Indochine (1992)

Regie: Régis Wargnier | 151 minuten | drama, romantiek | Acteurs: Catherine Deneuve, Vincent Perez, Linh Dan Pham, Jean Yanne, Henri Marteau, Dominique Blanc, Carlo Brandt, Gérard Lartigau, Hubert Saint-Macary, Andrzej Seweryn, Mai Chau, Alain Fromager, Chu Hung, Jean-Baptiste Huynh, Thibault de Montalembert

Iedereen kent Vietnam van de oorlog in de jaren zestig: Amerika en Vietnam zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wat veel minder mensen weten is dat Frankrijk en Vietnam misschien nog wel veel nauwer en vooral ingewikkelder met elkaar verbonden zijn. Vietnam is als Indochina decennia lang een Franse kolonie geweest waar de Fransen met harde hand regeerden, om uiteindelijk toch de strijd om het land te verliezen. Wat dat betreft hadden de VS veel van de Franse fouten kunnen leren. Als ‘Indochine’ namelijk iets duidelijk maakt is het wel dat de Fransman en de Vietnamees elkaar, ondanks die jarenlange binding, nooit begrepen hebben. De bijna slaafse Vietnamezen bleken plotseling een stuk taaier en zelfstandiger dan gedacht.

Die maatschappelijk-historische achtergrond is in ‘Indochine’ echter alleen een decor. De film speelt er zich in af en de levensverhalen van de hoofdpersonen worden er ook door beïnvloed, maar echt zich op de onderlinge verhoudingen, laat staan op de Vietnameze cultuur, geeft ‘Indochine’ nauwelijks. ‘Indochine’ is namelijk vooral een liefdesepos over twee Fransen en een Vietnameze.

Eliane is een celibatair levende vrouw van middelbare leeftijd. Haar grote liefde heeft ze nooit kunnen vinden: ze heeft een losvastrelatie met politiebaas Guy en steekt al haar energie in de rubberplantage en in haar geadopteerde dochter Camille, de enige voor wie ze echte liefde lijkt te kunnen opbrengen. Totdat Jean-Baptiste in haar leven komt. Deze jonge Franse officier voelt zich niet thuis in Vietnam en komt in gewetensnood na een harde represaillemaatregel onder zijn bevel. Deze knappe, maar ietwat labiele Jean-Baptiste valt als een blok voor de oudere Eliane, en zij voor hem: een liefde die eigenlijk onmogelijk is, weten beiden.Het verhaal wordt ingewikkelder als Camille erbij betrokken raakt. Jean-Baptiste en Eliane hebben hun relatie al weer verbroken, als Jean-Baptiste Camille weet te redden tijdens een schietpartij in de straten van Saigon. Camille is op slag verliefd, en als Eliane hier achter komt, doet ze alles om Jean-Baptiste en Camille van elkaar te scheiden. Waarom? Omdat ze zelf nog van hem houdt, omdat ze Camille de labiele liefde van Jean-Baptiste niet wil aandoen: wie zal het zeggen… Pas na deze inleiding, toch zeker meer dan een uur verder, begint het echte verhaal: de levens van de drie hoofdpersonen raken gescheiden van elkaar. Jean-Baptiste dient zijn vaderland in een afgelegen hoek van Vietnam, Eliane blijft op de plantage en Camille wordt uitgehuwelijkt om er daarna vandoor te gaan, op zoek naar Jean-Baptiste.

Die zoektocht wordt het centrale punt van de film: Camille reist door haar vaderland en ontdekt hoe zwaar het leven onder de Franse onderdrukking en onder de feodale structuur is. Het is eigenlijk de enige fase in de film waarin de politieke achtergrond iets naar voren komt. Via de nodige rondzwervingen vinden Camille en Jean-Baptiste elkaar, maar moeten beiden samen meteen op de vlucht: Jean-Baptiste omdat hij deserteert en Camille omdat ze een Franse officier heeft gedood. Eliane hoort pas weer iets van ze als Jean-Baptiste hun zoontje Etienne bij haar aflevert: zowel Jean-Baptiste als Camille zijn dan gevangengenomen en zullen hun kind niet meer zien. Eliane voedt haar kleinkind op en vertelt twintig jaar later, aan de vooravond van Vietnams onafhankelijkheid, dit liefdesverhaal aan Etienne. Genoeg dramatische verwikkelingen dus in ‘Indochine’: het verhaal is een echt lyrisch epos, compleet met bombastische muziek en een exotische achtergrond.

Kosten noch moeite zijn gespaard om ‘Indochine’ de grandeur te geven die zo’n episch liefdesverhaal behoort te hebben volgens de regels van lyrische dramatiek. Ongetwijfeld hebben al die toeters en bellen ook geholpen om de nodige prijzen in de wacht te slepen, waaronder zelfs de Oscar voor beste buitenlandse film. Ondanks al die pracht en praal en de prijzen daarvoor, kan ‘Indochine’ echter niet verhullen dat het nogal wat zwakheden kent. Catherine Deneuve haalt haar niveau wel, maar de andere hoofdrollen willen maar niet meer worden dan oppervlakkige en overgeacteerde clichés: Vincent Perez als Jean-Baptiste is vooral goed in gepijnigd of wanhopig kijken.

Het erge is echter dat dit waarschijnlijk ook de bedoeling is van de makers van ‘Indochine’: ontdaan van alle tierelantijnen is het verhaal en zijn de personages niets meer en minder dan een streekromannetje met personen die vooral uitblinken in hartstochtelijk zuchten en bedrukt kijken. Het resultaat is dat ‘Indochine’ een met vakmanschap gemaakte, maar dodelijk saaie en clichématige film is geworden: schitterende beelden en enkele goede acteurs, maar verder vooral een dun verhaal en onwaarachtige liefdesperikelen tegen een interessante politieke achtergrond die niet meer dan een decorstukje mag worden. Een gemiste kans.

Daniël Brandsema