Frida – Viva la vida (2019)

Recensie Frida - Viva la vida CinemagazineRegie: Giovanni Troilo | 90 minuten | documentaire | Met: Asia Argento

De meeste kunstenaars blijken een roerig leven geleid te hebben als er een documentaire over wordt gemaakt. Dat is bij de Mexicaanse Frida Kahlo niet anders. Regisseur Giovanni Troilo (‘Water Lilies of Monet – The Magic of Water and Light’) neemt ons mee in haar wereld vol kleur, dualisme, drama, ziekte, liefde en de passie voor Mexico.

Dit land vol bruisende muziek, heerlijk eten en levendige kleuren is de plek waar Kahlo opgroeit begin 1900. Ze heeft een eenvoudige jeugd, maar gekenmerkt door een warm thuis met drie zussen en haar ouders. Als kind krijgt ze polio, waardoor ze mank loopt. Maar daarmee is haar medisch dossier nog niet gesloten. Als op een dag in 1925 het noodlot toeslaat en ze samen met haar eerste vriendje Arias een zwaar ongeluk in het openbaar vervoer krijgt, raakt ze voor lange tijd aan bed gekluisterd. Ze heeft een geperforeerde maag en baarmoeder door de handrailing van de bus die haar doorboord heeft, haar been is zwaar verbrijzeld en haar ruggengraat en wervels zijn op drie plaatsen gebroken.

Tijdens haar voortdurende en moeizame herstel, merkt Frida dat ze zich begint op te splitsen in twee personen: Frida het slachtoffer en Frida de vrije jonge vrouw. Dat laatste vertaalt zich in de eerste van een reeks fascinerende kleurrijke zelfportretten. Kenmerkend is haar eerlijke kijk op haar uiterlijk. Ongeëpileerde wenkbrauwen en opmerkelijke beharing op haar bovenlip ontbreken niet. Ze schildert zichzelf in al haar werk met de opvatting: “Ik schilder mezelf want die ken ik het beste.”

Haar vader (een fotograaf) ziet de creativiteit die zich ontvouwt en hangt een spiegel boven haar bed, zodat ze zichzelf liggend kan schilderen. Na maanden van revalidatie herstelt ze redelijk en geniet ze voorzichtig weer van het leven in Cachuchas, ook al loopt de kalverliefde met Arias op de klippen wat haar intens verdrietig maakt.

Drie jaar later wordt ze voorgesteld aan Diego Rivera, eveneens een kunstenaar, en ze trouwen een jaar later ondanks het leeftijdsverschil van twintig jaar. Diego en zij zijn zielsverwanten en lange tijd lijkt het leven haar toe te lachen. Voor het revolutionaire werk van Rivera verlaten ze Mexico om neer te strijken in Detroit, een plek die Frida altijd heeft gehaat. De Amerikaanse stad straalt geen naastenliefde en menselijkheid uit zoals in haar eigen Mexicaanse dorp. Frida is diep ongelukkig, maar haar zwangerschap maakt een groot verschil. Ze is in de wolken, maar ’t mocht niet zo zijn. De eerste miskraam laat Frida opnieuw leeg achter. Helaas zullen er nog meer volgen. Door haar ongeluk met de bus is kinderen krijgen een vervlogen droom geworden en als Diego vreemdgaat met de jongere zus van Frida, Cristina, is het genoeg geweest voor de kunstenares. Een begrijpende keuze totdat ze jaren later vriend en vijand verrast door opnieuw met Diego te trouwen.

Al deze gebeurtenissen vinden een thuis op haar schilderdoeken. Zo schildert ze in 1932 bijvoorbeeld het beroemde “Henry Ford Hospital”, waar ze haar ongeboren kind verloor. Als kijker wordt ons deze achtergrondinformatie verteld door Asia Argento, een Italiaanse actrice, schrijver en zangeres. Ook kennen we haar als vriendin van de overleden chef-kok Anthony Bourdain en ze was een van de boegbeelden van de #MeToo beweging. Saillant detail is dat ze zelf als 37-jarige een grensoverschrijdend incident had met een 17-jarige jongen.

Asia vertelt in dramatisch uitgelichte intermezzo’s over de gedachten en ervaringen van Frida die bijgestaan worden door dromerige non-verbale tussenshots van een jonge Frida. Je mag je oprecht afvragen wat deze artistieke beelden bijdragen aan de documentaire ‘Frida. Viva la Vida’. Heel schools wordt verteld wat je ziet in de schilderijen, maar waarom ze zo schilderde en ook met welke techniek ze te werk ging, wordt niet aangeroerd. Frida was een kei in storytelling, want haar werk toont echte en vaak meerdere levensverhalen op een canvas. De afstandelijke voice-over van Argento die plastisch en nodeloos uitlegt wat je op het doek moet zien, voegt daarentegen weinig toe. Daarom blijft deze documentaire ook een beetje achter op de voorganger van Troilo over Claude Monet waar je als kijker veel meer werd meegenomen in de schaduw van de Franse impressionist, bijna als een leerling schilder.

Kunst moet je met je eigen interpretatie benaderen en als het voorgekauwd wordt, is het niet langer jouw eigen beleving. In dit werk wordt te weinig ingegaan op tijdsgeest van de jaren 30 en 40 in Mexico en de kunststroming die daaruit voorkomt. Gelukkig voegen de interviews van het bevlogen museum personeel en lokale kunstkenners warmte en authenticiteit toe aan ‘Frida. Viva la Vida’. Dat is een aangename kruisbestuiving met het warme kleurgebruik van de schilderkunst van deze bijzondere, levenslustige en volhardende vrouw, hoe tragisch haar bestaan van tijd tot tijd ook was. Ze werd 47 jaar oud, maar aan de liefde voor het leven ontkom je simpelweg niet.

Lisette van der Meij

Waardering: 2.5