Entre nosotros (2011)

Regie: Paloma Aguilera Valdebenito | 50 minuten | korte film | Acteurs: Gabriel Aguilera, Dante Canales, Annemarie Prins

Handheld, in close-up, en met hulp van een overtuigende cast van veelal amateur-acteurs toont ‘Entre nosotros’ (‘Tussen ons’) een verborgen wereldje binnen Nederland, knus weggestopt in een krappe flat. Spaans is er de voertaal. De film begint met een paar mensen, zingend en gitaar spelend in een huiskamer. Even later verkassen ze naar een grootstedelijk balkonnetje, om het geheim van een goede empanada te bespreken. Er druppelen meer mensen binnen, warme begroetingen volgen. In de keuken worden de voorbereidingen voor een maaltijd getroffen. Het onderonsje blijkt een afscheidsfeestje te zijn, in het flatje van de Chileen Pablo (Gabriel Aguilera), zijn Nederlandse vrouw Iris (Dette Glashouwer) en hun dochter Daniela (Andrea Grijalba). Na een bezoek van een maand staat Pablo’s broer Diego (Dante Canales) op het punt met zijn zoontje Sebas (Steven Grijalba) terug te keren naar Chili. De barbecue laait op, wijn vloeit, maar af en toe vallen er stiltes. Wat kun je op zo’n moment anders doen, dan muziek maken?

Er wringt hier wat: de koetjes en kalfjes van de aanwezigen geven niet alles weer wat zich hier afspeelt. Sebas laat plots een traan, oma Ria (Annemarie Prins) toont zich naar dochter Iris een nukkig mens (en niet alleen omdat ze pas is gestopt met roken), en Pablo trekt zich terug om wat geld in een envelop te stoppen en op de rand van zijn bed tot zichzelf te komen. Even later botst hij met Diego, tijdens een afwasje. Het verloop van het afscheidsfeestje zelf krijgt alle aandacht: de mensen lijken hier instrumenteel aan het koken, het eten, het drinken, het converseren. Daar waar muziek wordt gemaakt, wordt dat soms minutenlang geregistreerd. Toont het een manier voor deze mensen om te vergeten, te vermijden, of om gewoon samen op te gaan in het leven? De manier waarop regisseur Paloma Aguilera Valdebenito te werk gaat, maakt in elk geval dat je je als kijker zowel gast als buitenstaander kan voelen, op een feestje waar alleen de ‘andere’ aanwezigen een geheim kennen. De nieuwsgierigheid die daaruit voortvloeit, wordt echter onvoldoende beloond. ‘Entre nosotros’ onthult en schetst, nauwgezet, geduldig en monotoon. Daarbij koppelt de film de ontzettende alledaagsheid van het bestaan aan wereldpolitiek en morele kwesties waarmee mensen in hun leven worstelen: wanneer zijn je daden goed of slecht, in hoeverre moet je daarbij rekening houden met je omgeving? Die koppeling maakt dat heel gewone handelingen – aardappels schillen, ogen druppelen – bijzondere betekenis kunnen krijgen, maar ‘Entre nosotros’ leunt daar wel erg sterk op. Vooral omdat de conflicten tussen Ria en Iris, Diego en Pablo niet uitstijgen boven familiaal gekibbel, en uitleggerige voorspelbaarheid het juist dan wint van verrassing en empathie, zelfs al verpersoonlijken de broers het politieke heden en verleden van Chili, een land dat sinds de afzetting van dictator Pinochet lijdt aan een gespleten persoonlijkheid.

De schuchtere camera doet er in ‘Entre nosotros’ alles aan om te vermijden dat de aandacht op zichzelf wordt gevestigd, wat geen sinecure is op een oppervlakte van enkele vierkante meters. Met ingehouden adem, op kousenvoeten zwenkt het apparaat van kamer naar kamer, van scène, naar scène – als de geest van een bioloog die bang is een kwetsbare microbiotoop uit evenwicht te brengen. Tegelijkertijd is het medium film bij uitstek in staat de aandacht soepel van het ene naar het andere onderwerp te verplaatsen. Dat laat zeker ‘Entre nosotros’ zien.

Martijn  Laman