De kus (2004)

Regie: Hilde van Mieghem | 97 minuten | drama, thriller | Acteurs: Marie Vinck, Fedja van Huêt, Hilde van Mieghem, Jan Decleir, Veerle Baetens, Tom de Hoog, Josse de Pauw, Ides Meire

‘De kus’ is de eerste lange speelfilm van actrice Hilde van Mieghem. Haar regiedebuut is dit echter niet, in 1997 maakte ze al de korte film ‘De suikerpot’ die bij elkaar liefst 18 prijzen wist weg te slepen. Bij de productie van ‘De kus’ voerde de Vlaamse niet alleen de regie maar nam ze ook een belangrijke rol voor haar rekening en fungeerde als coproducent. Bovendien ontfermde Van Mieghem zich over het scenario. En dat had ze niet moeten doen.

De film ‘De kus’ gaat over de schade die een hardhandige opvoeding kan aanrichten. Daarnaast handelt hij over het probleem van loverboys, gladde jongens die meisjes inpalmen om hen vervolgens te laten hoereren, waarbij de opbrengst uiteraard weer in de zakken van de pooiers belandt. Met een beetje goede wil zou je ‘De kus’ bovendien een ‘coming of age drama’ kunnen noemen, want uiteindelijk levert het verhaal een min of meer gelouterd personage op.

Om iets positiefs over het scenario te zeggen gaat daarentegen iedere goede wil te boven. Het verhaal komt piepend en krakend op gang, sukkelt vlak langs kloven en ravijnen, maar als halverwege vaart moet worden gemaakt ontspoort de film volledig en stort hij de diepste diepte in. Dan volgt de ene dwaze handeling op de andere en de ene onwaarschijnlijkheid is nog niet verwerkt of de volgende wordt alweer voorgeschoteld. Niets wordt de kijker bespaard, van bizarre ontwikkelingen in de vader-dochterrelatie tot een volkomen idiote ontknoping.

Niet alleen de handelingen vormen een probleem, ook de personages kunnen nooit overtuigen. Alleen de gladde pooier annex juwelendief Vic bezit nog enige geloofwaardigheid. Hoofdpersonage Sarah is als 15-jarig wicht wat al te onnozel, Sarahs moeder is een onvervalste Mommy from Hell die eerder in een trailerpark dan in een luxeappartement thuishoort en Sarahs vader lijkt uit vijf verschillende persoonlijkheden te bestaan. In de bijrollen zien we mishandelde hoeren, sukkelige scholieren, misdadigers en pooiers, allen ruimschoots de karikatuur voorbij. Eigenlijk is het een wonder dat de belangrijkste acteurs in dit merkwaardige brouwsel prima overeind blijven, met de jonge, zeer talentvolle Marie Vinck als uitschieter. Maar evenmin als Jan Decleir, Fedja van Huêt en Els Dottermans is zij nog in staat de boel te redden.

Sommige films zijn zo beroerd dat je er bijna vrolijk van wordt. Zelfs die troost kan ‘De kus’ je niet bieden. Na afloop overheerst vooral ergernis over de zelfoverschatting van Hilde Van Mieghem. Een beetje ambachtelijk schrijver had van het op zich interessante gegeven een doortimmerd scenario kunnen maken. Met zo’n scenario en met deze cast had regisseuse Van Mieghem een veel betere film kunnen fabriceren, een kus die heel wat aangenamer zou smaken dan deze onbeholpen smakkerd.

Henny Wouters