een vrouw als monique (2025)

Recensie een vrouw als monique CinemagazineRegie: Claire Pijman | 81 minuten | drama | Acteurs: Monique van de Ven, Joes Brauers

Aan de Bretonse kust bereidt Monique van de Ven zich voor op een nieuwe rol. Ze rijdt door het landschap, zet een bad aan, verpot een plant. Dan staat er ineens een jonge fietser met een ongeluk voor haar deur. Hij mag zijn tent in de tuin opzetten en wordt haar onverwachte gesprekspartner.

Dat gegeven bepaalt de hele film. De jongen stelt vragen, bladert in plakboeken, en lijkt vooral een excuus om Monique aan het praten te krijgen. Tegelijkertijd snijdt Claire Pijman de gesprekken door met fragmenten uit Van de Vens rijke filmgeschiedenis: ‘Turks Fruit’, ‘Keetje Tippel’, ‘Een vrouw als Eva’. Zo ontstaat een hybride vorm die ergens tussen documentaire en fictie in bungelt.

Maar juist in dat spel wringt het. De archiefbeelden van Verhoeven of Van Brakel zijn krachtig en gelaagd, de hedendaagse, soms quasi-nonchalante observaties met Van de Ven ogen te vaak iets te vlak. Pijman durft groot meesterschap naast vluchtige schetsen te leggen, maar benadrukt daarmee vooral de kloof tussen beide. ‘een vrouw als monique’ oogt daardoor niet als filmische reflectie, maar eerder als een gekunstelde mengvorm van fictie en documentaire die gevaarlijk dicht bij Villa Felderhof schuurt.

De fietser zelf blijft een raadsel. Geen personage van vlees en bloed, maar een ingevoegd element dat te vaak de stuwende kracht van het gesprek moet zijn. Daardoor voelt hij niet organisch, maar eerder als een dramatische constructie – een aanwezigheid die de film nodig denkt te hebben, maar die je als kijker nooit gelooft. Tegelijk zou je hem kunnen lezen als een projectie uit haar innerlijk, misschien zelfs van haar eigen verloren kind. Daarmee krijgt zijn vaagheid betekenis, maar die interpretatie staat haaks op de dwingende rol die hij elders in de film vervult.

Pijman lijkt te mikken op een meta-reflectie in de geest van ‘De zee die denkt’ (2000, Gert de Graaff), waarin de hoofdpersoon zijn eigen script leeft en film en bewustzijn over elkaar heen schuiven. Hier blijft het effect echter te geforceerd, meer kunstgreep dan filosofische laag.

Als film mist ‘een vrouw als monique’ de cinematografische kracht om echt te overtuigen. Maar in de verhalen zelf zijn er momenten die onmiskenbaar raken. Wanneer Van de Ven vertelt hoe haar toenmalige man Jan de Bont haar vanachter de camera op de set van ‘Keetje Tippel’ “hoer” toesiste zodra ze zich moest uitkleden. Of wanneer ze spreekt over het verlies van haar zoontje Nino aan een hersenvliesontsteking. Dan valt de film opeens als een steen in je hart voor haar. Ook de korte gesprekken met Paul Verhoeven en Nouchka van Brakel smaken naar meer. En bovenal herinneren ze eraan hoe Van de Ven vaak rollen vertolkte die vooruitliepen op hun tijd: een moeder met een postnatale depressie, een vrouw die openlijk haar seksualiteit beleefde, sterke karakters in een periode waarin zulke stemmen in de Nederlandse maatschappij – laat staan in de cinema – schaars waren. Het zijn momenten die je toeschreeuwen: hier staat geen personage, maar de echte Monique van de Ven – actrice, ster, icoon.

‘een vrouw als monique’ wil een meta-reflectie zijn op acteren en waarneming, maar verdwaalt in een vorm die meer belooft dan waarmaakt. Het archief is waardevol, de verhalen zijn interessant en boeiend, maar de uitwerking blijft steken. Voor wie echt de diepte in wil, was een avond Zomergasten misschien genoeg geweest. Het gesprek beklijft, de film niet.

Martijn Smits

Waardering: 2

Bioscooprelease: 18 september 2025