Münter & Kandinsky (2024)
Regie: Marcus O. Rosenmüller | 126 minuten | biografie, drama | Acteurs: Marianne Sägebrecht, Vladimir Burlakov, Monika Gossmann, Felix Klare, Sidsel Hindhede, Julian Koechlin, Peter Rappenglück, Vanessa Loibl, Sergey Kalantay, Bruno Eyron, Hendrik Heutmann, Lea Faßbender, Lena Kalisch, Oliver Nägele, Ines Honsel, Jens Schäfer, Felix Hellmann, Marvin Muenstermann, Christoph Zrenner, Tasja Cathrin Rosè, Sylvia Mayer, André Mann, Paolo Francesco Möller, Svenja Liesau, Alexey Ekimov, Alexandra Sinelnikova, Jonas Leonhardi, Johanna Griebel
Natuurlijk kan men van films die het leven en werk van grote kunstenaars afschilderen niet verwachten dat ze kunnen wedijveren met dezelfde kunsthistorische status als hun onderwerp. Maar dat vorm inhoud moet volgen, zou toch een reflex moeten zijn die net iets sneller gemaakt wordt in het genre van de kunstenaarsbiopic. Zelfs de meer commerciële biopic, die zich gemakkelijk leent tot het wijdverspreiden van nieuwe ideeën en inzichten over de kunstgeschiedenis (zoals de vormgeving van vrouwen eraan), moet recht doen aan de kunstenaar. Wat ‘recht doen aan’ ook moge betekenen in de afbeelding van een mensenleven dat zelf beelden voortbrengt. Wat het alvast niet betekent, is het extreem onsympathiek voorstellen van de hoofdpersonages. Het lijkt nochtans evident. Hoe kan een publiek immers meevoelen met een emotioneel compleet afstotelijk personage? En toch zijn de rollen van Gabriele Münter (Vanessa Loibl) en Wassily Kandinsky (Vladimir Burlakov) zo neergezet. Geverfd met een dikke kwast in een schreeuwerige kleur. Schakeringsloos.
In eerste plaats is het een scriptprobleem. Want ook de andere personages zijn even kleurloze vlekken. Iedereen zegt elkaar letterlijk hoe ze zich voelen, wat ze gaan doen en hoe de (kunst)historische context waarin ze zelf leven ervoor staat. De vele – o zo vele – ruzies die Münter en Kandinsky maken, verlopen steeds weer volgens hetzelfde patroon: Münter begint zonder maat Kandinsky uit te maken voor vanalles en nog wat terwijl die laatste er als een droogstoppel bij staat. En zonder echt het conflict in evenwicht te laten brengen of ook maar door te laten gaan, breken de scènes zichzelf af na luttele zinnen, waardoor de emotionele opbouw niet kan plaatsvinden. Alles voelt bovendien ook nog eens zo hard gespeeld aan door een vreemde acteursregie die zowat elke zin in een opgaande intonatie laat eindigen en iedereen keurig om beurt laat spreken.
Volgens regisseur Marcus O. Rosenmüller en schrijfster Alice Brauner was hen de historische nauwkeurigheid belangrijk. Daardoor bestaan de dialogen ook grotendeels uit briefcitaten. En daarin zit wellicht de oorzaak van het uitleggerige karakter van ‘Münter & Kandinsky’. Gevoelens worden uitgestort als in een brief, terwijl het gezicht die zou moeten tonen. Weinig blijft over voor de verbeelding van de toeschouwer, maar het ontbreekt de film zelf ook volledig aan verbeelding om iets in de plaats te voorzien. Hoogtepunt van de kolder is ongetwijfeld de totstandkoming van de naam voor het kunstenaarscollectief ‘Der Blaue Reiter’, waarbij Münter Kandinsky en Franz Marc de opdracht zou gegeven hebben elk iets te tekenen op zoek naar een naam. Ongelooflijk droog. Er spat geen enkele passie van het doek: niet van liefde, niet voor kunst. ‘Münter & Kandinsky’ hoeft geen meesterwerk te zijn – en dat is het zeer zeker ook niet –, maar het is ook geen goed vakmanschap. Hoogstens een veel te lijvig uitlegbordje voor een museum.
Arthur Vandermoere
Waardering: 1.5
