Jump, Darling (2020)

Recensie Jump, Darling CinemagazineRegie: Phil Connell | 90 minuten | drama | Acteurs: Thomas Duplessie, Cloris Leachman, Linda Kash, Andrew Bushell, Sheldon McIntosh, Mark Caven, Dylan Roberts, Kevin Allan, Katie Messina, Kwaku Adu-Poku, John Stocker, Jayne Eastwood, Gordon Hecht, Katie Corbridge, Rose Napoli, Andrew Kinnaird, Sarah Camacho, Daniel Jun, Penelope Goranson, Heather E Lightfoot, Paulo Fortes, J.P. Kane

Elke generatie heeft zo zijn problemen, maar in ’Jump, Darling’ zien we dat die problemen opvallend veel overeenkomsten kunnen hebben. Twintiger Russell (Thomas Duplessie) probeert als acteur aan de bak te komen en ziet zich hierin gesteund door zijn vriend Justin (Andrew Bushell), maar eigenlijk vindt Russell het allang prima als hij in lokale bars op kan treden als drag queen. Wanneer Justin hem verwijt geen ambitie te hebben, eindigt dit in het verbreken van de relatie. Omdat hij financieel behoorlijk afhankelijk is van Justin, zit er voor Russell niets anders op dan zijn oma te bezoeken. Ze heeft hem namelijk haar auto beloofd en dat kan de berooide artiest goed gebruiken.

Oma Margaret kampt met problemen van andere aard. Ze is lichamelijk niet meer zo goed te pas en met die lichamelijke ongemakken groeit het risico om ernstig gewond te raken. Ze woont alleen in een groot huis. Wanneer Russell onverwacht op bezoek komt is ze in eerste instantie overdonderd – ze hebben elkaar al een tijd niet meer gezien, maar wel blij met zijn aanwezigheid. Wanneer Russell haar vertelt dat hij maar één nachtje blijft en eigenlijk alleen maar aan is komen waaien om de toegezegde auto op te halen, is de teleurstelling van haar gezicht te lezen. Het kost haar echter niet veel moeite om Russell over te halen toch wat langer te blijven. Dan gaat ook Russells moeder, Margarets dochter Ene zich met de situatie bemoeien. Zij wil al langer dat Margaret naar een verzorgingshuis verhuisd, maar hoe goed dat ook bedoeld is, Margaret wil daar niets van weten. Russell en Margaret vormen al gauw één front tegen Ene.

Met zijn speelfilmdebuut ‘Jump, Darling’ toont regisseur Phil Connell hoe het is om te moeten vechten tegen de verwachtingen van anderen. Ongeacht je leeftijd zullen er altijd mensen in je omgeving zijn die vinden dat je je leven anders moet inrichten, dat je in hun ogen verkeerde keuzes maakt. Daarin je eigen weg kiezen is dapper, maar ook moeilijk. Zonder dat ze het zelf doorhebben, bevinden Russell en Margaret zich in hetzelfde schuitje en onbewust helpen ze elkaar hiermee. Het is een mooie en subtiele analogie, die nog eens extra vorm krijgt door Margarets ambities als jonge vrouw. Ook de puzzelstukjes uit het mysterieuze verleden van Russells opa, Margarets te vroeg gestorven echtgenoot, dragen bij aan het idee dat de geschiedenis zich altijd zal herhalen.

Je kunt wel vraagtekens zetten bij de snelheid waarmee Russell van koers verandert, dat voelt wat ongeloofwaardig, maar dat is maar een kleine smet op het scenario. Ook wat minder goed uit de verf komt de suïcidewens van Russell, die is er, maar lijkt ook net zo snel weer verdwenen.

Daarentegen is de soundtrack van ‘Jump, Darling’ geweldig en de optredens van Russell als zijn alter-ego Fishy Falters bruisen van energie. Hij is de absolute ster van de playbackshow en het is moeilijk je ogen af te wenden als hij opgaat in zijn moves. Hoewel het onderwerp niet bepaald lichte kost is, is er toch ruimte voor wat humor, wat vooral afkomstig is door goed getimede opmerkingen van Margaret. De chemie tussen kleinzoon en grootmoeder is tastbaar; het is goed voor te stellen dat Margaret Russell heeft zien opgroeien en is meegegroeid met zijn ontwikkeling. Zowel Cloris Leachman als Thomas Duplessie zijn subliem; met een perfecte mix van kwetsbaarheid en eigengereidheid geven ze hun karakters vorm en trekken ze je mee in hun gevoelswereld. ‘Jump, Darling’ is een warm en genuanceerd drama, waarmee Phil Connell laat zien dat familie ook vriendschap kan betekenen.

Monica Meijer

Waardering: 3.5

Bioscooprelease: 24 maart 2022