Rocketman (2019)

Recensie Rocketman CinemagazineRegie: Dexter Fletcher | 121 minuten | biografie, drama | Acteurs: Taron Egerton, Jamie Bell, Richard Madden, Bryce Dallas Howard, Gemma Jones, Steven Mackintosh, Tom Bennett, Matthew Illesley, Kit Connor, Charlie Rowe, Peter O’Hanlon, Ross Farrelly, Evan Walsh, Tate Donovan, Sharmina Harrower, Ophelia Lovibond, Celinde Schoenmaker, Stephen Graham

Gerechtigheid voor Dexter Fletcher! De Britse regisseur werd op het laatste moment ingevlogen om de Queen-biopic ‘Bohemian Rhapsody’ (2018) af te ronden, nadat de oorspronkelijke regisseur Bryan Singer door 20th Century Fox ontslagen was vanwege herhaaldelijk te laat komen op de set (of soms zelfs helemaal niet komen opdagen) en ander wangedrag. Onder Fletchers leiding werden de laatste scènes gefilmd, doorliep de film de post-productiefase en groeide ‘Bohemian Rhapsody’ uit tot een daverend succes. Maar credits kreeg hij er niet voor, want Singers naam prijkte op de aftiteling. Daar had zijn naam toch op zijn minst onder moeten staan. Gelukkig had Fletcher nog een andere troef: ‘Rocketman’ (2019), een biopic over het leven van singer-songwriter Elton John, in de pijpleiding zitten. Een film waarvoor hij wel de credits krijgt die hij verdient en die je je laten afvragen wat Fletcher van ‘Bohemian Rhapsody’ had kunnen maken als hij die film van kop tot staart had mogen draaien. Want ‘Rocketman’ is een heerlijk uitbundige, fantasierijke en muzikale triomf die perfect aansluit bij de showman die John is en op een speelse manier diens nog altijd ijzersterke liedjes in de film verweeft.

Dat ‘Rocketman’ verre van doorsnee is, blijkt meteen uit de eerste scène: gehuld in een oranje duivelspak met glitters en veren stapt Elton John (een geweldige Taron Egerton) op de klanken van ‘Goodbye Yellow Brick Road’ een gang binnen. Deze blijkt te leiden naar een ruimte waar net een therapiesessie voor verslaafden bezig is. Elton neemt plaats, want daar kan hij ook wel over meepraten. Als we willen weten waar al die verslavingen van hem vandaan komen, moeten we terug in de tijd. En zo zien we een jonge Reggie Dwight (Kit Connor) – want zo heet Elton eigenlijk – in zijn ouderlijk huis in het Engelse stadje Pinner. Zijn jeugd is niet bepaald warm geweest; moeder Sheila (Bryce Dallas Howard op het randje van camp, maar in deze film mag dat) is vooral met zichzelf bezig en vader Stanley (Steven Mackintosh) is zelden aanwezig. Beiden geven de toch al niet zo zelfverzekerde jongen (want: bril, stevig) weinig support of liefde. Gelukkig steunt oma Ivy (Gemma Jones) hem wel als hij auditie wil doen voor de Royal Academy of Music. Als Reggie zijn moeder betrapt met een andere man (Tom Bennett) vraagt zijn vader de scheiding aan en verwatert hun relatie nog verder.

We maken een sprong in de tijd en zien dat Reggie inmiddels in de begeleidingsband van een soulgroep zit. Zijn ambitie is echter om zelf op de voorgrond te treden, ook al is hij diep van binnen een verlegen jongen. ‘You have to kill te person you were born to be, in order to become the person you want to be’, krijgt hij als tip van een ervaren soulzanger. En zo ontstaat het idee van zijn alter ego Elton John. Hij klopt met zijn muziek aan bij platenbons Dick James (Stephen Graham). Die is niet direct enthousiast: ‘Kom eerst maar eens met een goed liedje, dan praten we verder’. De ontmoeting met liedjesschrijver Bernie Taupin (fijne en warme rol van Jamie Bell) in 1967 betekent het begin van een vriendschap en samenwerking die inmiddels al vijf decennia voortduurt. Samen zetten ze hun eerste schreden richting succes. Met een dynamisch optreden in de befaamde Troubadour-club in Los Angeles, waar hij met ‘Crocodile Rock’ de zaal helemaal om krijgt, is zijn carrière gelanceerd. Maar met het succes komen ook de verleidingen en Elton kan deze niet goed het hoofd bieden. Hij besluit bovendien met manager John Reid (Richard Madden) in zee te gaan, zowel zakelijk als privé, maar of dat nou zo verstandig is…?

Door het verhaal te vertellen als één grote terugblik, geven Fletcher en scenarioschrijver Lee Hall (‘Billy Elliot’ (2000) zichzelf de ruimte om Johns rijke oeuvre op frivole wijze in de gebeurtenissen in te passen. Soms ingetogen (‘Don’t Let the Sun Go Down on Me’ – een duet met de Nederlandse musicalster Celinde Schoenmaker die een bescheiden rolletje speelt als Johns Duitse excuus-echtgenote Renate), soms uitbundig (‘Saturday Night’s Alright for Fighting’ is compleet gestaged als een musicalnummer), soms subtiel verweven door het geheel (van ‘Candle in the Wind’ horen we alleen de akkoorden). Omdat ze op de juiste manier in het verhaal verwerkt zijn, niet per se chronologisch maar aansluitend bij de emoties van John (of eventueel een van de andere personages), komen de teksten stevig binnen. Zelfs als ze in een campy setting gebracht worden. Opmerkelijk: Egerton zingt alle liedjes zelf en doet dat meer dan verdienstelijk. Overigens geldt dat voor zijn hele performance: hij heeft de mimiek, toon, houding van Elton John zich uitstekend eigen gemaakt en weet ons zonder enige moeite voor zich te winnen. Hij laat ons bovendien dwars door al die – overigens schitterend door Julian Day ontworpen – uitbundige kostuums, gekke brillen en onmogelijke hoofddeksels kijken naar de man die daarachter schuilgaat en die worstelt met eenzaamheid, een chronisch gebrek aan liefde, zijn seksualiteit, zijn roem, zijn verslavingen en zijn identiteit. Met name de scène waarin de inmiddels gearriveerde Elton een bezoek brengt aan zijn vader gaat door merg en been. Als hij ziet hoe warm Stanley omgaat met de kinderen uit zijn tweede huwelijk, zie je zijn hart breken. En dat van ons breekt op dat moment ook.

En wat een prachtige rol ook van Jamie Bell als Johns trouwe steun en toeverlaat Bernie Taupin. In de wereld vol egoïsten waar John zich mee omringt, is hij de oprechtheid zelve. Iemand die hem ook de ruimte laat om zelf tot de conclusie te komen hij de verkeerde keuzes heeft gemaakt, die hem zijn fouten vergeeft en die hem in alle opzichten respecteert en op waarde schat. Zo’n vriend zouden we allemaal wel willen! Over de gehele breedte wordt er uitstekend geacteerd. Een film als deze staat toe dat de performances hier en daar wat over de top zijn (Howard, Graham), het past er gewoon bij. Elton John is zelf ook over de top, in elk geval zodra hij het podium bestijgt. De Britse zanger is zelf, net als zijn echtgenoot David Furnish, als producent betrokken bij de film dus is zelf ongetwijfeld tevreden over het eindproduct. Dat zijn wij ook. Om de vergelijking met ‘Bohemian Rhapsody’ nog maar eens te maken: in tegenstelling tot die film is ‘Rocketman’ verre van conventioneel, durft van de gebaande paden af te wijken en maakt inventiever gebruik van de muziek en de teksten van het lijdend voorwerp. Uitbundigheid, een stevige dosis drama; het hoort bij Elton John en derhalve ook in deze bijzonder vermakelijke film. Het is poespas, maar dan wel functionele poespas, die op respectvolle manier bijdraagt aan het in kaart brengen van de complexe figuur die John is.

Patricia Smagge

Waardering: 4

Bioscooprelease: 30 mei 2019