Fast & Furious (2009)

Regie: Justin Lin | 107 minuten | actie, misdaad, drama, thriller | Acteurs: Vin Diesel, Paul Walker, Michelle Rodriguez, Jordana Brewster, Laz Alonso, Gal Gadot, John Ortiz, Sung Kang, Kofi Natei, Wilmer Calderon, Ron Yuan, Liza Lapira, Shea Whigham, Tego Calderon, Neil Brown Jr. Mirtha Michelle    

Het had een dertien-in-een-dozijn actiefilm kunnen zijn, maar het bleek een gouden greep van regisseur Rob Cohen: ‘The Fast and the Furious’, de supersnelle actiefilm uit 2001, met sexy auto’s en oververhitte babes. Het vernieuwende aspect zat hem niet zozeer in de specifieke ingrediënten – auto-achtervolgingen en mooie vrouwen hadden al eerder prominent in films gefigureerd -, of in de verhaalstructuur – de film was in feite ‘Point Break’ met auto’s – maar in de bijzondere inkijk die Cohen hiermee gaf in een nog onbekende (sub)cultuur: die van het (illegale) straatracen. Het hele spektakel van de races op zich, de spanning die komt kijken bij het organiseren ervan, maar vooral ook het gevoel van saamhorigheid dat er heerst onder de racers, waren zaken die goed overkwamen in Cohens film en zorgden voor een unieke filmbeleving. De film werd een grote hit – en de doorbraak van spierbundel Vin Diesel – en er volgden al snel twee nieuwe “Furious”-films: ‘2 Fast 2 Furious’, en ‘The Fast and the Furious: Tokyo Drift’, beiden gemaakt door andere regisseurs. En nu is er deel 4, simpelweg ‘Fast and Furious’ genaamd, zonder lidwoorden. De titel belooft, net als ‘John Rambo’, ‘Rocky Balboa’, een terugkeer naar de wortels van de reeks. En door de medewerking van originele castleden Vin Diesel, Paul Walker, Michelle Rodriguez, en Jordana Brewster; de aanwezigheid van oude thema’s als loyaliteit, verraad, wraak, en de scheidslijn tussen goed en kwaad; en de focus op rechttoe rechtaan race-scènes op (Noord en Midden-)Amerikaanse locaties, is ‘Fast and Furious’ inderdaad een feest van herkenning voor de fans van de serie. Tegelijkertijd is er nog net genoeg nieuws in de film te ontdekken om ‘Fast and Furious’ bestaansrecht te geven en iets te laten toevoegen aan het grotere verhaal.

Hoogstaand filmmaken is de film nog steeds niet, maar in ieder geval is er wat van de oude sfeer te ontdekken en heeft regisseur Justin Lin zich voor het wat tegenvallende, gezichtloze ‘Tokyo Drift’ gerevancheerd. De actie is vertrouwd en verfrissend tegelijk; het testosterongehalte is weer lekker hoog, en oude banden worden aangehaald en waar mogelijk versterkt. Met daarnaast nieuwe schurken, een nieuwe mysterieuze babe, en een lekkere latino club-rocksoundtrack is ‘Fast and Furious’ een coole, pretentieloze actiefilm geworden. Eentje die echt in de bioscoop beleefd dient te worden, waar de voorbijrazende auto’s in surround en op vol volume op de kijker in kunnen werken. ‘The Fast and the Furious’ werd in 2001 een grote hit, wat – onder andere in Nederland – zorgde voor een kleurrijker straatbeeld. Op de weg verschenen ineens – in navolging van de film – vele auto’s met grote spoilers, vette muziekinstallaties, en vaak blauwe, rode of groene neonverlichting aan de onderkant van wagen. En natuurlijk een flinke motor onder de kap, eventueel bijgestaan door een lachgasinjectie-systeem dat de wagen met een simpele druk op de knop een enorme boost kan bezorgen. Dit element is weer terug in ‘Fast and Furious’, minus de neonlichten. Geen gecompliceerd slip- en glijwerk meer, wat de hoofdmoot vormde in ‘Tokyo Drift’, maar stoere, no-nonsens races, die weer voor lekkere (en betere) adrenalinekicks zorgen bij de kijker.

In de eerste echte race van ‘Fast and Furious’ moeten antiheld Vin Diesel en beach boy Paul Walker het weer tegen elkaar opnemen terwijl ze proberen te infiltreren in de bende van ene Campos, allebei met hun eigen bedoelingen. Toretto (Diesel) wil wraak voor iets wat hem is aangedaan door Campos of een van zijn handlangers, en agent O’Conner (Walker) wil crimineel Campos simpelweg oppakken. Het is mooi om deze twee personages weer in een dergelijk duel te zien, want natuurlijk moeten zij uiteindelijk weer strijden om de eerste en tweede plek. Er wordt hierbij leuk gespeeld met de kennis van de kijker van de afloop van de race in de eerste film. Toen werd O’Conner overmoedig en drukte te snel en gretig op zijn boostknoppen, waardoor hij zijn auto half in de prak reed en de race verloor. Nu lijkt hetzelfde te gaan gebeuren. Er zijn meer van dit soort knipogen naar eerdere delen. Zo wordt er even verwezen naar ‘Tokyo Drift’ wanneer Han tegen Toretto zegt dat ze te gekke dingen aan het doen zijn in Tokyo. Chronologisch moet ‘Fast and Furious’ zich dus vóór ‘Tokyo Drift’ afspelen, aangezien Han in die film overlijdt. Hoewel de film waarschijnlijk prima als op zichzelf staande film te genieten is, is het wel een voordeel om de rest – vooral deel één – gezien te hebben. Enerzijds wordt het dan een rijkere ervaring en anderzijds zijn bepaalde zaken, die in deze film niet worden uitgelegd, duidelijker (zoals de reden dat Toretto gezocht wordt door de politie). De nagelbijtende openingsscène van de film, waarin net als in de opening en het einde van deel 1, een grote vrachtwagen (hier een tankwagen) wordt overvallen en iemand vast komt te zitten aan de wagen, krijgt bijvoorbeeld meer resonantie.  De kwaliteit komt in de buurt van het origineel, maar een probleem is natuurlijk dat het nu allemaal niet nieuw meer is. Verder komt de straatrace-cultuur als zodanig nu minder op de voorgrond en zijn de races en achtervolgingen meer een, soms enigszins gekunsteld, middel geworden om het verhaal te vertellen. Als dit verhaal vervolgens voorspelbaar is en dramatisch niet zo goed werkt als de makers beoogd hadden, betekent het dat de film als geheel iets achterblijft bij ‘The Fast and the Furious’.

De toon van ‘Fast and Furious’ is, na de spetterende opening al direct vrij drukkend wanneer Toretto ervoor kiest om afscheid te nemen van zijn vriendin Letty (Rodriguez) omdat hij haar niet in gevaar wil brengen met zijn criminele levensstijl en verleden. Het is ook een interessante nieuwe dimensie voor het personage van Letty en actrice Rodriguez, die alleen jammer genoeg een wat kleine rol blijkt te hebben in de film. Toch probeert regisseur Lin duidelijk de mee dramatische kant op te zoeken, net als in die andere wedergeboorte in filmland, ‘Batman Begins’. Voor een deel is dit te prijzen. Inmiddels is de nieuwigheid wel van het autorace-thema af en moet er toch geprobeerd worden wat verdieping of verbreding toe te passen. En de dramatische rechtlijnigheid van Diesels personage is wel degelijk welkom in de film. Hij heeft één duidelijk doel, en de kijker wil dat hij dit bereikt. Toch werkt niet alle drama even goed en is vooral de grote onthulling en explosieve confrontatie tussen Toretto en O’Conner (zoals die er ook was in deel 1) eerder lachwekkend dan overweldigend of tragisch. Het is met name Walkers acteerwerk dat ernstig te kort schiet en pijnlijk duidelijk maakt dat hij niet veel meer is dan een mooie jongen. De acteur zal zich toch echt puur op actie moeten blijven richten in zijn verdere carrière.  Inhoudelijk is de film vaak wat simpel. Zo ligt het dualisme in het personage van Walker – door zijn undercoverwerk is hij ook een beetje een schurk geworden – er wel erg dik bovenop, en dit wordt te pas en te onpas via dialogen en zijn “stoere” gedrag naar de kijker gecommuniceerd. Zo slaat hij een collega op het politiebureau ongeveer tot pulp, heeft hij het regelmatig over het respect dat hij voor Toretto had (en heeft), en wordt er zelfs letterlijk in een scène gezegd dat hij zich af zou moeten vragen of hij nu goed of slecht is. De wrijving tussen Brian O’Conner en Mia (Brewster) komt een beetje gekunsteld over, met tamelijk houterige scènes, en de infiltratie in de bende van Campos en de uitwerking van deze verhaallijn vormt een redelijke anticlimax. Maar, ook al zou een boeiender inhoud prettig zijn, het is natuurlijk allemaal geen Shakespeare en de dramatiek is uiteindelijk ook niet waar het om draait. Wat dat betreft weet regisseur Lin wat zijn publiek wil: lekkere actie en eye-candy. En dat is allebei aanwezig.

Het op een nieuwe en interessante manier in beeld brengen van de races is keer op keer een uitdaging voor de filmmakers van deze reeks, en in dit deel lijkt de innovatie in eerste instantie een slechte keuze te zijn. De grote race in het begin van de film maakt gebruik van een navigatiesysteem en geanimeerde startmeisjes, wat het geheel nog meer als een videogame doet overkomen dan het al deed. Je ziet nu namelijk de race deels direct afgebeeld via het navigatiesysteem, wat de beleving in eerste instantie niet ten goede lijkt te komen. Maar het zorgt wel voor humor en overzicht (naast een moderne, “realistische” touch aangezien iedereen tegenwoordig met TomTom in de auto rijdt). Zo is het komisch wanneer Walker continu de uitgestippelde route negeert en over sluipweggetjes en door steegjes scheurt, en het GPS-systeem achter elkaar “rerouting!” roept omdat het een nieuwe route moet bedenken. En, hoewel het idealiter met kundig filmmaken zou moeten gebeuren, is het via het GPS-systeem wel direct zichtbaar waar iedereen zich ten opzichte van elkaar bevindt, wat voor spanning zorgt bij de kijker. De settings van de races zijn ook interessant, met achtervolgingen op woestijnvlaktes en enkele keren, wat leuk gevonden is, in een lange tunnel in een berg waarvan de uitgang binnen een bepaalde tijd dicht zal gaan. Dit laatste zorgt voor een claustrofobische sfeer en enkele momenten waarbij de kijker zijn adem even zal inhouden. Er had nog wat meer met deze scènes gedaan kunnen worden – (gedeeltelijke) instortingen waar steeds naar gehint wordt, blijven bijvoorbeeld uit – maar ze zijn zeker de moeite waard. Verder is er natuurlijk veel gerol met spierballen aanwezig – leuk zijn de confrontaties tussen Toretto en woesteling Fenix (Laz Alonso) – en is er het nodige vrouwelijk schoon. Regisseur Justin Lin toont, net als in ‘Tokyo Drift’, zijn liefde voor zoenende vrouwen weer, en is duidelijk van mening dat bh’s onder strakke shirtjes geheel overbodig zijn. Dit laatste is te zien wanneer zwoele femme fatale Gisele Harabo (Gal Gadot) Toretto probeert te verleiden, die vervolgens opmerkelijk veel zelfdiscipline toont door haar op vriendelijke, doch duidelijke manier af te wijzen met een amusante beschrijving van zijn ideale vrouw (80% duivel, 20% engel, en niet bang voor olie onder haar nagels).

‘Fast and Furious’ is ongeveer wat ervan verwacht kan worden. Het is een opwindende terugkeer naar vervlogen tijden die in de juiste dosering spetterende races, hete babes, en drama biedt, maar toch niet helemaal de sfeer van het origineel bereikt. Maar hoewel de film niet meer de nieuwe introductie in een onbekende cultuur is (en kan zijn), het familiegevoel wat ontbreekt, en de races minder organisch in het verhaal als geheel passen, is ‘Fast and Furious’ nog steeds een prima actiefilm. De prachtige bolides razen ouderwets furieus door het beeld, stoere blikken en vuistgevechten doen weer doorgaans het woord, en de pompende soundtrack maakt het feestje compleet. Het verplichte open einde ten spijt, zou dit een mooi punt zijn om de serie definitief over de finishstreep te laten gaan. ‘Fast and Furious’ doet dit stijlvol en met piepende banden.

Bart Rietvink

Waardering: 3

Bioscooprelease: 2 april 2009