Megunica (2008)

Regie: Lorenzo Fonda | 82 minuten | documentaire

In ‘Megunica’ ga je samen met de Italianen Blu, Sibe en Ivan mee op reis naar Latijns-Amerika. Je krijgt het gevoel alsof je samen met hen een soort ontdekkingsreis doet. Dit effect wordt handig gecreëerd via beelden waarbij je letterlijk over iemands schouder heen of uit het raam van een auto kijkt. Je ziet het in het perspectief van de verteller en staat daardoor net zoals hen, middenin een mensenmassa als ze in Mexico City zijn. Hierdoor wekt ‘Megunica’ in eerste instantie meer het beeld op van een reisreportage dan een werkelijke documentaire. Maar deze speelsheid past rondom het onderwerp wat ‘Megunica’ wil etaleren.

Graffiti of muurschilderingen zijn een uitlaatklep voor het uiten van jezelf, zo maakt ‘Megunica’ duidelijk. Blu en zijn vrienden bezoeken diverse verschillende kunstenaars in onder meer de landen Mexico, Nicuragua en Argentinië. De bewoners in deze landen kennen allemaal een vorm van onderdrukking. Zo kun je dan ook in de straten de mening van de lokale straatartiesten terug vinden over de misstanden en corruptie die ze moeten slikken. In plaats van geweld, proberen kunstenaars de jeugd bezig te houden met creatieve manieren om zich te ontwikkelen of stoom uit te blazen. Zo geeft Blu een gastles in graffiti waarbij de kinderen op straat hun ‘tag’ (= een handtekening in graffititekst) maken op de muren. Of de jeugd kan Blu helpen met een muurschildering.

‘Megunica’ is geen documentaire gevuld met enkel realistische beelden. Dit versterkt de artistieke boodschap die het uitdraagt. Verscheidene keren krijg je dan ook animaties te zien; gemixt met werkelijke beelden of dat het beeld compleet wordt opgevuld door animatie. Het levert al met al een vervreemdend effect op. Ook doordat sommige tekeningen best wel een morbide twist bevatten. De cartoons in ‘Megunica’ komen uit het creatieve brein van Blu, tevens de maker van de diverse muurschilderingen die je ziet ontstaan in deze documentaire. Naarmate Blu diverse werken schildert, borrelt de nieuwsgierigheid op naar wat hij met die creaties wil vertellen. Dit gegeven blijft lang onbeantwoord. Maar je krijgt er uiteindelijk min of meer wel een verklaring voor als Blu een interview geeft aan de Amerikaanse journalist Alex Zevin.

Wat ‘Megunica’ interessant maakt, is dat je op een nonchalante cinematografische manier een inzicht krijgt hoe diverse mensen een gelijke passie delen voor het maken van straatkunst. Heel inventief maakt Blu gebruik van simpel, maar degelijk materiaal om grote artistieke schilderingen te realiseren op zowel grote als kleine oppervlakten. Met het schilderen van muren of gebouwen kun je best wel eens in een lastig parket terechtkomen. Ook Blu maakt dat mee als hij zijn creativiteit los laat op een vervallen woning. De plek is omsingeld door borden en hekken met een duidelijke boodschap: ‘verboden gebied voor onbevoegden’. Toch weerhoudt het de Italiaan er niet van om een kunstwerk te maken op het gebouw. Een buurtbewoner neemt het Blu zeer kwalijk en haalt versterking. De Italiaan en zijn kompanen beleven benauwde momenten waarbij één van hen het bijna echt letterlijk in zijn broek doet.

‘Megunica’ is in filmisch opzicht een mengelmoes door de speelse manier van vertellen en de overlappingen van de animaties. Toch zou een gepolijste manier niet passen bij een documentaire zoals deze. Graffiti en andere vormen van straatkunst zijn namelijk ook niet verfijnd. De reisreportage-achtige aanpak van regisseur Fonda – gecombineerd met de animatie van Blu -levert een boeiende kijk op de straatkunst en Blu’s ontmoetingen met andere medekunstenaars in Latijns-Amerika. Kort samengevat is ‘Megunica’ een eigenzinnige documentaire die in al zijn facetten creativiteit uitademt.

Ans Wijngaarden