Sunny Dancer (2026)
Regie: George Jaques | 106 minuten | komedie, drama | Acteurs: Bella Ramsey, James Norton, Neil Patrick Harris, Jessica Gunning, Ruby Stokes, Shalom Brune-Franklin, Conrad Khan, Earl Cave, Daniel Quinn Toye, Barbara D’Alterio, Josie Walker, Jasmine Elcock, James Blunt, Oluwafemi Jonathan Taiwo, Louis Gaunt, Olivia Isaacs, Kat Murphy, Joe Hughes
Gare zomerkampen of -vakantie, waar je helemaal geen zin in hebt, maar die achteraf toch een onuitwisbare herinnering achterlaten. We kennen het allemaal wel. Wanneer Ivy (Bella Ramsey) door haar ouders voor vier weken naar Children Run Free Camp wordt gestuurd, is ze niet te genieten. CRF is een kamp voor kinderen die kanker hebben, of hebben gehad. Ivy wil allesbehalve haar zomer doorbrengen met een groep jongeren die zichzelf slachtoffer waant en het liefst bij de pakken neer gaat zitten. De gechargeerde afkeer van Ivy blijkt al snel te verdampen en het kamp blijkt een plek waar ze, tegen wil en dank, vriendschap, plezier en zelfs een beetje liefde vindt. Ivy wordt vrijwel direct in de groep opgenomen, leert Ella (Ruby Stokes), Jake (Daniel Quinn-Toye), Archie (Conrad Kahn) en Maisie (Jasmine Elcock) kennen en komt erachter dat ze met haar lotgenoten toch een hoop gemeen heeft. Onverwerkte trauma’s, angst voor terugval en de blik van buitenstaanders blijken onderwerpen waar de hele groep mee worstelt.
Dat klinkt als de perfecte opzet voor een warme coming-of-age film, en dat is het ook, ware het niet dat ‘Sunny Dancer’ onderweg nogal wat steken laat vallen. Cringe, ongepolijst, rommelig, ongebalanceerd, houterig en onderontwikkeld. Het conflict waarmee de film opent – Ivy die met hand en tand weigert naar het kamp te gaan – wordt binnen een handjevol scènes al opgelost. Haar opstandigheid leidt al snel tot een flinke confrontatie met de kampleider Patrick (Neil Patrick Harris), maar na dat ene conflict is het spreekwoordelijk weer koek en ei. Daarnaast vloeit het script niet voldoende en had het nog wel een aantal redigeerrondes kunnen gebruiken. Verder zijn de dialogen geschreven door volwassenen, voor tieners, gespeeld door volwassenen en daardoor soms ontzettend ongemakkelijk en komen de acteurs in de bijrollen er wat diepgang betreft aardig bekaaid vanaf.
Maar ondanks al die probleempjes, werkt ‘Sunny Dancer’ toch. En dat is met name te danken aan de liefde die regisseur George Jaques en hoofdrolspeler Bella Ramsey overduidelijk in het project hebben gestopt. Ramsey heeft er enige tijd geleden voor gekozen zich te richten op de indiescène, en die keuze werpt hier duidelijk zijn vruchten af. Ze overtuigt volledig als Ivy, de wantrouwige meid die nergens meer in geloofde, maar die zichzelf met kleine, voorzichtige stapjes weer toestaat om iets te voelen. Ramsey brengt die gevoelens moeiteloos over op het publiek. Daar tegenover staat Ruby Stokes, die met haar rol als Ella, Ivy’s beste vriendin, zonder twijfel het grootste lichtpuntje van de film is. Ze speelt haar personage met een aanstekelijke, ongefilterde en chaotische energie en weet zowel de grappigste als de meest ontroerende momenten van de film naar zich toe te trekken. Elke scène waarin ze verschijnt, wordt er meteen een om te onthouden. Ook Neil Patrick Harris verdient een compliment. Zijn kampleider Patrick had met gemak kunnen verzanden in een karikatuur, de overdreven vrolijke Amerikaan die de kinderen moet opbeuren, maar Harris weet daar telkens net omheen te laveren. Onder die opgewekte buitenkant schuilt een eigen pijn, die met mondjesmaat naar de oppervlakte komt, en juist dat ingehouden spel geeft het personage een gewicht dat je niet had verwacht.
Waar Ramsey, Stokes en Harris met naam en toenaam worden geprezen, verdient ook de rest van de vriendengroep een compliment. Het script biedt ze dan niet altijd de ruimte om op individuele basis hun moment in het spotlicht te pakken, maar als groep overtuigen ze als geen ander. De vriendengroep die is samengesteld voelt echt. Alsof Jaques en zijn castingregisseuse een willekeurige vriendengroep van straat hebben geplukt. En dat hart is precies waar de film zijn kracht uit put, want binnen die groep vrienden weet ‘Sunny Dancer’ de balans tussen een lach en een traan moeiteloos te bewaren. Het ene moment lig je dubbel om een grap die eigenlijk te zwart is om hardop te lachen, het volgende moment zit je met een brok in je keel die je niet had zien aankomen. Of eigenlijk juist wel. Want je weet als kijker natuurlijk wat je kunt verwachten van een film over tieners in remissie. De emotionele beats liggen voor het oprapen, je ziet ze soms al scènes van tevoren aankomen. Maar die voorkennis blijkt geen enkele bescherming te bieden. Wanneer het moment daar is, komt het toch keihard binnen, alsof je wist dat de klap zou komen en er alsnog niet op voorbereid was. Want hoe rommelig en ongebalanceerd ook, ‘Sunny Dancer’ weet je op de juiste momenten te raken. En dat is uiteindelijk waar kunst om draait.
Ook muzikaal weet de film die balans tussen luchtigheid en zwaarte te vinden. De score van Este Haim en Zachary Dawes tilt de speelsheid van het kamp mee, aangevuld met needle drops zoals de terugkerende “I Don’t Feel Like Dancin'” van Scissor Sisters, die als een soort running gag door de vrolijkere scènes heen loopt en steevast voor een lach zorgt. Maar diezelfde uitbundigheid maakt plaats voor stilte zodra het menens wordt, en juist in die stiltes, wanneer de muziek zich even terugtrekt, komt de klap het hardst aan. ‘Sunny Dancer’ heeft, alle rafelranden ten spijt, het voordeel van de twijfel verdiend. En wanneer een film je op zo’n emotionele toon weet af te sluiten, begeleid door Bon Ivers ‘Perth’, dan heeft hij dat voordeel ook gewoon verdiend.
Jelco Leijs
Waardering: 3.5
Bioscooprelease: 13 augustus 2026
