Sand and Sorrow (2007)

Regie: Paul Freedman | 92 minuten | documentaire | Acteurs: George Clooney, Ahmed Ali, Abdulrahman Al-Zuma, Hilary Benn, Oliver Bercault, Sabina Blay, Sam Brownback, Alex de Waal, Ahmed Ibrahim Diraige, Frieda Hyiramana, Major Mike Katukula, Nicholas Kristof, Alex Last, Leslie Lefkow, Hannah MacDonald, Riley MacDonald, Minni Minawi, Happy Mutesi, Barack Obama, Major Reuben Colince Ondoua, Samantha Power, John Prendergast, Gerard Prunier, Eric Reeves, Harry Reid, Rabbi Harold M. Schulweis, Ken Silverstein, Adam Sterling, Speciose Uwamwezi, Elie Wiesel

“We hebben het niet geweten” is al geen geloofwaardige rechtvaardiging voor het uitblijven van internationale actie in Darfur sinds de Amerikaanse regering bevestigde dat hier een genocide plaats vond. Na een schokkend artikel van New York Times journalist Nicholas Kristof – de eerste, en één van de weinige personen die er openheid aan gaf – moest Bush’s regering immers wel onderkennen dat er een ernstig probleem gaande was in Soedan.

Het punt is echter niet de erkenning van het probleem, maar het reageren hierop, zoals auteur Samantha Power duidelijk uiteenzet. De bevestiging van de volkerenmoord in Soedan werd namelijk door Amerika eerder gebruikt om actie en weerstand te verkleinen dan te vergroten. Wellicht werd gedacht dat een benoeming van het probleem voldoende was om de publieke aandacht en die van actiegroepen af te wenden. Auteur Dr. Gerard Prunier heeft ook enkele onprettige mededelingen te doen over de morele betrokkenheid van de Westerse wereld. Hij stelt dat mensen in rijke landen zich geen zorgen gaan maken over het schenden van mensenrechten wanneer het mensen of volken betreft die geen dreiging of gewin vertegenwoordigen. In dat geval geven we er niet om. “Het enige dat we moeten doen is net doen alsof we om deze mensen geven”, aldus Prunier.

Het lijken cynische constateringen, maar tijdens en na het kijken van Paul Freedmans documentaire ‘Sand and Sorrow’ kun je als kijker eigenlijk niet anders dan (een heel eind) meegaan in dit cynisme, dat hier in feite neerkomt op realisme. De Verenigde Staten deden bijvoorbeeld bar weinig omdat ze andere belangen hadden – in Irak en Afghanistan, maar ook met de regering van Soedan zelf – en de VN kon geen vuist maken door dwarsliggende leden als China en Rusland. En de actie die uiteindelijk leek te komen – met het inzetten van Afrikaanse manschappen in Darfur – was meer een vorm van non-actie aangezien de weinige legertroepen slechts mochten observeren en het staakt het vuren moesten bewaren tussen de regeringstroepen en de rebellen. Dit terwijl de bevolking lijfelijke bescherming verlangde en dag in dag uit doodsangsten uitstond door de moordende en verkrachtende milities van de regering. Kortom, de hulptroepen waren een lachertje en konden alleen maar toekijken hoe de bevolking werd afgeslacht.

De systematiek en absolute slechtheid inherent in deze moordpartijen is werkelijk misselijkmakend. Er werden opzettelijk onschuldige burgers – mannen, vrouwen, en kinderen – uitgemoord om de genenpoel van de rebellen (non-Arabieren) aan te tasten. De rebellen werden een te grote bedreiging voor de regering, die daarom maar besloot om de klassieke strategie van “het moeras leeg te laten lopen om de vis te vangen” toe te passen. Dus de grenzen werden afgezet, de pres werd verbannen, en de jacht werd geopend op de onschuldige bevolking. Honderdduizenden dodelijke slachtoffers en vele vluchtelingen leverde dit op. Het gaat hier niet om een conventionele, ordinaire oorlog maar om het moedwillig uitmoorden van onschuldige mensen.

Deze afschuwelijke daden van de regering en haar milities, en het lot van hen die nog leven – maar net zo goed dood zouden kunnen zijn – is waar de film zich continu op concentreert. Maar vooral op het falen van de internationale gemeenschap in hun reactie op deze gruweldaden. Het sluiten van de ogen, het gebrek aan bereidheid om iets te riskeren voor het grote (morele) goed.

Als kijker word je ook op je verantwoordelijkheden aangesproken en je gaat je ook bijna schuldig voelen dat je (destijds) niets hebt geweten en gedaan en nog steeds niets doet. Keer op keer kijken de vluchtelingen uit Darfur met smekende, trieste blik in de camera en word je geconfronteerd met foto’s van kapotgeschoten mensen. En de actie die door enkele studenten van een Amerikaanse universiteit is opgezet, spreekt de kijker, of toehoorder van de lezing ook rechtstreeks aan op zijn verantwoordelijkheidsgevoel en geweten.

‘Sand and Sorrow’ is dan ook duidelijk een boodschapfilm. Iedereen moet weten wat er gebeurd is, en er moet voortaan eerder actie komen. De boodschap komt goed over en de achtergrondinformatie is helder en de sprekers zijn to-the-point en helder. In principe had dit alles echter ook in minder tijd verteld kunnen worden. En ook al is juist het punt dat de “toeschouwer” zijn ogen niet mag sluiten, is het aantal foto’s van slachtoffers wel erg groot. Een persoonlijk relaas van een nabestaande is meestal minstens zo effectief als tien foto’s. Ook het veelvuldige gebruik van etnische muziek is hier en daar wat vervelend. Maar de film is meestal een doeltreffende en zinvolle documentaire met een informatieve voice-over van George Clooney. Na ‘Syriana’ en ‘Good Night, and Good Luck’ alweer een mooi sociaal geëngageerd project van deze Hollywoodster. Als hij door zijn status bekendheid kan creëren voor deze film, is dat alleen maar positief. ‘Sand and Sorrow’ verdient namelijk een zo groot mogelijk publiek.

Bart Rietvink