Der Blaue Engel – The Blue Angel (1930)

Regie: Josef von Sternberg | 99 minuten | drama, musical | Acteurs: Emil Jannings, Marlene Dietrich, Kurt Gerron, Rosa Valetti, Hans Albers, Reinhold Bernt, Eduard von Winterstein, Hans Roth, Rolf Müller, Roland Varno, Carl Balhaus, Robert Klein-Lörk, Charles Puffy, Wilhelm Diegelmann, Gerhard Bienert, Ilse Fürstenberg, The Weintraub Syncopators, Frederick Hollander, Wolfgang Staudte

Marlene Dietrich (1901 – 1992) is een van de allergrootste diva’s van de twintigste eeuw. Een krachtige en sensuele persoonlijkheid die zowel op de bühne als op het witte doek tot haar recht kwam. Maar zelfs zij heeft moeten vechten voor haar plekje in Hollywood. Want ook al was ze in de Duitssprekende landen al in de jaren twintig een idool, op haar grote internationale successen moest ze tot de jaren dertig wachten. De Oostenrijkse regisseur Josef von Sternberg, met wie ze later niet alleen veel films zou maken maar met wie ze tevens regelmatig het bed deelde, had voor de vrouwelijke hoofdrol in ‘Der Blaue Engel’ (1930) eigenlijk een gevierde Amerikaanse filmster in gedachten. Iemand als Gloria Swanson of Louise Brooks bijvoorbeeld. Toen bleek dat zij niet wilden of konden, zocht hij het bij bekende Duitse actrices als Brigitte Helm en Leni Riefenstahl. Uiteindelijk nam hij zijn toevlucht tot audities. Dietrich – die meende toch geen enkele kans te maken – stelde zich behoorlijk uitdagend op. Het bleek een gouden greep; de rol van Lola Lola – die de poorten van Hollywood wagenwijd open zou zetten voor de Duitse actrice – was voor haar!

In ‘Der Blaue Engel’ speelt Emil Jannings de stijve vijftiger Immanuel Rath, een strenge professor aan de plaatselijke jongensschool en een alom gerespecteerd burger. Wanneer hij verneemt dat een aantal van zijn studenten zich na schooltijd ophoudt in de rosse buurt van de stad, besluit hij op onderzoek uit te gaan. De jongens blijken zich te amuseren in De Blauwe Engel, een nachtclub met een niet al te beste reputatie waar iedere avond diverse cabaretacts de revue passeren. Daar maakt Rath kennis met Lola Lola (Marlene Dietrich), een uitdagende geklede dame die op sensuele wijze liedjes zingt voor het uitbundige publiek. De professor weet niet waar hij kijken moet. Aan de ene kant is hij overdonderd en geshockeerd vanwege haar vrijpostige gedrag, aan de andere kant is hij zwaar onder de indruk van de aantrekkelijke zangeres. Dankzij de gladde baas van De Blauwe Engel, Kiefert (Kurt Gerron), die Raths ijdelheid streelt en hem in contact brengt met Lola Lola, raakt de door verlangen verteerde professor in de netten van De Blauwe Engel verstrikt. Om roddelpraatjes tegen te gaan besluit hij met Lola Lola te trouwen, wat hem zijn baan als leraar kost. Dat is het begin van een sociale en fysieke aftakeling die de professor uiteindelijk moreel en psychisch zal ruïneren.

Het verhaal van ‘Der Blaue Engel’, gebaseerd op de gelijknamige roman van Heinrich Mann, gaat over verval en ontluistering. Rath eindigt als clown zonder enige waardigheid – net als de vorige clown, een van de ironische dubbelgangers van de hoofdfiguur. Von Sternberg laat in zijn film de grauwe werkelijkheid van de straat (en van het theater) het winnen van de illusie. Het is de meedogenloze logica van ‘Der Blaue Engel’. Voor Von Sternberg, die nog een half dozijn films met La Dietrich zou maken, bleek deze film de belangrijkste geluidsfilm uit zijn carrière. Von Sternberg is efficiënt in de manier waarop hij de tragische ondergang van Rath weet te schetsen. Hoe dieper de professor betrokken raakt in de wereld van Lola Lola, hoe minder mensen om hem heen hem nog respecteren. Door de vernederende acts waaraan hij als clown moet deelnemen in het theater, verliest hij waardigheid, wat uitmondt in een finale die al die jaren later nog altijd pakkend is. En de regisseur verpakt het allemaal in de tekenende en boeiende visuele stijl van het Duitse expressionisme. Het is alleen jammer dat het tempo, naar de huidige maatstaven, wat al te laag ligt, in tegenstelling tot tijdgenoten als ‘Metropolis’ (1927) en ‘M’ (1931).

De film, die kort na de introductie in zowel een Duits- als een Engelstalige versie werd uitgebracht, was een van de eerste ‘talkies’. De acteerprestaties van de meeste acteurs ademen dan ook nog de sfeer van de stomme films, met overdreven gelaatsuitdrukkingen en dito gebaren. Beide hoofdrolspelers steken echter met kop en schouders boven de rest uit. De in Zwisterland geboren Emil Jannings, in 1929 de eerste niet-Amerikaan die een Oscar in de wacht sleepte voor ‘The Last Command’, geeft een aimabele vertolking van een man die pas op latere leeftijd zijn eerste grote liefde beleeft. De manier waarop hij vervolgens zijn ondergang ervaart in overdonderend. Daar tegenover staat Dietrich, duidelijk een actrice van de nieuwe tijd, als Lola Lola, de klassieke femme fatale die mannen verleidt, hen weer laat vallen als ze genoeg van ze heeft en ervan geniet ze als slaaf te behandelen. Toch is er ook een teder en loyaal aspect in haar verhouding met Rath. Als ze het befaamde lied ‘Von Kopf bis Fuss auf Liebe eingestellt’ zingt, is haar passieve acceptatie van haar noodlot als fatale vrouw bijna te accepteren.

Je hoeft geen filmkunde te hebben gestudeerd om te weten dat ‘Der Blaue Engel’ een interessante film is. Al was het alleen al omdat de film dé internationale doorbraak betekende voor Marlene Dietrich. Gemaakt in een tijd waarop nog volop werd geëxperimenteerd met geluid en waarin ook het acteerwerk langzaam maar zeker een aardverschuiving aan het ondervinden was. Natuurlijk trekt diva Dietrich de meeste aandacht, maar haar personage – nu natuurlijk niet meer zo aanstootgevend als toentertijd – is in feite lang niet zo intrigerend als die van Emil Jannings, die een tragische karakterontwikkeling doormaakt. Voor de gemiddelde filmkijker zal deze klassieker waarschijnlijk al snel gaan vervelen, met name vanwege de traagheid waarmee de ontwikkelingen zich voordoen. Voor de échte filmfreak is ‘Der Blaue Engel’ echter absoluut een onmisbaar stukje filmgeschiedenis!

Patricia Smagge