Midsommar (2019)

Recensie Midsommar Cinemagazine Regie: Ari Aster | 147 minuten | drama, horror | Acteurs: Florence Pugh, Jack Reynor, Vilhelm Blomgren, William Jackson Harper, Will Poulter, Ellora Torchia, Archie Madekwe, Henrik Norlén, Gunnel Fred, Isabelle Grill, Agnes Westerlund Rase, Julia Ragnarsson, Mats Blomgren, Lars Väringer

Ari Aster was er snel bij: amper een jaar na het verschijnen van zijn sublieme debuut ‘Hereditary’, komt de jonge regisseur al op de proppen met zijn tweede speelfilm. In ‘Midsommar’ is Christian (Jack Reynor) uitgekeken op zijn relatie met Dani (Florence Pugh). Zijn vrienden stimuleren hem om het uit te maken, maar dan gooit een tragisch incident roet in het eten. Als Christian en zijn vrienden vervolgens afreizen naar een afgelegen gemeenschap in Zweden om daar de zomer door te brengen, voelen ze zich genoodzaakt om Dani mee te vragen. Eenmaal daar aangekomen, blijkt die gemeenschap behoorlijk eigengereid: goedlachse, in witte gewaden geklede hippies die een vredig bestaan nastreven. Oftewel: ongestoord aapjes kijken voor de Amerikaanse studenten. Toch?

Toen Aster het script voor het eerst in handen kreeg, was het de bedoeling dat ‘Midsommar’ een slasherfilm à là ‘Hostel’ zou worden, waarin Amerikaanse toeristen hopeloos verdwalen in de martelkamers van de Europese cultuur. Geen goed idee, vond Aster: hij herschreef het script drastisch en baseerde een deel van de plot op zijn eigen relatiebreuk. De bizarre cultus bleef, maar Aster voorzag het verhaal van broodnodige psychologische diepgang. De personages in zijn films zijn dan ook vaak zoekende; de duistere kanten van hun ziel pas aftastend na een tragisch incident. In ‘Midsommar’ wordt in een fabelachtige proloog – bijna een sublieme korte film op zich – naar dat incident opgebouwd. Aster grijpt je in dat eerste kwartier direct bij de keel, zonder ook maar één jump scare te gebruiken.

Daar waar ‘Hereditary’ langzaam de teloorgang van een in de kern verrot gezin in beeld bracht, doet ‘Midsommar’ hetzelfde met de relatie van Dani en Christian. Beide films zijn haast kleinschalige, intieme drama’s over de impact van rouw op onderlinge relaties, aangevuld met wat bovennatuurlijke, buitengewone invloeden. In Asters wereld lurkt de horror niet per se in de duisternis of het expliciete, maar veel meer in de intermenselijke verhoudingen: de horror onder het veilige oppervlak. Was de weergaloze Toni Collette in ‘Hereditary’ het roestige baken dat de horror moest kanaliseren, is het hier rijzende ster Florence Pugh die door haar rouw en verstoorde relatie met Christian langzaam haar innerlijke demonen loslaat.

En toch is het de setting van ‘Midsommar’ die het meest ontregelt. Waar de meeste horrorfilms zich afspelen in het donker, is ‘Midsommar’ vrijwel uitsluitend bij daglicht gefilmd. Het levert een uiterst interessante ervaring op: juist het overdreven zomerse licht zorgt voor een ontheemd gevoel, zowel voor personages als kijker. De cinematografie en production design zijn verbluffend en in zekere zin ook onderdeel van de plot. De veilige, idyllische sfeer van de gemeenschap doet hetzelfde wat het poppenhuis in ‘Hereditary’ deed: de personages opsluiten in een afgebakende wereld, waar de muren van hun veilige bestaan langzaam afbrokkelen. ‘Midsommar’ is daarmee óók een film over ontheemding, eenzaamheid en het vinden van een veilige haven. Het is te makkelijk om de sekteleden enkel te zien als monsters: voor Dani openbaart zich een mogelijkheid tot omarming door een nieuwe familie, de wees die een nieuw opvanghuis vindt.

In de kern vertoont ‘Midsommar’ óók overeenkomsten met ‘The Wicker Man’, de Britse cultklassieker waarin een agent door een vermissingszaak langzaam in handen valt van een sekte op een afgelegen eiland. Die vergelijking doemt vooral op wanneer Aster de tijd neemt om de (bizarre) rituelen van de sekte uitgebreid te behandelen, met als ’hoogtepunt’ de meest merkwaardige seksscène die 2019 vooralsnog voortbracht. Het maakt de film op zijn eigen manier ook behoorlijk geestig.

Dat alles heeft tot gevolg dat ‘Midsommar’ in zoverre een eigen smoel heeft, dat de bioscoopbezoeker die ouderwets wil griezelen (denk aan films als ‘It’ of ‘Annabelle’) waarschijnlijk minder aan zijn of haar trekken zal komen. ‘Midsommar’ vergt een langere adem en reikt geen antwoorden aan op een presenteerblaadje: de échte horror speelt zich af onder het oppervlak. Het culmineert desalniettemin in een uitzinnige en bizarre finale met een eindeloos intrigerend laatste shot. Hoe dat einde precies geïnterpreteerd moet worden, ligt bij de kijker, maar één ding staat in ieder geval vast: wat ‘Hereditary’ voor luchtjes scheppen uit een autoraam was, is ‘Midsommar’ voor bezinningstripjes naar Zweden, oftewel: nooit meer doen.

Alex Mazereeuw

Waardering: 4.5

Bioscooprelease: 25 juli 2019