Once Upon a Time … in Hollywood (2019)

Recensie Once Upon a Time ... in Hollywood Cinemagazine Regie: Quentin Tarantino | 161 minuten | komedie, drama, | Acteurs: Leonardo DiCaprio, Brad Pitt, Margot Robbie, Emile Hirsch, Margaret Qualley, Timothy Olyphant, Julia Butters, Austin Butler, Dakota Fanning, Bruce Dern, Mike Moh, Luke Perry, Damian Lewis, Al Pacino, Nicholas Hammond, Samantha Robinson, Rafal Zawierucha, Lorenza Izzo, Costa Ronin, Damon Herriman, Lena Dunham, Harley Quinn Smith, Scoot McNairy, Clifton Collins Jr., Rumer Willis, Kurt Russell, Zoë Bell, Michael Madsen, James Remar

‘It’s official old buddy, I’m a has been.’ We schrijven eind jaren zestig en ontmoeten (fictief) televisieacteur Rick Dalton (Leonardo DiCaprio) en zijn stuntman annex chauffeur en beste vriend Cliff Booth (Brad Pitt). Dalton ziet zijn carrière langzaam uitdoven en moet het grotendeels doen met schurkenrollen in goedkope tv-pilots (een neerwaartse spiraal die hem onder ogen wordt gebracht door een fijne Al Pacino als ultieme Hollywood-agent). Zijn pogingen om door te breken in de filmwereld zijn uitgelopen op een fiasco.

Naast Dalton huizen daarentegen de nieuwe ‘koning en koningin’ van Hollywood, in de personen van Roman Polanski (de regisseur die net ‘Rosemary’s Baby’ heeft gemaakt) en Sharon Tate (de actrice die aan de vooravond van haar grote doorbraak staat, hier vertolkt door Margot Robbie). En wie aan het Hollywood van 1969 denkt, denkt al snel aan Charles Manson en zijn sekte, die destijds een spoor van bloed en verderf zaaiden in Los Angeles.

Toen het ‘negende’ project van Quentin Tarantino werd aangekondigd, trok er een lichte golf van verontwaardiging over het internet. Zeker omdat de Manson-’familie’ verantwoordelijk was voor een golf van geweld in Los Angeles, waarbij onder meer Sharon Tate op gruwelijke wijze om het leven werd gebracht. Het was vooral de vraag hoe Tarantino dit precies aan zou vliegen: zou hij de moord op Tate inzetten als schaamteloze exploitatie, of wellicht een revisionistische draai geven aan de geschiedenis, zoals hij eerder deed in ‘Inglourious Basterds’ en ‘Django Unchained’?

Zonder iets weg te geven over het einde, kunnen we in ieder geval stellen dat Tarantino zich geenszins schuldig maakt aan het exploiteren van de Tate-moorden. Sterker nog: Tarantino doet er alles aan om de mythevorming rondom Manson de kop in te drukken. ‘Once Upon a Time in Hollywood’ laat zich dan ook veel meer lezen als ‘een dag uit het leven’ van de has beens. We volgen Cliff die op zijn gemak naar zijn afgelegen huis rijdt om zijn hond eten te geven; we zien Rick met zichzelf worstelen op de set van een western en Sharon Tate haar eigen film bekijken in een plaatselijke bioscoop. Veel meer dan een verhaal over moord en doodslag, is dit een aaneenschakeling van ontmoetingen, dialogen en kalme autoritjes. Een hangout-film in optima forma, die in het oeuvre van Tarantino vooral zijn gelijke vindt in ‘Jackie Brown’.

Maar wie denkt dat Tarantino op zijn oudere dag een melancholische softie is geworden, komt bedrogen uit. Tot de laatste twintig minuten vloeit er dan weliswaar nauwelijks bloed – maar vergis je niet: Tarantino bewees met de openingsscène en de sequentie in de pub in ‘Inglourious Basterds’ al dat hij helemaal geen geweld nodig heeft om spanning op te bouwen, en die Hitchcock-achtige suspense evenaart hij hier met een scène waarin Cliff een bezoek brengt aan de beruchte Manson-ranch. Pure horror waar nauwelijks een druppeltje bloed aan te pas komt.

Maar ‘Once Upon a Time…’ is toch bovenal een beeldschoon portret van een voorbije tijd. De production design is dan ook fabuleus; zelden was een Tarantino film zo mooi: je waant je elke seconde in het Hollywood van die tijd, nog afgezien van de weergaloze soundtrack. En dan het acteerwerk: met DiCaprio, Pitt en Robbie bond Tarantino drie van de grootste sterren van onze tijd aan zich, en de acteurs zijn groots. DiCaprio toont zijn meest gevoelige kant, als hoogst onzekere tijd die diep van binnen aanvoelt dat het voorbij is, waardoor hij zijn innerlijke onzekerheid nauwelijks nog kan onderdrukken. Pitt is de overtreffende trap van cool (en was in jaren niet zo goed), maar dreigt het publiek ook geregeld te verblinden. Want zijn Cliff Booth lijkt een veel complexer personage dan zijn stuntman-met-geweldig-lijf in wezen doet vermoeden.

Maar de portrettering die de meeste stof deed opwaaien, is die van Sharon Tate. Zo ontving Tarantino in Cannes voorzichtige kritiek op de geringe hoeveelheid tekst van Margot Robbie. Volslagen onterecht: ‘Once Upon a Time…’ is een ode aan de vergeten acteurs, een melancholische liefdesbrief aan Hollywood en de onvermijdelijke vergankelijkheid, maar bovenal een film over het in stand houden van mythes tegen beter weten in. Het is een film over een illusie, met Sharon Tate als symbolisch baken. De illusie van was, is en had kunnen zijn, wordt door Tarantino zo op meesterlijke wijze in stand gehouden. Het is een gemakzuchtige reflex om de impact van een rol af te meten aan de hoeveelheid dialoog, en in dit geval dus volkomen misplaatst.

Juist de beslissing om Tate uit de schaduw van haar eigen ellende te halen, pakt prachtig uit (vooral in een magnifieke scène in de bioscoop, waarin Robbies Tate kijkt naar beelden van de echte Tate uit de (vergeten) film The Wrecking Crew, zonder twijfel de mooiste scène in de film). Ze is niet langer bevroren in haar eigen tragedie, maar krijgt van Tarantino een tweede leven. Niet voor niets bleek dat er na het verschijnen van ‘Once Upon a Time…’ extra veel vraag kwam naar oude films van Tate: door haar nalatenschap in ere te laten en een twist te geven aan haar geschiedenis, wordt zij misschien wat meer herinnerd om wie ze was, niet om wat de monsters van haar maakten.

‘Once Upon a Time…’ is dus bovenal een weemoedig wat als-verhaal waarmee Tarantino een eerbetoon brengt aan de vergeten en gemuilkorfde namen van Hollywood. Een onomwonden liefdesbrief, verpakt als melancholische meandering over een voorbije tijd, en misschien ook wel over Tarantino’s eigen carrière (‘Once Upon a Time…’ zou zijn voorlaatste film zijn). Als Tarantino voor zijn laatste project inderdaad de ruimte ingaat voor ‘Star Trek’, kan het zomaar zijn afscheidsbrief aan de klassieke cinema zijn.

Maar wie weet lonkt in de toekomst de televisie. Vijftig jaar na de grote ommekeer in Hollywood staat de filmwereld immers op een zelfde kruispunt, maar zijn de rollen omgedraaid: grote namen kiezen steeds vaker voor prestigieuze televisieproducties en de filmwereld wordt overspoeld door creatieve armoede. Maar kijkend naar de talloze discussies die ‘Once Upon a Time in Hollywood’ alweer heeft losgemaakt en de onovertroffen smoel die zijn films zevenentwintig jaar na ‘Reservoir Dogs’ nog altijd hebben, kan de filmwereld eigenlijk nog lang niet zonder Quentin Tarantino.

Alex Mazereeuw

Waardering: 5

Bioscooprelease: 15 augustus 2019