Fantasia (1940)

Regie: James Algar, Samuel Armstrong, Ford Beebe, Norman Fergusan, Jim Handley, T. Hee, Wilfred Jackson, Hamilton Luske, Bill Roberts, Paul Satterfield, Ben Sharpsteen | 125 minuten | muziek, animatie, familie, fantasie | Originele stemmencast: Leopold Stokowski, Deems Taylor, Hugh Douglas, Julietta Novis, Walt Disney, James MacDonald, Paul J. Smith

Walt Disneys ambitieuze project ‘Fantasia’ (1940) kan met recht een klassieker worden genoemd. De composities waarop de animaties zijn gebaseerd hebben allang hun tijdloze kwaliteit bewezen, en ook de animaties zelf blijken nog altijd wonderschoon. Dat de film indertijd geen succes is geworden valt eenvoudig te verklaren: de meeste bioscopen beschikten niet over de apparatuur om de film te kunnen draaien. Daarnaast had het Amerikaanse publiek anno 1940, met de dreiging van een wereldoorlog en een economie die maar langzaam overeind krabbelde, weinig behoefte aan dansende hippo’s, klungelige tovenaarsleerlingen of het heidense gebeuk van Strawinsky’s Le sacre du printemps. Bijzonder jammer, want ‘Fantasia’ is zonder twijfel een hoogtepunt in de geschiedenis van de animatiefilm.

Binnen het Disney-oeuvre is ‘Fantasia’ altijd een buitenbeentje gebleven. Ook in latere jaren is het publiek nooit echt gevallen voor de klassieke klanken en originele animaties. Voor een deel zal dit te maken hebben met het elitaire imago waar klassieke muziek nog altijd mee worstelt. Voor een ander deel zal niet iedereen gediend zijn van een huwelijk tussen hogere en lagere cultuur. De voornaamste reden is echter de volstrekt compromisloze aanpak van Disney. De film begint niet met een verhalende sequentie op een lieflijk muziekje, maar met een abstract kleurenbombardement op de strenge tonen van Bach’s Toccata en fuga in D-mineur. Prachtig, maar ook voldoende om de helft van het publiek de zaal uit te jagen.

De sequenties die volgen verdienen het predikaat verhaal eigenlijk niet. We zien een sprookjesachtig ballet op de zwierige tonen van de notenkrakersuite, een Arcadisch landschap opgeluisterd door Beethoven’s Pastorale symfonie en een getekende evolutietheorie op de klanken van Le sacre du printemps. Het enige verhalende deel wordt gevormd door het overbekende De tovenaarsleerling, waarin Mickey Mouse hopeloos verstrikt raakt in zijn eigen toverkunsten. Hoewel dit deel het meest populair is, is het ook het deel waarbij je, door het aanstekelijke geklungel van Mickey, al snel geneigd bent de muziek langs je heen te laten gaan. Zonde, want daarvoor is het symfonisch gedicht van Dukas toch net iets te fraai.

Hoewel het oorspronkelijk de bedoeling was om ‘Fantasia’ regelmatig te laten volgen door sequels, duurde het tot 1999 voordat er daadwerkelijk een vervolg kwam: ‘Fantasia 2000’. Deze was aanzienlijk korter dan de eerste ‘Fantasia’ en werd opgeleukt door commentaar van bekende Amerikanen. Met muziek van Elgar, Gershwin, Saint-Saens, Strawinsky, alsmede een reprise van De tovenaarsleerling, werd deze film door pers en publiek juichend onthaald. Een terechte ontvangst, maar zo uniek als de eerste ‘Fantasia’ zullen we het nooit meer beleven. Een onnavolgbare traktatie voor oog en oor.

Henny Wouters