Seven Invisible Men – Septyni nematomi zmones (2005)

Regie: Sharunas Bartas | 119 minuten | drama | Acteurs: Dmitri Podnozov, Rita Klein, Aleksandr Esaulov, Saakanush Vanyan, Denis Kirilov, Igor Cygankov

Sharunas Bartas, een Litouwse regisseur, staat bekend om zijn zwijgende, trage films, waarin vooral de beelden moeten spreken. ‘Seven Invisible Men’ is hierop geen uitzondering. Veel gezichten zijn er te zien: vergezichten van de uitgestrekte taiga en steppelandschappen van Zuid-Oekraïne (de Krim), en gezichten van zeer dichtbij van nors kijkende mannen, uitdrukkingsloze ogen, diepe rimpels en wanhopige vrouwen.

‘Seven Invisible Men’ is dus duidelijk geen film waar je even lekker voor gaat zitten. Of de film grijpt je niet, en je haakt al snel af, of de film grijpt je wél en je blijft twee uur lang met stille adem kijken naar al deze mooilelijke beelden.

Het grootste deel van die twee uur lijkt het verhaal er nauwelijks toe te doen. Dezelfde personen zijn weliswaar steeds te zien, en over de onderlinge verhoudingen wordt langzaam maar zeker ook wel iets duidelijk, maar de doelloze zoektocht naar niets vestigt vooral de aandacht op het schijnbaar zinloze bestaan van deze mensen. Dat dit schitterend in beeld wordt gebracht maakt de zinloosheid alleen maar wranger en beklemmender.

Toch borrelt het verhaal voortdurend onderhuids, en krijg je ongemerkt meer mee van Vaneschka’s wederwaardigheden. Het belangrijkste ingrediënt is de onmogelijke ‘liefde’ die de besluiteloze Vaneschka heeft voor twee vrouwen, Mila en Masha. In Vaneschka’s ouderlijk huis ontmoeten beide vrouwen elkaar uiteindelijk.

Of beter gezegd: iedereen ontmoet elkaar daar, en lang niet iedereen heeft evenveel oog of aandacht voor de zorgen van Vaneschka en zijn twee vrouwen. Terwijl zij vooral blijven zwijgen, zijn de mensen uit het dorp zelf op de achtergrond voortdurend hoorbaar aanwezig. Net als de vele dieren: geiten, koeien, ganzen, varkens en kippen. Het zijn de vaste bewoners: mensen en dieren die niet op drift zijn, zoals Vaneschka. Mensen die wel weten dat het leven meer te bieden heeft, of zou moeten hebben, getuige de liedjes die ze zingen. Maar ze weten het, en ze nemen nog een slok om het te vergeten…

Bijzonder is dat de verstilling niet alleen wordt getoond door de soms zeer schilderachtige beelden, maar ook door het oor voor detail: elke beweging van een gezicht in beeld is te horen. Een zucht, een slok, zelfs een trekje aan de sigaret. Het benadrukt de fysieke aanwezigheid van de mensen, en draagt bij aan de onderhuidse spanning die in de hele film aanwezig is.

Zelfs de stuurse Vaneschka ontkomt er niet aan. De doelloosheid, de jaloezie, de drank en de sigaretten leiden tot een onvermijdelijk einde. Een einde waarin het voortdurend zacht borrelende verhaal in de film alsnog tot uitbarsting komt. Wie genoeg geduld en interesse toont, ziet het bijna saaie ‘Seven Invisible Men’ tot een triest maar indrukwekkend einde komen.

Daniël Brandsema