Robocop: The Beginning (2006)

Regie: Paul Lynch | 86 minuten | actie, science fiction | Acteurs: Richard Eden, Yvette Nipar, Blu Mankuma, Andrea Roth, James Kidnie

Laten we eerlijk zijn, RoboCop is een van de beste uitvindingen ooit bedacht. Een metalen politieman met een gewelddadig rechtvaardigheidsgevoel, een trefzekere arm en een ultrahippe bolide. Op de magnetron na, is de stalen flik zeker een van de slimste ideeën ooit bedacht. Helaas is de uitvinding in de vergetelheid geraakt en zijn er nieuwe ontwerpen op de markt gebracht, die net wat beter in elkaar zitten. In ‘RoboCop: The Beginning’ wordt pijnlijk duidelijk hoe een goed idee uit lang vervlogen tijden in de moderne tijd behoorlijk tegen blijkt te vallen.

Hoewel ‘RoboCop: The Beginning’ als een film wordt gepresenteerd klopt dat niet. De ‘film’ blijkt twee aan elkaar geplakte afleveringen te zijn van de geflopte televisiereeks ‘RoboCop: The Series’. Een serie die in een ver verleden ook op de Nederlandse televisie te zien was. Acteur Peter Weller bedankte voor de rol van de cyborgcop en liet de in het slop geraakte franchise maar voor wat het was. Richard Eden kroop in het metalen pak en probeerde de verloren glans weer terug te krijgen. Helaas mocht die poging niet baten dankzij onvoldoende talent, een karig budget en onoriginele scripts.

In ‘RoboCop: The Beginning’ draait het om een doorgedraaide wetenschapper die via een geavanceerd computerprogramma, NeuroBrain genaamd, de macht over Detroit in handen wil krijgen. Met de hulp van de mismaakte schurk Pudface gaat dat plan goed van start. Totdat RoboCop in actie komt.

Laat dat in actie komen nu net het saaiste onderdeel van deze onofficiële film zijn. Het stuntwerk bestaat uit wat duik- en vliegwerk en een uiterst traag reagerende RoboCop. In de films was de blikken bikkel al zeer traag (ondanks zijn zogenaamde ‘razendsnelle reflexen’ die zijn makers de anti-held hadden toebedeeld), maar in de serie is het helemaal een wonder hoe de robotman zonder looprek en beademingsapparatuur kan bewegen. De serie wil de nadruk leggen op de tragiek van de tot RoboCop omgebouwde agent Alex Murphy, maar slaagt daar niet helemaal in. De karakteruitdieping wordt te vrijblijvend opgevoerd en was trouwens al uitgebreid aan bod gekomen in het sublieme eerste deel (door Paul Verhoeven geregisseerd).

Op wat geneuzel over Murphy’s achtergebleven vrouw en kind na, is diepgang ver te zoeken. Eden doet zijn best om het personage interessant te houden, maar met zijn witgeschminkte kop en monotone mimiek ebt de aandacht snel weg. De irritante, quasi-schattige kind-acteurtjes die ook nog voorbij komen slenteren horen niet in een RoboCop-film. Waarom een volwassen serie ineens kindvriendelijk moet worden blijft een raadsel. Vreemd genoeg is de reeks nog steeds te grof voor kinderen.

Fans van de blikken agent weten al dat er na ‘RoboCop 2’ weinig lol te beleven valt. Deel drie was te flauw voor woorden en ook de tv-show doet de stoere held geen eer aan. De subtitel ‘The Beginning’ is daarnaast misleidend omdat de ontstaansgeschiedenis van de titelheld niet eens aan bod komt. Overbodige release van een helaas overbodig geworden uitvinding.

Frank v.d. Ven