zijn ze overigens niet minder ijverig; allemaal hebben ze een talent en jaarlijks krijgt degene die de beste uitvinding heeft gedaan een prachtige, gloednieuwe muts.

Waar haar Elfkin-vriendjes allemaal ergens goed in zijn, lijkt de onhandige Helvi zo’n beetje alles te verpesten met haar geklungel. Desondanks blijft ze opgewekt en hoopvol dat ook zij ergens goed in zal blijken te zijn. Misschien ligt haar talent wel bovengronds…? Geheel tegen de wil van de oudere Elfkins besluit ze de mensenwereld te gaan ontdekken. Haar vriendjes Butz en Kipp gaan met haar mee. Daar ontmoeten ze de verbitterde en norse banketbakker Theo, die op het punt staat zijn geliefde bakkerij over te dragen aan zijn broer Bruno, die een succesvol zakenimperium runt maar gebak maakt waar alle liefde (én smaak) uit verdwenen is. Helvi ziet haar kans schoon om te bewijzen dat ze niet alleen meer in haar mars heeft dan de andere Elfkins vermoeden, maar ook om Theo te helpen om zijn bakkerij te redden. Ondertussen leert ze een belangrijke les: probeer altijd anderen te helpen, of ze nou heel dichtbij je staan of verder van je af.

De ontluikende vriendschap tussen Helvi en bakker Theo vormt het kloppende hart van deze lieve animatiefilm, die een duidelijke boodschap heeft maar deze er gelukkig niet koste wat het kost doorheen wil drukken. De film is dan ook op zijn best als die twee centrale figuren nader tot elkaar komen (veel bijfiguren die voor een komische noot moeten zorgen, zoals het opdringerige hondje Charles, zorgen alleen maar voor afleiding). Natuurlijk zien we van mijlenver aankomen waar het verhaal naartoe gaat, maar dat is eigenlijk een van de weinige manco’s aan deze verder charmante Duitse film, die er ondanks een bescheiden budget prima uitziet. In de Nederlandse vertaling verzorgen onder anderen Pip Pellens, Buddy Vedder en Wim Opbrouck de stemmen en dat doen ze verdienstelijk. Heb je een kind dat twijfelt over zijn eigenwaarde, dan is ‘De Elfkins – een klein bakfestijn’ een mooie, warme film om hem of haar te laten inzien dat iedereen op zijn eigen manier een talent heeft en van waarde kan zijn voor zijn omgeving. Een mooiere boodschap kun je je kinderen eigenlijk niet meegeven!

Patricia Smagge

Waardering: 3.5

Bioscooprelease: 5 augustus 2020