Ray (2004)

Regie: Taylor Hackford | 152 minuten | biografie, drama, muziek | Acteurs: Jamie Foxx, Kerry Washington, Regina King, Clifton Powell, Sharon Warren, C.J. Sanders, Curtis Armstrong, Harry J. Lennix, Bokeem Woodbine, Aunjanue Ellis, Richard Schiff, Larenz Tate, Terrence Dashon Howard, David Krumholtz, Wendell Pierce     

‘Ray’ is een ambitieuze, maar wisselvallige biopic waarin historische wendingen als het einde van de Amerikaanse rassenscheiding en de opkomst van zwarte musici worden gekoppeld aan het specifieke levensverhaal van een belangrijke speler in die tijd: Ray Charles. De film beschrijft de periode van Charles’ opgang (1952-1965), afgewisseld met flashbacks uit zijn kindertijd.

De makers kiezen ervoor om de soul-artiest neer te zetten als getraumatiseerd wonderkind uit een achterstandsmilieu en weten daarbij clichés als het Amerikaanse succesverhaal en bijbehorend sentimentalisme te vermijden; Charles’ muzikale ontwikkeling komt ruimschoots aan bod en evergreens als ‘Georgia on my Mind’ en ‘Unchain my Heart’ passeren de revue. Nog beter is de keuze voor Jamie Foxx (o.a. ‘Collateral’) als vertolker van Charles, wat Ray boven de middelmaat uittilt. Want hosanna is het niet met deze film, die emotionele momenten afwisselt met langdradige scènes.

Allereerst Ray Charles natuurlijk, want het draait om hem en niemand anders; dat brengt ons automatisch bij Foxx. De gelijkenis met Charles is bijna stuitend en diens maniertjes worden uitstekend uitgewerkt. We zien een zachtaardige, charmante jongeman, die zijn eigen weg gaat in een harde wereld, waar blinden een blok aan het been zijn. Ray heeft echter nog meer demonen. Die houdt hij voor de buitenwereld verborgen of verdooft ze met heroïne. Het eindbeeld van Ray Charles is dat van een eenzelvig persoon tot wie niemand echt door kan dringen; ook de kijker niet, al weet die door middel van aangrijpende flashbacks heel wat meer dan zijn muzikantenvrienden en echtgenote op het witte doek.

Tot zover de complimenten, want ondanks dit alles en de lengte van Ray  2,5 uur  blijft een gevoel van oppervlakkigheid achter. Dat zit hem vooral in de tweede helft. Het eerste uur is goed opgebouwd en onderhoudend, met Rays eerste worstelingen als volwassen artiest en de ontmoeting met echtgenote Della Bea (Kerry Washington). In de tweede helft verliest de film echter vaart. Eindeloos gesteggel van Charles met vrouw, minnares Margie (Regina King) en collega’s in de muziek doen de aandacht van de kijker verslappen. Ontwikkelingen als zijn rol in het einde van de rassenscheiding en vooral het tweede deel van zijn leven worden daarentegen weer afgeraffeld, wat tot een plotseling eind van de film leidt (O ja, en hierna leefde Ray nog veertig jaar lang en gelukkig).

Foxx is zoals gezegd bewonderenswaardig – hij kreeg reeds een Golden Globe – maar het gebrek aan een sterke tegenspeler doet zich voelen. Moeder Robinson komt hiervoor nog het meest in aanmerking, maar zij is weggestopt in flashbacks; die maken het uitzitten van Ray toch de moeite waard.

Jan-Kees Verschuure