Nachtrit (2006)

Regie: Dana Nechushtan | 90 minuten | drama, misdaad, thriller | Acteurs: Frank Lammers, Fedja van Huêt, Peggy Jane de Schepper, Zita de Quay, Mohammed Chaara, Henk Poort, Hans Kesting, Fred Schrijber, Bob Schrijber, Jeroen Willems, Jaap Spijkers, Lukas Dijkema, Martijn Oversteegen, Bas Keijzer, Ko van den Bosch, Marcel Musters, Harry Slinger, Celia van den Boogert, René Riva, Hadewych Minis, Titus Goeman Borgesius, Frits Lambrechts, Alix Adams, Debbie Korper, Gijs de Lange, Barry Atsma, Nezha Karim

Het is een interessant dramatisch gegeven: de taxioorlog in Amsterdam. En regisseuse Dana Nechushtan, bekend van de serie ‘Dunya en Desi’, heeft deze licht ontvlambare situatie gebruikt als achtergrond voor het persoonlijke drama van Dennis (Frank Lammers), die zijn droom om een limobedrijf te verwezenlijken in het water ziet vallen, en zich zover in de schulden en problemen werkt, dat zijn leven, en zelfs dat van zijn dierbaren, in gevaar komt. Nechushtan heeft deze elementen op zeer succesvolle wijze verwerkt tot een grimmig en authentiek verhaal vol met onderwereldpraktijken, smartlappen en no-nonsense houdingen.

Dennis heeft zijn droom samen met broer Marco (Fedja van Huet), die zijn liefde voor Nederlandse volksmuziek deelt, zoals in een leuke karaokescène in het begin van de film duidelijk wordt. Wat Dennis nog meer met zijn broer gemeen heeft is de liefde voor diens vrouw Elize, gespeeld door Peggy Jane de Schepper. Dit heeft de potentie om een wig te drijven tussen de broers, en het lijkt ook hierop af te gaan stevenen in de film. Het begint met wat gestoei en een vluchtige zoen bij de voordeur, maar je voelt aan dat het hier niet bij gaat blijven. Dit drama wordt niet op de verwachte manier uitgespeeld, maar vindt zijn uitwerking op een ander terrein. Namelijk in de centrale problematiek van Dennis en zijn grote schulden bij “Ome Jan”, een crimineel met Godfather-allure, mooi onderkoeld neergezet door opera en musicalster Henk Poort. Deze heeft een stel free fighters in dienst om wanbetalers achter de broek te zitten, en het leven van Dennis en Marco zo behoorlijk moeilijk maken.

Van Huet mag dan misschien de grootste naam zijn in ‘Nachtrit’, het is Frank Lammers die het meeste te doen heeft in de film en ook de meeste indruk achterlaat, al presteren beide acteurs goed. Hij moet vooral zorgelijk en onzeker kijken, maar ook op momenten dat hij fanatiek of liefdevol moet zijn, acteert hij overtuigend. Peggy Jane de Schepper heeft niet zo gek veel te doen in de film, maar zorgt nog wel voor verlevendiging en nog wat extra dosis spanning en dramatiek. Wanneer zij in een huiselijke ruzie met een tik in het gezicht “gecorrigeerd” wordt door Marco, kunnen we goed zien hoe fel hij kan zijn, en hoe gevaarlijk het dus voor Dennis zou zijn om zijn vertrouwen te beschamen, zowel op persoonlijk als op zakelijk gebied. Het is goed dat deze dreiging, alsmede die van ome Jan en zijn gorilla’s, aanwezig is, aangezien het verhaal over de (gewelddadige) taxioorlog en de financiële problemen die deze veroorzaakt voor Dennis en zijn droom, op zichzelf niet voldoende spannend of interessant is. Gelukkig is dit alles slechts de context waarbinnen of waarnaast zich de grootste problematiek afspeelt. Het maffiatintje dat de film nu heeft gekregen zorgt voor een grotere betrokkenheid bij Dennis’ almaar uitzichtlozer wordende situatie. We hebben werkelijk te doen met deze goede lobbes, die niets liever wil dan de droom van zijn broer uit laten komen.

Er wordt ook effectief gespeeld met de bekendheid van de kijker met maffia- of gangsterfilms. Er wordt weliswaar na een ernstig incident op het politiebureau aan Dennis (en de kijker) verteld dat hij gevaar loopt wanneer hij even later weer de straat op gaat, maar omdat de kijker uit ervaring weet dat met dit soort types niet gesold kan worden, is het moment dat Dennis voorzichtig door de deur naar buiten kijkt alvorens het erop te wagen, extra zenuwslopend.

Hoewel er niet veel personages verder ontwikkeld worden dan een paar simpele eigenschappen en gedragingen, komen er complexere relaties in de film voor dan je op het eerste gezicht zou denken. Zo is Maathoud, Dennis’ Marokkaanse collega, constant het onderwerp van flauwe grappen en toespelingen (in het begin van de film wordt hij een “nato” genoemd – een Noord Afrikaans Type Op sportschoenen – en hij wordt steevast met “Ahmed” aangesproken) , maar dit blijkt slechts schijn en spielerei te zijn. Op belangrijke momenten zien we namelijk dat Dennis het voor hem opneemt en dat Mahmoud de enige echte vriend blijkt te zijn waar Dennis terecht kan.

Te midden van alle grauwheid en somberheid is er toch ruimte voor luchtig of geïnspireerd contrast. Vaak muzikaal, door middel van weer een smartlap, maar soms ook door juist op een bijzondere manier gebruik te maken van dreiging. Een goed voorbeeld hiervan is de scène waarin de twee handlangers van ome Jan bij Dennis langs gaan om eens met hem te “praten”. Heel beleefd wisselen ze wat woorden met Dennis voor zijn deur, alvorens naar binnen te gaan. Daar vindt een Tarantino-esque discussie plaats over de heerlijke koffie die Dennis zet, en hoe deze hem zo smakelijk krijgt. Het doet denken aan een soortgelijke scène in ‘Pulp Fiction’ maar de triviale dialoog werkt hier nog beter door het gevaar dat de twee free fighters vormen. Het maakt de hele situatie extra spannend. Tegelijkertijd heeft het, op een wrange manier, toch ook wat vriendelijks. Alsof de twee mannen hem dit gesprekje nog even gunnen alvorens ze tot hun gruwelijke daden zullen overgaan.

Een boeiende toevoeging uit de realiteit vormt de scène waarin Dennis een concurrerende chauffeur klem rijdt om zijn passagiers – waarvan één Theo Maassen –  uit de auto te trekken, omdat hij ze eerder had gezien en van mening is dat zijn “collega” zijn klanten van hem heeft weg gestolen. Grappig en bizar, maar werkelijk voorgevallen. Ook authentiek (Amsterdams) overkomend zijn de dialoog, waarin geen enkel blad voor de mond wordt genomen, en de karakteriseringen van de personages. Het einde weet gelukkig een gepaste balans te vinden tussen (enige) hoop en tragiek; een die consistent is met de toon van de rest van de film en niet de makkelijkste uitweg kiest. De laatste scène is perfect uitgevoerd, met een mooie symmetrie wanneer Dennis twee kopjes  koffie zet – gemaakt op de eerder door hem besproken wijze – voor het bezoek dat ieder moment kan binnenkomen.

‘Nachtrit’ is een kundig gemaakte, en geacteerde, film geworden, die een persoonlijk drama op effectieve wijze tegen een, voor Nederlanders, herkenbare achtergrond zet. De delen afzonderlijk zouden wellicht niet erg meeslepend zijn, maar gecombineerd weten ze de kijker succesvol aan de film te binden en met een bevredigd gevoel achter te laten. De film is tragisch, melancholisch, humoristisch (van de zwarte en sarcastische soort), en in zijn regie soms zelfs poëtisch te noemen. Het blijft goed gaan met de Nederlandse Film.

Bart Rietvink