Eno (2024)
Regie: Gary Hustwit | 85 minuten | documentaire, muziek
Brian Eno maakte muziek met onder andere David Bowie en Fred Again, produceerde onder andere voor U2, Coldplay en Talking Heads, en bedacht het opstartdeuntje van Windows 95. Niet voor niets dus dat Eno vaak als meest invloedrijke persoon in de popmuziek wordt beschouwd. Maar hij is ook grondlegger van ‘ambient music’, én pionier in ‘generative music’. Bij het maken van deze generatieve muziek bepaalt de artiest de regels (het algoritme) en de computer vult het in. Zo krijg je dus een samenwerking tussen de menselijke maker en een technisch hulpmiddel, waarin het auteurschap steeds vager valt te definiëren. In de biopic ‘Eno’ doet hij het voor, althans dat is nog maar de vraag. De documentaire is namelijk zelf ook door een algoritme gegenereerd, zodoende bestaat iedere screening uit een andere samenstelling van scènes.
Ondanks deze bijzondere vorm heeft de film alle kenmerken van een biopic. We krijgen een beeld van de persoon Eno en voorbeelden van zijn belangrijke prestaties. Tegelijkertijd worden fans ook getrakteerd op nieuwe beelden en anekdotes, zoals bijvoorbeeld het geestige gevloek van Eno op reclames. Behalve dat een duidelijke chronologische opbouw mist, passen vorm en inhoud dus goed bij elkaar, ook omdat het allebei geïnteresseerd is in generatieve kunst. Bovendien helpt het dat Eno een spervuur van inspirerende citaatwaardige uitspraken levert.
Een klassieke recensie – zoals de vorige alinea – zegt wel iets over de film, maar doet geen recht aan de radicaal nieuwe vorm. Sterker nog, ‘Eno’ problematiseert het idee van een klassieke recensie, want als niet iedereen dezelfde film heeft gezien hoe kan je er dan nog objectief over schrijven? Hoewel deze vraag al langer speelt (ieders referentiekader levert een andere interpretatie op), scherpt ‘Eno’ deze vraag nog eens aan. Op een abstracter level is het lastiger om met iemand het over de inhoud van de film te hebben, tenzij diegenen dezelfde screening hebben bijgewoond. Zo wordt op het filmspecifieke socialmediaplatform Letterboxd veel gepost over welke versie het leukste zou zijn: “unfortunate that I got a cut of this that was heavy on U2 and had zero Fripp”
Hoewel het lastiger wordt om een objectieve recensie te schrijven over dit soort films, kun je altijd nog iets interessants schrijven op basis van je persoonlijke ervaring. Je zal alleen eerst duidelijk moeten maken wat je precies hebt gezien.
Dit zal toch vooral een algemenere recensie zijn, waardoor deze review zich blijft richten op de interessante vorm. Om nogmaals te benadrukken hoe progressief generatieve narratieven zijn is het concept ‘aura’ van Walter Benjamin relevant. Eenvoudig gezegd hebben volgens Benjamin schilderijen een aura omdat er één origineel is dat zich in een bepaalde tijd en ruimte bevindt. Film heeft dat niet, omdat film een massakunst is moet het reproduceerbaar zijn, in allerlei bioscopen vaak over de hele wereld. Het ontbreken van een aura is dus inherent aan de filmkunst. Het is dus bijzonder dat alle screenings van ‘Eno’ anders zijn en het daagt ons uit om opnieuw na te denken over wat film is.
Of ‘Eno’ revolutionair is blijft afwachten, maar het lijkt onwaarschijnlijk dat we de komende jaren worden overspoeld met generatieve films. Voor veel verhalen is een meer gebruikelijke aanpak beter geschikt, maar juist ‘Eno’ heeft baat bij deze eigenwijze benadering. Ondanks de moeilijkheid om (objectief) over de film te schrijven en te denken, is dit een spraakmakende film.
Ian van Asch
Waardering: 4
Speciale vertoning: IDFA 2024
