My Name is Nobody-Il mio nome è Nessuno (1973)

Regie: Tonino Valerii | 111 minuten | actie, komedie, western | Acteurs: Terence Hill, Henry Fonda, Jean Martin, R.G. Armstrong, Karl Braun, Leo Gordon, Steve Kanaly, Geoffrey Lewis, Neil Summers, Piero Lulli, Mario Brega, Marc Mazza, Benito Stefanelli, Alexander Allerson, Rainer Peets, Antoine Saint-John, Franco Angrisano, Tommy Polgár, Antonio Palombi, Hubert Mittendorf, Emil Feist, Carla Mancini, Luigi Antonio Guerra, Angelo Novi, Ullrich Müller, Claus Schmidt

De western ‘My Name is Nobody’ (‘Il mio nome è Nessuno’) is gebaseerd op een idee van Sergio Leone en werd mede door hem geproduceerd. En dat is te zien. De openingsscène draagt onmiskenbaar de invloed van de grootmeester met zich mee. Drie zwijgzame en weinig vriendelijke cowboys arriveren bij een kapperszaak. Zonder er enige woorden aan vies te maken sluiten ze de kapper en zijn zoontje op en nemen hun plek in. De oude revolverheld Jack Beauregard (Henry Fonda, in zijn laatste western) is in aankomst en de mannen zijn weinig goeds met hem van plan. Beauregard moet dood, maar daar denkt hij zelf uiteraard anders over. De drie mannen overleven hem niet en de kijker weet dat Beauregard geen kleintje is.

Ook de eenling, die zich Nobody noemt, is daar van op de hoogte. Hij probeert Beauregard er van te overtuigen niet naar Europa te emigreren maar de 150 mannen tellende Wild Bunch (een verwijzing naar de klassieker van Sam Peckinpah, die zelf ook nog wordt genoemd als naam op een graf) in zijn eentje uit te schakelen. “Just think of it, you’ll be written up in all the history books”, zegt Nobody tegen hem. Nobody heeft respect voor hem en wil dat Beauregard een passend afscheid neemt. Waarom Nobody dit zo belangrijk vindt, weet niemand. Maar Beauregard blijkt hoe dan ook moeilijk te overtuigen; “You’ll be down on earth reading them, while I’m up there playing on a harp.”

Dit uitgangspunt biedt genoeg mogelijkheden voor een hoop, vooral lichtvoetig vermaak en de film verveelt dan ook nergens. Met name de barscène, waarin Nobody op nogal clowneske wijze een weddenschap aangaat waarbij het drinken van whiskey en kapotschieten van glazen gecombineerd wordt, is erg leuk en bovendien is de chemie tussen de twee duidelijk aanwezig. Fonda en Hill hebben zichtbaar plezier in hun rollen. Hill als wat excentrieke, roekeloze, maar snelle schieter is erg leuk en Fonda overtuigt als de oudere en wijzere held.

Fonda en Hill worden daarbij bijgestaan door een mooie en vaak humoristische soundtrack van Ennio Morricone. Nobody wordt telkens geintroduceerd door een aanstekelijk deuntje en ook de Wild Bunch heeft zijn eigen thema, iets dat Leone zelf ook vaak deed. Er is zelfs nog een muzikale verwijzing naar ‘Once Upon a Time in the West’ (1968) te herkennen.

Toegegeven, naast Hill en Fonda is het acteerwerk niet om over naar huis te schrijven en de film is te luchtig om zich te meten aan de meer serieuze westernklassiekers. Maar dat maakt hier eigenlijk nauwelijks uit. Het leuke verhaal, het karakteristieke duo, de mooie setting en prima aankleding, allemaal met enthousiasme en humor gebracht, maken ‘My Name is Nobody’ tot een bijzonder onderhoudende film en is een aanrader voor iedere liefhebber van de lichte spaghettiwestern.

David Croese