Interview Margien Rogaar (Jippie No More!)
Net voor de feestdagen verschijnt ‘Jippie No More!’ (2023), een familiefilm van regisseur Margien Rogaar (‘Lampje’, 2022-2023) en scenarist Fiona van Heemstra (‘Knor’, 2022). De film vertelt het verhaal van een zeskoppig gezin, waarvan de zestienjarige zoon Jippie het Downsyndroom heeft. Net wanneer zijn oudste zus gaat trouwen, wordt hij voor het eerst verliefd. Maar het gaat de regisseur eigenlijk niet om het Downsyndroom; het gezin staat centraal. Rogaar: “Je dompelt je onder in de sfeer van dat gezin en je komt ergens weer bovendrijven.”
Ierland
‘Jippie No More!’ speelt zich af in en rond een groot Betuws landhuis, waar Jippies opa Willem (Aus Greidanus Sr.) woont. Maar ooit lag er het plan om de film in Ierland te laten plaatsvinden. De regisseur legt uit waarom: “We vonden het belangrijk dat deze familie echt even weggaat uit hun dagelijkse routine naar een afgelegen plek, omdat daar dan een heel nieuwe wereld ontstaat.” Maar toen kwam corona, waardoor het onzeker was of ze ooit nog wel in het buitenland zouden kunnen filmen. Een locatie in Nederland paste ook beter bij het concept van green filmmaking, waar zij en producent Iris Otten (van Juliet at Pupkin) voorstander van zijn. Droogjes merkt Rogaar op: “Dan moet je natuurlijk niet met een hele crew naar Ierland gaan.”

Rommel
Rogaar vertelt ook over de zoektocht naar het juiste landhuis: “Het moest natuurlijk echt een plek zijn die van opa Willem is. Het huis is eigenlijk een personage, dus het moest heel specifiek zijn. We kwamen toen bij dit huis en dat had zo’n mooi verhaal. De bewoners hadden een heel specifieke sfeer in dat huis en in die schuur. Dat sprak ons meteen aan.” In de film is de schuur, die als trouwzaal moet dienen, helemaal volgestouwd met spullen. Daarover vertelt Rogaar: “Er zijn vier vrachtwagens met zooi uit allerlei kringlopen zo daar in die schuur geladen.” Daarna moest de ruimte van helemaal vol naar helemaal leeg. “Die draaidagen moet je heel goed plannen, want het kost gewoon heel veel tijd om de rommel die je maakt weer op te ruimen. De art direction lijkt eenvoudig, maar het is echt heel complex geweest.”
Winter
De film had eigenlijk in de zomer moeten plaatsvinden, maar het werd de winter. Dat had te maken met de onzekere planning van de televisieserie ‘Lampje’, die Rogaar in de periode ervoor maakte. Daardoor veranderde ook het tijdschema van ‘Jippie No More!’. Rogaar overwoog nog om in september te filmen, maar dat vond ze toch geen goed idee. “Je kunt in september echt slecht weer hebben,” zegt de regisseur, “en als je moet doen alsof het zomer is, dan is dat helemaal niet leuk.” Ze besloot de planning dan ook verder door te schuiven en er een winterverhaal van te maken. Dat had ook voordelen: “Meestal is een bruiloftsfilm een zomerfilm,” legt Rogaar uit, “dus ik vond het wel goed om daar een keer tegenin te gaan. En het is hartstikke mooi daar in de Betuwe in de winter, met allemaal bevroren spinnenwebben, rijp op de velden en rookwolkjes, die uit je mond komen.”

Teleurstellingen
Jippie wordt gespeeld door Wesley van Klink, die het Downsyndroom heeft. Zijn er vooraf gesprekken gevoerd over de vraag hoe zijn personage gerepresenteerd zou moeten worden? Rogaar: “We zijn langs scholen gegaan en hebben met gezinnen gebeld, om te checken of we op de goede weg zaten. We wilden ook geen verhaal vertellen dat helemaal niet conform de werkelijkheid is.” De jongens die op auditie kwamen, brachten haar ook op ideeën. “Je komt er dan heel snel achter dat er niet slechts één beeld is dat je kunt schetsen.” Tegelijkertijd benadrukt ze dat de film niet gaat over hoe het is om met het Downsyndroom te leven. “Dat is één van Jippies kanten. Hij heeft een droom, die droom valt in duigen en het gaat er meer om dat zijn vader, die hem heel graag wil beschermen tegen teleurstellingen, dat aan hem moet uitleggen. En de vraag is ook: hoe erg is het eigenlijk om af en toe teleurgesteld te worden in het leven?”
Positieve wereld
In de film wordt de zingende en dansende Jippie omringd door een liefdevol gezin, waarvan Jacob (Guido Pollemans), de vader van het gezin, een adellijke achtergrond heeft. Of Jippies wereld niet een beetje té positief is geschetst? Rogaar vindt van niet: “Wesley [van Klink] zelf komt ook uit een heel positieve familiesituatie – niet uit een adellijke familie maar uit een liefdevol gezin van agrarisch ondernemers – dus in zijn geval is het ook uit het leven gegrepen.” Het script blijkt zelfs te zijn afgestemd op de wereld van de acteur. “We ontmoetten hem en toen bleek meteen dat zingen en dansen echt in zijn DNA zit. Dat kan hij heel erg goed, dus toen hebben we het hele script omgegooid.” Bovendien valt het wel mee met het adellijke vertoon, want vader Jacob heeft zich ertegen afgezet en rijdt gewoon rond in een tweedehandsauto. “Niet superfancy dus”, concludeert Rogaar.

Onmogelijkheid
In de film wordt Jippie verliefd op Lily (Kee Derwig), die zelf geen Downsyndroom heeft. Een onbereikbare relatie, dat is precies wat Rogaar wilde aankaarten. “Je hebt een genre waarbij we de verwachting hebben dat het goed afloopt, maar dan heb je daartegenover een persoon die het Downsyndroom heeft en bij wie dat nooit zal gebeuren. Dus de keuze voor het personage schuurt met het genre van de film en dat vind ik zelf heel spannend. Het is een heel lichtvoetige film, maar die pijn is er wel degelijk.” Op de vraag of dat gegeven niet bijna té dramatisch is voor een familiefilm, legt Rogaar nog eens haar bedoeling uit. “Ik wilde dat kinderen een hoofdpersoon zouden zien die niet op henzelf lijkt, maar door wie ze toch helemaal meegevoerd worden. Maar het gaat wel degelijk over iemand die allerlei mogelijkheden heeft, behalve die ene mogelijkheid. Ik wilde niet het Downsyndroom op de kaart zetten, maar gewoon de onmogelijkheid van sommige situaties, verpakt in een heel positieve, toegankelijke film.”
Groei
In het verhaal heeft Jippie een oogje op Lily, maar Lily lijkt meer geïnteresseerd in zijn zus Joe (Lotte Jonker). Dat doet denken aan Rogaars korte film ‘Zucht’ (2007), die genomineerd werd voor een Gouden Kalf. In die film heeft Sofie een oogje op haar vriendje Erik, maar Erik kijkt liever naar haar vader. Rogaar over die prille verliefdheid: “Als je voor het eerst verliefd wordt in je leven, dan is dat heel vaak een soort romantische liefde die meer gaat over wie je wilt zijn of wat er ineens in jezelf ontstaat. Het gaat niet over een reële relatie krijgen, maar het gaat erover dat je voor het eerst iets voelt wat groter is dan jezelf en waarmee je dan moet gaan definiëren wie je zelf bent.” De verliefdheid van Jippie gaat volgens haar dan ook meer over groei en minder over wel of niet een koppel worden. “Ik vind dat eigenlijk een heel bijzondere verliefdheid,” stelt ze vast.
Chaos
Waar in ‘Zucht’ weinig dialogen voorkomen, wordt er in ‘Jippie No More!’ juist heel veel gepraat. Rogaar over de dialogen: “Ik wilde graag dat het gepraat de hele tijd nergens over gaat. Het gaat maar door en soms gaat het ineens wel ergens over, en dat moet dan niet te cliché zijn.” Aan de hand van het script is er met de acteurs veel gerepeteerd en zijn teksten geschrapt of juist toegevoegd naar aanleiding van improvisaties. Ze gingen heen en weer tussen de taal van het oorspronkelijke script en de improvisaties. “Maar ik wilde vooral heel veel chaos”, benadrukt Rogaar. “In een gewoon gezin babbel je natuurlijk ook de hele tijd langs elkaar heen en dan begrijp je de helft niet. Je bent gewoon heel vaak druk. Dus die sfeer hebben we heel erg proberen te pakken.”

Jongere kijkers
‘Jippie No More!’ is een film voor de hele familie, maar gaat tegelijk over liefdesperikelen en familiedynamiek. Rogaar is van mening dat er ook voor de jongere kijkers genoeg te beleven is. “Kinderen pikken van alles op. Het ligt er ook aan in hoeverre kinderen al kijken met een blik van ‘een meisje kan verliefd worden op een meisje.’ Sommige kinderen gaan helemaal mee in het verhaal van Jippie en vragen zich af waarom zijn zus Joe zo stom tegen hem doet. Andere kinderen zitten juist heel erg in het verhaal van Joe en zien de onmogelijkheid om te kiezen tussen haar eigen geheime gevoelens en haar verantwoordelijkheid naar haar broer Jippie toe. En sommige kinderen gaan gewoon heel erg aan op die puberzus Jane, die gewoon cool is.” En hoe zit het dan met de allerjongste kijkers? Rogaar is duidelijk over de doelgroep: “We richten ons wel op kinderen vanaf negen jaar. Sommige kinderen van zes jaar vinden het al heel leuk, maar het ligt wel een beetje aan hoe iemand gewend is om naar films te kijken.”
Individu
Rogaar onderstreept ten slotte dat ‘Jippie No More!’ niet gaat over een jongen met het Downsyndroom. Ze wilde gewoon een leuke, lieve film maken, waarin mensen zijdelings kennismaken met een hoofdpersoon die ze nog niet kenden. “Het gaat mij er niet om het Downsyndroom te problematiseren”, zegt ze. Ze wilde een film maken over dit gezin, maar wel op een eerlijke manier, dus niet door Wesley als een wonderkind te presenteren. “Ik wilde eerlijk zijn over die dagelijkse strubbelingen, over dat hij een individu is en niet voor alle kinderen met het Downsyndroom staat.” Dat laatste kan natuurlijk helemaal niet: “Iedereen is vooral zichzelf.”
Tekst: Ester Šorm
