Die Fälscher (2007)

Regie: Stefan Ruzowitzky | 98 minuten | drama, oorlog, biografie | Acteurs: Karl Markovics, August Diehl, Devid Striesow, Martin Brambach, August Zirner, Veit Stübner, Sebastian Urzendowsky, Andreas Schmidt, Tilo Prückner, Lenn Kudrjawizki, Marie Bäumer, Arndt Schwering-Sohnrey    

‘Die Fälscher’ is niet de zoveelste film over een concentratiekamp, maar laat een geheel ander aspect van het (over)leven daarin zien. De titel slaat op een kleine groep ‘bevoorrechte’ gevangenen die vanuit hun periode voor hun gevangenschap specifieke kennis over het drukvak hebben of op andere wijze kennis voor het vervalsen van geld waardevolle kennis bezitten. Zij zijn op deze kennis geselecteerd en onderdeel geworden van een speciale eenheid gevangenen. Zij zijn weliswaar opgesloten in het kamp, maar zitten volledig afgezonderd van de overige gevangenen. Zij worden goed gevoed en hebben de opdracht geld voor de Nazi’s te vervalsen.

Doel is met het drukken van valse Engelse Ponden en Amerikaanse dollars de economie van die landen te ontwrichten. Daarmee verwachten de Nazi’s een beslissende economische slag te kunnen slaan. Deze kleine groep wordt goed verzorgd en krijgt voortdurend voorgeschoteld dat zij de dood kunnen ontsnappen als zij meewerken aan het drukken van vervalste biljetten. Omdat ze op de achtergrond toch voortdurend geconfronteerd worden met het gruwelijke leven en de dood in grote getale van niet bevoorrechte medegevangenen,  komen zij voor een gruwelijk dilemma te staan. Werk ik mee aan dit proces en denk ik zo te kunnen overleven (of word ik uiteindelijk toch gedood als het allemaal succesvol verloopt) of werk ik weliswaar mee maar probeer ik tegelijkertijd te saboteren? Kan ik dan voorkomen dat de economie van de gealliëerden niet wordt geruïneerd en red ik daarmee als afgeleide daarvan het leven van vele anderen (omdat de Nazi’s de oorlog dan wellicht niet kunnen winnen?) Of anders gezegd: mag ik mijn eigen kleine leven redden ten koste van dat van vele anderen? Dergelijke dilemma’s komen voortdurend boven in deze film. Iedere groepslid reageert daar anders op. Dit filmverhaal is in grote lijnen waar gebeurd en is gebaseerd op het boek van Adolf Burger, één van de overlevenden. Van 1942 tot 1945 had de SS in concentratiekamp Sachsenhausen daadwerkelijk een valsemuntersdrukkerij. Hier probeerden hooggespecialiseerde gevangenen valse biljetten te maken.

In het spannende filmverhaal staan drie karakters centraal: Sally Sorowitsch (subliem gespeeld door Karl Markovics) is een levensgenieter die voor de oorlog een bekend valsemunter was en met de opbrengsten daarvan een vrolijk en luxe leven leidde. In het concentratiekamp wil hij alles doen om te overleven. Zijn motto is: ‘Liever morgen aan het gas, dan vandaag de kogel’. De tweede is de SS-man Herzog, sterk gespeeld door Devid Striesow, die het midden houdt tussen een duivel met sadistische trekken, maar ook zeer charmant over kan komen. De derde hoofdpersoon is de communistische drukker Adolf Burger (August Diehl). Deze wil het drukken van dollars tot elke prijs saboteren en is bereid daarvoor te sterven (ook als dat zijn medegevangenen het leven kost). Het conflict tussen de opportunist Sorowitsch en de idealist Burger is bijzonder interessant. Hier wordt de ethische vraag opgeworpen en ook indringend bediscussieerd of het overleven van het individu de prijs van het leven van anderen waard is. Overigens laat de film de vraag onbeantwoord, andere ontwikkelingen in het verhaal zijn doorslaggevend.

Alhoewel op momenten wel aanwezig, wordt in de film niet steeds nadrukkelijk het geweld en het lijden van gevangenen in een concentratiekamp getoond. Met magnifiek camerawerk wordt het leven in zowel het gewone kamp geschetst, maar wordt ook de in feite krankzinnige uitzonderingspositie die deze gevangenen hadden goed weergegeven. Een bizar detail is bijvoorbeeld dat als de groep er in geslaagd is met succes Engelse ponden te vervalsen die zelfs niet door experts herkend worden, zij een tafeltennisspel krijgen om ‘gezellig’ op te kunnen spelen. Ook mag er een carnavalsavond voor de groep worden georganiseerd.  Het probleem met dergelijke films is altijd weer: wat kun je laten zien van het leven zoals het toen was? Hoe gruwelijk moet het verhaal zijn, of moet het dat juist niet zijn om te voorkomen dat mensen om die reden afhaken? Regisseur Stefan Ruzowitzky is er in geslaagd die gruwelijkheden niet te laten overheersen. Meer heeft hij de nadruk gelegd op het spannende van deze geschiedenis en de voor de gevangenen prangende vraag of je wilt en kunt saboteren en hoe ver je wilt gaan. Bij ontdekking is de dood onvermijdelijk.

Vooral het sterke spel van de drie hoofdpersonen tilt het niveau van de film omhoog. Ook de soms extreem cynische betogen van Devid Striesow als SS-Obersturmbannführer zijn huiveringwekkend geloofwaardig. Als een soort bevlogen manager probeert hij zijn gevangenen te inspireren met mooie betogen over het waarom van hun prestaties. Sterk gespeeld, vanuit ethisch gezichtspunt in balans, spannend en in hoge mate geloofwaardig.

Rob Veerman