En waar de sterre bleef stille staan (2010)

Regie: Gust Van Den Berghe | 73 minuten | drama | Acteurs: Peter Janssens, Paul Mertens, Jelle Palmaerts

In minimalistisch zwart-wit gefilmde, maar krachtig debuutfilm van Gust Van Den Berghe over drie bevriende bedelaars (schooiers worden ze genoemd) die plotseling rijk worden met het zingen van liederen op Kerstavond en – gelijk de Drie Wijzen uit het Oosten – bij de geboorte van het “kindeke” Jezus aanwezig zijn. Ze besluiten om hun nieuw verworven rijkdom weg te geven, maar algauw slaan ze daarover aan het twijfelen. Hun belevenissen worden ook gevolgd in de daaropvolgende jaren, wederom met Kerstmis, als ze steeds verder uit elkaar groeien.

‘En waar de sterre bleef stille staan’ is vooral een experimentele film en zeker niet – om een Engels gezegde aan te halen – iedereens “cup of tea”. Sterker nog, vooral gelouterde filmhuisgangers en filmfestivalliefhebbers zullen er plezier aan beleven. Het grote publiek zal er – deels onterecht, maar ook wel begrijpelijk – met een grote boog omheen lopen.

Het bijzondere aan de film is dat de drie hoofdrollen vertolkt worden door acteurs met het syndroom van Down: Peter Janssen (Schrobbebeeck), Paul Mertens (Pitje Vogel) en Jelle Palmaerts (Suskewiet). Ook in enkele bijrollen zijn acteurs met een verstandelijke beperking te zien. Deze keuze van regisseur Van Den Berghe is origineel en heeft onder meer het effect dat  de dialogen (“Het is niet gemakkelijk om een mens te zijn”) een extra lading krijgen. De trage dictie en het feit dat de acteurs soms niet helemaal lijken te doorgronden wat ze zeggen, vergt wel enige gewenning. Dat schurende tussen de vorm en de inhoud is ongetwijfeld de bedoeling geweest van de makers, maar hoewel de film maar vijf kwartier duurt, vergt het wel enig uithoudingsvermogen van de kijker.

Het acteerwerk vormt een mooi contrast met de visuele zo sterke kanten – en vult deze tegelijkertijd ook uitstekend aan. Dat de film er fraai uitziet, is een understatement. En dan te bedenken dat Gust Van Den Berghe bij de première van de film pas 25 jaar oud en ‘En waar de sterre bleef stille staan’ tevens zijn afstudeerfilm aan de Erasmus hogeschool in Brussel is. Dat hij onmiskenbaar een groot talent is, laat hij met deze film direct zien. Niet voor niets maakte de film een rondgang langs diverse Europese filmfestivals en werden er een aantal prijzen in de wacht gesleept.

Veel scènes zijn prachtig gestileerd, met vaak daarbinnen shots die qua compositie nagenoeg perfect te noemen zijn. Om één voorbeeld te geven van één shot waar veel klasse in zit: er is een moment waarbij de drie hoofdrolspelers onder twee bomen in drie naast elkaar hangende schommels zitten, met de zon schijnend achter de wolken aan de zijkant van het beeld. Maar dat is zeker niet het enige visuele hoogstandje. Schapen hoeden letterlijk onder de rook van energiecentrales, de crucifixen in bootjes dobberend op het water, er valt voor het oog genoeg te beleven. De film is bovendien niet zonder een stevige portie vervreemdende voorvallen, die op het randje van absurdisme balanceren. Wat bijvoorbeeld te denken van de fanfareband die pontificaal door het beeld paradeert en bij veel cruciale scènes op de achtergrond aanwezig is.

De film is gebaseerd op het gelijknamige toneelstuk van de Vlaamse schrijver en dichter Felix Timmermans (1886-1947). Timmermans schreef het werk in 1924, toen al al een bekend en gevierd, maar niet onomstreden auteur. Zo hij streed voor (meer) onafhankelijkheid voor Vlaanderen en collaboreerde daarom met de Duitse bezetters tijdens de Eerste Wereldoorlog. Van den Berghe bewerkte de tekst van Timmermans zelf tot een scenario.

‘En waar de sterre bleef stille staan’ ademt een haast mystieke sfeer, waarbij het zwart-wit uitstekende ondersteuning bij biedt. Van Den Berghe weet bijna tastbare magie in de film te injecteren en de beelden beklijven ook lang nadat de aftiteling begint. Niet voor niets werd de film in Vlaanderen bejubeld en ging ‘En waar de sterre bleef stille staan’ in meer bioscopen tegelijk in roulatie dan welke Vlaamse film dan ook.

Hans Geurts