Gertrud (1964)
Regie: Carl Theodor Dreyer | 116 minuten | drama, romantiek | Acteurs: Nina Pens Rode, Bendt Rothe, Ebbe Rode, Baard Owe, Axel Strøbye, Karl Gustav Ahlefeldt, Vera Gebuhr, Carl Johan Hviid, William Knoblauch, Lars Knutzon, Anna Malberg, Edouard Mielche, Valsø Holm, Gurli Plesner, Ole Sarvig
De laatste film van regisseur Carl Theodor Dreyer ,’Gertrud’, gebaseerd op een toneelstuk van Hjalmar Söderberg uit 1907, gaat over liefde alsof het het ware geloof is. De liefde van en voor een ander is heilig en moet vooral puur zijn. Althans voor het titelpersonage. Helaas loopt het vaak anders, alleen al omdat mensen verschillend kunnen denken over de passie voor de ander. Ondanks dat het verhaal zich aan het begin van de twintigste eeuw in Stockholm afspeelt, zijn de personages en hun gevoelens modern dubbelzinnig en wrang invoelbaar.
Gertrud (Nina Pens Rode), voorheen operazangeres, is gehuwd met de advocaat en politicus Gustav Kanning (Bendt Rothe). Aan de vooravond dat hij ‘ja’ kan zeggen tegen een ministerpost in het Deens kabinet, kondigt Gertrud aan dat ze van hem wil scheiden. Hoewel ze eerst geen duidelijke reden geeft aan haar echtgenoot, komt de aap al snel uit de mouw. Ze is tot over haar oren verliefd op een ander geworden. Die ander is de jongere en muzikale rijzende ster Erland Jansson (Baard Owe). Maar Gustav wil zijn huwelijk nog niet opgeven. Echter wat wil Gertrud? En wat wil de liefde van haar? Evenals voor bijna iedere kijker in het donker is die laatste vraag allesbehalve eenvoudig.
Verheven door de delicate zwart-wit fotografie zindert het aan de binnenkant van de keurige mensen in ‘Gertrud’. De ster van de show is naar binnen gekeerd, tegelijk is ze vurig. Ondanks dat Gertrud weinig zelfmedelijden heeft, ruïneert ze zichzelf mogelijkerwijs met haar scrupuleuze houding ten opzichte van liefde. In de vrijheid die ze zoekt bij een partner, is ze bijna onbuigzaam romantisch.
De lange takes waarin de personages praten over hun gevoelens maar ook veel tegen de borst houden, zijn kenmerkend intens bij Dreyer. Tegelijk zijn de personages verstild, kunnen ze zich moeilijk neerleggen bij wat de ander denkt en doet. Tevens een vrouw in een sterk patriarchale samenleving, is Gertrud van deze emotionele impasses het grootste slachtoffer. Tegelijk zijn haar romantisch benijdenswaardige idealen torenhoog. Zo hoog dat ze soms alleen in een onbereikbare wereld lijken te bestaan.
Heel lang wilde Dreyer een film maken over het leven van Jezus. Dat is er nooit van gekomen. Maar een zekere martelaarschap zit in al zijn speelfilms. Vaak worstelen zijn protagonisten met het geestelijke tegenover het lichamelijke. En hoewel er nauwelijks bloot zit in Dreyers oeuvre, zindert het altijd onder het oppervlak. Hoe koud de monden woorden in ‘Gertrud’ ook opdienen, bloedt er een eeuwig verlangen uit al haar poriën.
Roy van Landschoot
Waardering: 4
