Nr. 10 (2021)

Recensie Nr. 10 CinemagazineRegie: Alex van Warmerdam | 100 minuten | thriller, komedie | Acteurs: Tom Dewispelaere, Frieda Barnhard, Hans Kesting, Anniek Pheifer, Pierre Bokma, Dirk Böhling, Mandela Wee Wee, Richard Gonlag, Gene Bervoets, Liz Snoyink, Alexander ElMecky, Kim Karssen, Jan Bijvoet, Tobias Nierop, Stijn Van Opstal, Harriet Stroet, Bert Geurkink, Harpert Michielsen, Vic de Wachter, Aat Ceelen, Marieke Dilles, Geert de Jong, Sem Klarenbeek, Egbert Jan Weeber

Quentin Tarantino opperde eens dat hij niet meer dan tien films ging maken, want de geschiedenis leert dat de meeste regisseurs, ook de groten der aarde, rond dat aantal voorbij hun piek zijn. Inmiddels is Tarantino daar gearriveerd met ‘Once Upon a Time in Hollywood’ (2019). Een passend sluitstuk, nietwaar? Maar nog veel belangrijker, Alex van Warmerdam komt ook met zijn tiende film, ‘Nr. 10’. Haakt Van Warmerdam hiermee aan bij de vuistregel van Tarantino?

Hoewel je het aan het begin van de film niet zou zeggen, is de hoofdrol in ‘Nr. 10’ weggelegd voor Günter (Tom Dewispelaere). Hij is als vierjarige in een Duits bos gevonden en groeide daarna op in een pleeggezin. Veertig jaar later bezigt hij een vrij doorsnee leven, volmaakt door al de grauwheid rond hem heen. Günter heeft een dochter met één long, Lizzy (Frieda Barnhard), is toneelacteur van beroep en heeft een affaire met een getrouwde vrouw. Wanneer een volslagen vreemde op een brug één woordje in Günters oor fluistert, is dat het startsein voor de zoektocht naar zijn oorsprong. Een heel gewone dag in Van Warmerdams universum, maar toch ook weer niet.

Met ‘Nr. 10’ geeft Van Warmerdam een feestje in zijn eigen achtertuin. De acteurs, oudgedienden en talentvol grut, komen uit alle gaten en kieren op zijn set af. Een meer bits ensemble kon niet bijeengesprokkeld worden en de meeste personages heb je al in variaties zien voorbijkomen in eerder werk van Van Warmerdam. In ‘Nr. 10’ speelt Pierre Bokma de ouwe schlemiel Marius met een bedlegerige vrouw. Gene Bervoets als Reichenbach draaft op als onverstoorbare engerd vergelijkbaar met Chirurgh uit ‘No Country for Old Men’ (Joel & Ethan Coen, 2007). Hans Kesting bromt zich als toneelregisseur Karl door het script heen. Jan Bijvoet is wederom bijna geruisloos en woordloos, een mysterieuze doorn in het oog zoals in ‘Borgman’. Anniek Pfeifer voelt als Lisa precies aan wat haar regisseur wil, dus allesbehalve menselijke warmte, zelfs niet tijdens een affaire. Tot slot heeft ‘Nr. 10’ een sterke nieuwkomer in de gedaante van Barnhard. Zij kruipt in de huid van dochter Lizzy, die zonder te knipogen wisselt tussen een afstandelijke of empathische houding.

De personages en hun omgeving zijn in ‘Nr. 10’ nog net niet even flets en doods als van de Zweedse regisseur Roy Andersson (onder andere ‘You, the Living’, 2007), maar het scheelt weinig. Af en toe lijken de acteurs in ‘Nr. 10’ wel geautomatiseerde mensen. De tekst uit hun monden is inwisselbare taal waarin lege hulzen van woordjes, zoals “bijna” en “altijd”, domineren. Evenals personage Marius zou je er amnesie van ontwikkelen.

Ook de art-direction en locaties zijn zorgvuldig uitgebeend. De repetitiezaal voor het nieuwe toneelstuk van Karl ligt bijvoorbeeld op een afgedankt industrieterrein. Blauw en grijs voeren de hoofdtoon in de film, van de onderbroeken tot aan het interieur in Günters appartement. De filmstijl en toon van ‘Nr. 10’ zuigt overal het leven uit. Kortom, Nederland als slappe thee. De kleurloze stijl slaat de film echter niet geheel plat, maar maakt het juist diep absurd en soms hilarisch. Tevens houdt het ons een spiegel voor van wat voor sof onze samenleving kan zijn.

Bovendien zet ‘Nr. 10’ de kijker graag op het verkeerde been. Bijna elk personage bespiedt een ander of houdt ze voor de gek, niemand spreekt geheel de waarheid of liegt. De film pretendeert te gaan over het maken van een toneelvoorstelling, maar deze film is één groot theater. Van Warmerdam speelt koehandel met zijn eigen stokpaardjes, van de decoraankleding tot aan de typetjes. Bij alles heb je immers een verwachting, ook bij een Van Warmerdam. Niettemin maakt ‘Nr. 10’ net even die een andere afslag. En hopelijk is dit allemaal meer dan komische spielerei, want het lijkt zo nu en dan dat droogkloot Van Warmerdam helemaal niks serieus neemt. Heeft hij misschien angst voor te veel emotionele toestanden?

In ‘Nr. 10’ treitert Van Warmerdam met zichtbaar plezier zijn eigen metier, het spel van verhalen en allerlei stokpaardjes van de Nederlandse film- en toneelwereld. De spot drijven met iets dat Nederlands is, heeft hij op eigenzinnige wijze verheven tot een kunst in film en toneel, zie ook de internationale waardering vanuit het Filmfestival van Cannes voor ‘Borgman’ (2013). Daarnaast is ‘Nr. 10’ als het ware een encyclopedie van Van Warmerdams unieke oeuvre en als toegift geeft hij de kerk nog een knietje in het kruis. En hoewel de titel flauw aandoet, past dit precies bij hoe de filmindustrie altijd wel weer met een goedkope verkooptruc komt. Als het dit soort absurdisme uit de lage landen oplevert, dan mogen we alleen maar onze handjes dichtknijpen.

Roy van Landschoot

Waardering: 4

Bioscooprelease: 30 september 2021