Havana (1990)

Regie: Sydney Pollack | 140 minuten | drama, romantiek | Acteurs: Robert Redford, Lena Olin, Alan Arkin, Tomas Milian, Daniel Davis, Tony Plana, Betsy Brantley, Lise Cutter, Richard Farnsworth, Mark Rydell, Vasek Simek, Fred Asparagus, Richard Portnow, Dion Anderson, Carmine Caridi, James Medina, Joe Lala, Salvador Levy, Bernie Pollack, Owen Roizman, Victor Rivers, Alex Ganster, René Monclova, Miguel Ángel Suárez, Segundo Tarrau,  Félix Germán, Giovanna Bonnelly, David Jose Rodriguez, Franklin Rodríguez, Hugh Kelly, Adriano González, Raúl Rosado, Miguel Bucarelly, Raul Julia

Sydney Pollack (1934-2008) begon zijn carrière ooit als acteur en hoewel hij dat vak nooit vaarwel heeft gezegd, beleefde hij zijn hoogtijdagen vooral als regisseur. Begin jaren zestig zette hij voorzichtig zijn eerste schreden als cineast, toen hij verantwoordelijk was voor enkele afleveringen van de spannende tv-serie ‘The Alfred Hitchcock Hour’. Zijn eerste speelfilm was ‘The Slender Thread’ (1965), met Sidney Poitier en Anne Bancroft in de hoofdrollen. Zijn volgende film, ‘This Property is Condemned’ (1966), was Pollacks eerste samenwerking met Robert Redford: er zouden nóg zes films volgen, waaronder ‘Three Days of the Condor’ (1972) en ‘Out of Africa’ (1985). Handelsmerk van Pollack was de klassieke, historische dramafilm met een sterrencast, maar ook thrillers, romantische films en komedies prijken op zijn palmares. Dat Pollack zelf acteur was, is terug te zien in zijn regiewerk: in vrijwel al zijn films wordt uitstekend geacteerd.

‘Havana’ (1990) was de laatste film die Pollack maakte met Robert Redford in de hoofdrol. Redford hangt als professioneel pokerspeler Jack Weil rond in de casino’s van Havana, dat op het punt staat te worden binnengevallen door de rebellen van Fidel Castro. Net nu hij op het punt staat om tegen de grote mannen te spelen, wordt hij afgeleid door de mooie Bobby (Lena Olin), die hij zonder vragen te stellen helpt een radio de stad in te smokkelen. Bobby blijkt getrouwd te zijn met revolutionair Arturo Duran (Raul Julia). Maar als hij door de stromannen van dictator Batista wordt opgepakt en de kranten melding maken van zijn overlijden, ziet Jack zijn kans schoon. Bobby loopt gevaar en hij zou haar graag beschermen. Jack is zo in de ban van deze prachtige vrouw, dat hij zijn pokerpotje compleet vergeet. Met gevaar voor eigen leven zet hij een ontsnapping naar de Verenigde Staten op touw, aan de vooravond van de inval van de rebellen in Havana.

De parallellen zijn overduidelijk: ‘Havana’ moest een moderne versie worden van de klassieker ‘Casablanca’ (1942). En hoewel de hoofdpersoon Jack heet en niet Rick en de ontsnapping over het water moet plaatsvinden in plaats van door de lucht, kan iedereen die ‘Casablanca’ gezien heeft ook wel invullen hoe ‘Havana’ afloopt. De overeenkomsten met Pollacks eigen ‘Out of Africa’ zijn eveneens opvallend. Origineel kun je ‘Havana’ dus niet noemen, al moet gezegd worden dat de Cubaanse revolutie interessante mogelijkheden biedt. Het is dan ook jammer dat schrijvers Judith Rascoe en David Rayfiel daar niet meer mee gedaan hebben. Het zwaartepunt ligt bij de ontluikende romance tussen Redford en Olin, de revolutie lijkt haast ‘toevallig’ aan de gang te zijn op de achtergrond. Daar is op zich niets mis mee, ware het niet dat ook de romance niet helemaal weet te overtuigen. Goed, Redford is nog steeds een aantrekkelijke man en de stralende Olin is hier absoluut op haar mooist, maar de chemie tussen de twee is jammer genoeg ver te zoeken.

Het is veelzeggend dat de film opleeft zodra Raul Julia in beeld komt. De helaas veel te vroeg gestorven acteur (1940-1994) krijgt maar weinig screentime maar zuigt werkelijk alle aandacht naar zich toe. Overigens staat Julia niet op de aftiteling. Hij koos daar zelf voor, omdat de producenten hem niet naast Redford op de bill wilden hebben. Alan Arkin, die de cynische, haast uitgebluste casinobaas Joe Volpi speelt, brengt net als Julia wat leven in de brouwerij. Helaas blijft ook zijn bijdrage beperkt. Waar het scenario en de hoofdrolspelers wat tegenvallen, haalt ‘Havana’ op visueel vlak wel een dikke voldoende. Uiteraard kon niet op Cuba zelf gefilmd worden, maar de sets – onder meer nagebouwd op een vliegbasis in de Dominicaanse Republiek – zien er zeer verzorgd uit. Ook de muziek is van behoorlijke toegevoegde waarde. De originele score van Dave Grusin werd niet voor niets genomineerd voor zowel een Oscar als een Golden Globe.

‘Havana’ biedt zeker geen onaangename ervaring, maar mist simpelweg een eigen ‘smoel’. De romantische klassiekers waar Pollack zich op gebaseerd heeft, zitten zo veel beter in elkaar dat elke vergelijking mank gaat. Misschien moeten we ‘Havana’ daarom maar op z’n eigen waarden beoordelen. Wie houdt van romantisch drama tegen de achtergrond van belangrijke gebeurtenissen uit de wereldgeschiedenis kan hier zeker mee uit de voeten. Ben je wat minder bevooroordeeld, dan is ‘Havana’ een langdradig maar – vooral dankzij de aardige bijrollen – aangenaam tijdverdrijf, dat echter de glans mist om écht indruk te maken.

Patricia Smagge