George Michael: A Different Story (2005)

Regie: Southon Morris | 93 minuten | muziek, documentaire | Met: George Michael, Elton John, Geri Halliwell, Sting, Mariah Carey, Boy George, Noel Gallagher, Martin Kemp, Simon Cowell, Boy George, Andrew Ridgeley, Kenneth Goss, Pepsi & Shirlie

“Wake me up before you go go”, “Club Tropicana”, “Last Christmas”: het is nostalgie alom in de documentaire ‘A Different Story’, die het professionele en persoonlijke leven van superster George Michael in kaart brengt. Want een superster, dat is ‘ie. Al toen hij samen met Andrew Ridgeley de populaire popgroep Wham! vormde, kon opgemerkt worden dat er een groot talent opgestaan was. Het kón opgemerkt worden, wel te verstaan, want hoewel de groep bijzonder populair was, vestigde de twee vrienden vooral de aandacht op zich met hun maffe roze shorts en jolige gedrag. Het had er de schijn van, tenminste voor de media, dat Wham! niet meer dan een simpel hobbybandje was van een paar vrienden die wat lol wilden hebben. Ondanks het grote succes werd de band duidelijk onderschat binnen en buiten de muziekindustrie. Wanneer Martin Kemp van Spandau Ballet in de documentaire gevraagd wordt of hij geen rivaliteit voelde met Wham! reageert hij laconiek dat hier geen sprake van was omdat hij Wham! waardeloos vond. Dat is inmiddels wel veranderd.

George Michael zelf kijkt er ook met verbazing op terug. Natuurlijk deden ze uitbundige dingen en hadden ze veel lol, maar deze uiterlijke kenmerken overschaduwden op een gegeven moment het feit dat George als twintigjarige toch maar even zelf alles arrangeerde en produceerde. Behoorlijk opmerkelijk. Echter, hier werd nauwelijks aandacht aan besteed in de pers. Dat Michael, echte naam Georgios Kyriacos Panayioutou (hij is half Grieks), wel degelijk muzikale, en tekstuele, kwaliteiten bezit is duidelijk geworden voor de gehele wereld toen hij besloot met Wham! te stoppen om solo verder te gaan en zo te kunnen groeien als muzikant. Met ‘Faith’ werd hij groter dan hij ooit had gedroomd. De Engelsman veroverde nu eindelijk de V.S. en werd (daar) de bestverkopende artiest van 1988, waarmee hij zijn ultieme doel bereikt had. Echter, het was op dit punt dat hij een “reality check” nodig had. Hij vond ook wel dat het allemaal wat te gek werd. Zo meende hij dat ‘Faith’ toch wel een beetje overschat werd in de V.S. – zó goed als men in de pers deed voorkomen, was het album nu ook weer niet. Ook werd het succes hem duidelijk te veel toen bleek dat hij zijn vrienden verwaarloosde, die op een gegeven moment zelfs in gevecht raakten met George’s beveiliging, alleen omdat ze met hem wilden stappen. Tenslotte realiseerde George dat zijn seksuele geaardheid wel eens een probleem zou kunnen worden. Zo stelt hij in de docu: “Oh mijn God, ik ben de grootste ster die er is, en misschien ben ik wel een nicht. Wat nu?”. In ieder geval wilde hij een stapje terug doen, wat men in Amerika onbegrijpelijk vindt. Want waarom zou je ontevreden zijn met zoveel succes? Daar kun je toch niet vrijwillig afstand van doen?

Al deze overpeinzingen, en nog veel meer, komen aan de orde in Southon Morris’ documentaire over het leven van deze grote popster. Openhartig vertelt Michael, geassisteerd door collega’s en vrienden als Andrew Ridgeley, Elton John, Boy George, Sting, Mariah Carey, Kenny Goss en David Austin, over zijn turbulente leven, van zijn jeugd tot nu (of 2004, om precies te zijn). De documentaire kan beschouwd worden als het laatste (en vaak eerste) woord van George Michael zélf over zijn eigen persoon. De mogelijkheid om alles nu eens goed aan het publiek uit te leggen en zichzelf bloot te geven. Zo werd er over van alles en nog wat gespeculeerd en zou Michael zich bewust verbergen voor de media, wat volgens eigen zeggen niet het geval was. Sterker nog, op bepalende momenten deed hij bijna het tegenovergestelde. Zo ging hij, toen hij net in opspraak was gekomen door het hele wc-incident, gewoon met vrienden op stap om ergens te dineren, tegen al het advies in dat hem gegeven werd. “Typisch iets voor George” bevestigen verschillende vrienden van hem in de docu. Ook de manier waarop hij de media ontdeed van munitie door het incident meteen expliciet te gebruiken in zijn volgende clip, ‘Outside’, is kenmerkend voor zijn manier van aanpakken, en is volgens Martin Kemp de perfecte manier om het op te lossen.

Een groot deel van de documentaire gaat over George’s gevoelens voor zijn grote liefde Anselmo, die hij aan AIDS heeft verloren, en om wie hij een kleine vier jaar heeft gerouwd. Hij ontmoette hem tijdens zijn eigen concert in Brazilië, waar Anselmo vooraan stond en George indringend aankeek, die meteen verkocht was. Nu er geluk en liefde was, kon hij zich ook blij voelen over zijn geaardheid, die hem daarvoor alleen maar obstakels bezorgde. Des te zwaarder was het dan ook toen hij hem moest verliezen. Dramatisch een krachtig gegeven is het om te beseffen dat George tijdens het concert voor Freddie Mercury zowel voor deze overleden ster zong als voor zijn eigen vriend die in het publiek stond en van wie hij wist dat hij wel eens heel snel zou kunnen overlijden. Volgens eigen zeggen zorgde dit voor zoveel emoties op het podium, dat het af en toe net voelde alsof hij (zelf) dood ging. Het resultaat was echter dat hij één van de beste optredens van zijn carrière gaf. Wanneer we gelijktijdig met Michaels woorden de beelden zien van het optreden – zijn uitvoering van ‘Somebody to Love’ – zorgt dit voor een geheel nieuwe dimensie in de ervaring hiervan. Je krijgt er een brok van in je keel, en wanneer het applaus losbarst wil je spontaan mee gaan doen als ontlading voor de ontstane emoties.

Maar we zien en horen nog veel meer: Michaels uitspraken tegen de oorlog in Irak, zijn hiermee samenhangende song ‘Shoot the Dog’, zijn rechtszaak tegen Sony, en zijn verschillende albums en optredens van de laatste tijd, die de fans na lange tijd eindelijk weer in hun behoeften voorzag.

De documentaire is een must voor fans van de ster, maar ook mensen die slechts oppervlakkig geïnteresseerd zijn in de man krijgen een interessant en veelzijdig relaas te zien van het professionele leven van deze muzikant en zijn “verhouding” met de industrie en de pers. Voor de fans is het erg leuk om hem na zo’n twintig jaar eindelijk weer herenigd te zien met een kalende Andrew Ridgeley, met wie hij weer ouderwets veel lol heeft, alsook met Wham!’s achtergrondzangeresjes Pepsi en Shirlie. Het commentaar van de andere artiesten is niet altijd even veelzeggend, maar vormt toch wel interessante afwisseling met de getoonde clips en interviews met George zelf (al kun je je afvragen wat Mariah Carey erbij doet, aangezien ze de man duidelijk niet kent, en ook professioneel gezien niets met hem te maken heeft gehad). De enige echt onaardige uiting ten opzichte van het subject komt van de immer narrige Noel Gallagher van Oasis. Boy George klaagt dat hij geen humor of zelfspot bezit, waarop Elton John reageert dat Boy George waarschijnlijk gewoon jaloers is op George’s talent.

Alle positieve punten ten spijt, had er toch meer uitgehaald kunnen worden. Zo zegt George in het begin van de docu even tussendoor dat hij waarschijnlijk geen professionele artiest had kunnen blijven als hij te vroeg aan zijn ouders had verteld dat hij homoseksueel was. Dan dient zich natuurlijk meteen de vraag op hoe zijn ouders reageerden toen zijn geaardheid duidelijk werd. Maar hier wordt niet op in gegaan. Wat verder erg interessant is, is dat George aan het einde van de docu verklaart dat hij toch wel jaloers is op Andrew Ridgeley’s leven. Dat hij best met hem had willen ruilen. Het was leuk geweest als Andrews leven een beetje belicht was geweest, ten gunste van het contrast met het leven van George. Verder komen veel liedjes langs, maar leren we weinig over het schrijfproces of George’s diepere gedachten bij of motivaties voor zijn liedjes. Tenslotte was het ook verrijkend geweest wanneer iets meer van zijn gekke of moeilijke kant, die door vrienden af en toe aangehaald wordt, zichtbaar was geweest om nog een beter beeld te kunnen krijgen van George Michael als persoon.

Maar we mogen onze handen dichtknijpen met wat we krijgen: een openhartige, zelfkritische, en geestige George Michael in een documentaire die een volledig overzicht geeft van zijn professionele leven (om te beginnen). We krijgen veel clips en optredens (ook zeldzame) te zien, en de aanwezige vrienden en collega’s zorgen voor een passend nostalgisch gevoel. Passend, want de George die we kenden, of hebben gekend zal nauwelijks meer in de openbaarheid treden. Hij wil muziek blijven maken – die via internet te downloaden zal zijn – maar wil eerder een stapje omlaag doen dan omhoog. Tournees zitten er ook niet meer in; dat wil zeggen, na zijn afscheidstournee in 2006. Het maakt van deze documentaire dan ook feitelijk een soort afscheidscadeau aan zijn fans. De ultieme mogelijkheid om de échte George te leren kennen. Afgezien van het luisteren naar zijn liedjes zelf natuurlijk.

Bart Rietvink