Monsieur Verdoux (1947)

Regie: Charles Chaplin | 119 minuten | drama, komedie, misdaad | Acteurs: Charles Chaplin, Mady Correll, Allison Roddan, Robert Lewis, Audrey Betz, Martha Raye, Ada May, Isobel Elsom, Marjorie Bennett, Helene Heigh, Margaret Hoffman, Marilyn Nash, Irving Bacon, Edwin Mills, Virginia Brissac, Almira Sessions, Eula Morgan, Bernard Nedell, Charles Evans, William Frawley, Arthur Hohl, Barbara Slater, Fritz Leiber, Vera Marshe, John Harmon, Christine Ell, Lois Conklin

“One murder makes a villain; millions a hero. Numbers sanctify, my good fellow.” Het is een van de meest kenmerkende uitspraken van Henri Verdoux, het personage dat Charlie Chaplin speelde in de film ‘Monsieur Verdoux’ uit 1947. In die film levert de komiek op geheel eigen wijze kritiek op de naoorlogse Amerikaanse maatschappij, waarin het kapitalisme hoogtij viert. Chaplin kijkt in het verhaal terug naar de jaren van de Grote Depressie, waarin “blijkbaar alles geoorloofd is aangezien er ruimte ontstond voor fascisten om op te staan en hun wil door te drukken.” Als een moderne Blauwbaard leeft Henri Verdoux volgens zijn eigen regels. Volgens hem is de mensheid in principe goed, maar brengt een situatie van economische crisis zijn meest duistere kanten naar boven. Bovendien, vroeg Chaplin zich als Verdoux af, als er landen zijn die duizenden mensen ombrengen tijdens een oorlog, is datgene wat hij doet (rijke dames omleggen zodat hij zijn gezin kan onderhouden) dan echt zoveel slechter?

Na ruim dertig jaar trouwe dienst bij een bank wordt Verdoux van de ene op de andere dag op straat gezet; de Depressie eist zijn tol. Om zijn geliefde, aan een rolstoel gekluisterde vrouw Mona (Mady Correll) en hun jonge zoontje Peter (Allison Roddan) te onderhouden, ziet Verdoux geen andere uitweg dan zijn geld te ‘verdienen’ door rijke weduwen om de tuin te leiden. Onder een valse naam en identiteit palmt hij ze in en trouwt met ze om ze vervolgens te vermoorden. Op die manier heeft hij al een dozijn slachtoffers gemaakt. Maar niet alle vrouwen laten zich even gemakkelijk voor de gek houden. Met name de luidruchtige Amerikaanse Annabella Bonheur (Martha Raye) – zo dom als het achtereind van een varken maar blijkbaar toch geboren voor het geluk aangezien ze de hoofdprijs in de wacht sleepte bij een loterij – blijkt een lastig te nemen horde. Bovendien zit ook detective Morrow (Charles Evans) hem op de hielen…

Zijn maatschappijkritische houding bracht Charlie Chaplin in de nadagen van zijn carrière behoorlijk in de problemen; zo werd hij verdacht van communistische sympathieën. Het idee voor ‘Monsieur Verdoux’ – gebaseerd op het waargebeurde verhaal rond de Franse moordenaar Desire Landru, die in 1922 veroordeeld werd tot de guillotine – kwam van een ander enfant terrible in Hollywood, Orson Welles, die aanvankelijk bedacht had de film te regisseren met Chaplin in de hoofdrol. Maar aangezien die nooit eerder in een film had gespeeld die door iemand anders dan hijzelf geregisseerd was, haakte Welles af. Chaplin kocht de rechten van het verhaal en ging er vervolgens zelf mee aan de slag. Omdat grote delen van het door Welles geschreven script intact bleven, voelde Chaplin zich verplicht diens naam op de credits te vermelden. Vanwege de politieke reputatie van het filmicoon was de film geen succes. In de VS werd de vertoning van ‘Monsieur Verdoux’ zelfs verboden. Pas in 1964 kon men de film daar voor het eerst in de bioscopen bewonderen. Desondanks ontving de prent wél een Oscarnominatie voor beste originele script.

‘Monsieur Verdoux’ zou je het beste kunnen omschrijven als een zwarte komedie, hoewel de satire nooit echt bijtend wordt. De hoofdpersoon is eigenlijk een goedbedoelende, vredelievende maar kieskeurige dandy die zich echter door de omstandigheden genoodzaakt ziet om tot rigoureuze maatregelen over te gaan. Hoewel de moraal van het verhaal, dat pas aan het einde duidelijk doorschemert, een beetje uit de lucht komt vallen, is het wel voor te stellen welke intenties Chaplin met ‘Monsieur Verdoux’ had. De sterkste scènes zijn die waarin Chaplin te maken krijgt met de door Martha Raye heerlijk over de top gespeelde Annabella. Zijn serie mislukte moordpogingen op deze onstuitbare Amerikaanse zijn buitengewoon hilarisch. Voor het eerst heeft Chaplin iemand tegenover zich die hem tegengas weet te geven en dat betaalt zich uit in een aantal meesterlijke scènes. Interessante bijrollen zijn er verder van onder anderen Isobel Elsom, Ada May, Margaret Hoffman en Marilyn Nash.

Het is heel goed voor te stellen dat het publiek in 1947 niets moest hebben van de weinig optimistische satire ‘Monsieur Verdoux’, zeker niet zo kort na de oorlog. Desondanks is het jammer dat ze daardoor niet hebben kunnen inzien dat dit een sterke rolprent is van Charlie Chaplin, wiens performance in deze film door criticus James Agee (een van de weinigen die positief was na de première in 1947) ‘the greatest male performance I have ever seen in films’ werd genoemd. Die loftuiting is wellicht wat overdreven, maar Chaplin maakt van Henri Verdoux wél een van de meest ambigue en boeiende slechteriken van het witte doek. Deze film was zijn tijd ver vooruit. De galgenhumor en pacifistische inslag verlenen het werk ook nu nog een eigentijds karakter. Een dodelijk grappige komedie van alleskunner Chaplin.

Patricia Smagge