Fight or Flight (2024)
Regie: James Madigan | 102 minuten | actie, komedie | Acteurs: Josh Hartnett, Charithra Chandran, Katee Sackhoff, Julian Kostov, Marko Zaror, JuJu Chan Szeto, Danny Ashok, Hughie O’Donnell, Jyuddah Jaymes, Willem van der Vegt, Sanjeev Kohli, Declan Baxter, Sarah Lam, Irén Bordán, Attila Árpa, Nóra Trokán
James Madigans ‘Fight or Flight’ is een film die, met een paar andere keuzes of een consistentere toon, zomaar een pulpy cultklassieker had kunnen worden. Of misschien geen klassieker maar wel een van begin tot eind heerlijk vermakelijke, knotsgekke, bloederige, trippy film. Een soort combinatie tussen ‘Fear and Loathing in Las Vegas’ en ‘Kung Fu Hustle’. Maar door de ‘dramatische’ laag in de film weet deze zijn potentieel helaas niet te bereiken. Aan hoofdrolspeler Josh Hartnett ligt het in ieder geval niet. Hij is de belangrijkste reden dat de film nog lange tijd zo vermakelijk is.
De meeste gelijkenissen vertoont ‘Fight or Flight’ waarschijnlijk met ‘Bullet Train’ (2022) van David Leitch. In deze film wilde Brad Pitts personage – een professionele moordenaar – ook een simpel lijkende klus afhandelen, maar bleek de trein vol te zitten met (andere) moordenaars die roet in het eten gooiden. ‘Fight or Flight’ is van hetzelfde laken een pak, maar dan in een vliegtuig en met het verschil dat (ex-)CIA agent Hartnett zijn doelwit niet hoeft te vermoorden maar juist moet beschermen.
Een grappig aspect is dat Lucas (Hartnett) het grootste gedeelte van de film half dronken, stoned en/of gedrogeerd doorbrengt. Wat soms betekent dat hij nauwelijks kan terugvechten als hij wordt aangevallen, onzin uitkraamt, of allerlei kleurrijke scènes hallucineert, alsof in hij in een Dragonball anime of Street Fighter-game terecht is gekomen. Terwijl sommige andere bloederige momenten weer meer doen denken aan de lichamen splijtende ‘humor’ van Mortal Kombat. Kort gezegd zijn er heel wat creatieve vechtscènes om van te genieten.
De allereerste scène stort de kijker – zonder introductie of context – meteen middenin de actie in het vliegtuig, met op elkaar af rennende passagiers die elkaar naar het leven staan, met allerlei wapens en hulpstukken, waaronder – hoe kan het ook anders – een kettingzaag. Het zet meteen goed de toon en zorgt ervoor dat de kijker niet kan wachten totdat dit gedeelte van de film aanbreekt.
Het duurt wel even voordat Lucas op het vliegtuig zit en de actie losbarst maar gelukkig is de vertolking van Hartnett boeiend genoeg om ons door het maar weinig interessante achtergrondverhaal heen te loodsen. Lekker dik aangezet en met een fijne dosis sarcasme en cynisme neemt hij de kijker mee op zijn doldwaze reis.
Het blijft dan wel jammer dat de film zelf soms andere ideeën heeft en op momenten te veel vastloopt in afgezaagde intriges en achterkamerspelletjes. Katee Sackhoff probeert als Lucas’ (voormalige) leidinggevende vanuit haar hoofdkantoor haar scènes nog een beetje sjeu te geven door voortdurend intimiderend te kijken en iedereen – vooral agent Aaron Hunter (Julian Kostos) – voor rotte vis uit te maken, maar het mag niet baten: deze scènes halen simpelweg te veel vaart uit de film en houden de aandacht nauwelijks vast. Het is dan vooral afwachten tot we weer terug mogen naar het vliegtuig.
Maar zelfs dáár is niet alles non-stop lol en vermaak. In plaats van volop de chaos en anarchistische, pulpy actie te ‘ownen’, vonden Madigan en zijn schrijvers (Brooks McLaren en D.J. Cotrona) het kennelijk nodig om een moraliserend of relativerend element toe te voegen. Terwijl dit wel het laatste is wat je hier zou verwachten of waar de kijker behoefte aan heeft. Vreemd. Het is alsof regisseur James Madigan niet onbeschaamd los durft te gaan. Wellicht besloot een producent ineens aan de handrem te trekken en was er een tegenwicht nodig voor het over-de-top geweld.
Niet dat dit de film echt laat zinken (of neerstorten) maar als alle politiek correcte en generieke praatscènes achterwege hadden kunnen blijven en we in plaats daarvan nog meer hadden kunnen genieten van cartoony actie, creatieve visuals en vondsten en de aanstekelijke energie van Hartnett, had ‘Fight or Flight’ een door-en-door vermakelijke genrefilm kunnen worden. Nu is er best veel erg geinig, maar is het geheel toch een gevalletje ‘net niet’. Al is er op zijn minst één geweldige vondst die maakt dat je de film nog een keer wilt zien of aan je vrienden aan zou willen raden. Laten we zeggen dat je na het zien van de film nooit meer naar de overhead bagageruimte in het vliegtuig zal kunnen kijken zonder te grinniken of glimlachen.
Bart Rietvink
Waardering: 2.5
VOD-release: 27 februari 2026 (Pathé Thuis)
DVD- en blu-ray-release: 8 april 2026
