Targets (1968)
Regie: Peter Bogdanovich | 90 minuten | misdaad, drama | Acteurs: Boris Karloff, Tim O’Kelly, Nancy Hsueh, James Brown, Arthur Peterson, Tanya Morgan, Mary Jackson, Sandy Baron, Monte Landis, Paul Condylis, Mark Dennis, Stafford Morgan, Peter Bogdanovich, Daniel Ades, Timothy Burns, Warren White, Geraldine Baron, Gary Kent, Ellie Wood Walker, Frank Marshall, Byron Betz, Mike Farrell, Carol Samuels, Jay Daniel, James Morris
Eind jaren zestig kantelde de Amerikaanse filmwereld van de oude studioformules naar het modernere, rauwere New Hollywood, en daarmee ook het horrorgenre: de gotische kastelen en geschminkte monsters maakten plaats voor dreiging die je op straat, in de krant of bij de buurman kon tegenkomen. ‘Targets’ laat die overgang niet alleen zien, maar is er zelf ook een voorbeeld van. “No one’s afraid of a painted monster,” verzucht Boris Karloff in de film, terwijl hij een krantenkop toont: Youth kills six in supermarket.
De film bestaat uit twee verhaallijnen die langzaam naar elkaar toe bewegen. Enerzijds speelt de legendarische Boris Karloff (‘Frankenstein’, ‘The Mummy’) Byron Orlok, een ouder wordende horroracteur die duidelijk op hemzelf gebaseerd is. Orlok wil met pensioen, niet zozeer omdat hij zijn werk beu is, maar omdat hij voelt dat zijn vak – en het publiek – is veranderd. Het is een roerende, licht ironische rol, waarin Karloff zowel de charme als de melancholie van een verdwijnend tijdperk belichaamt.
De andere lijn volgt Bobby Thompson (Tim O’Kelly), een ogenschijnlijk vriendelijke jongeman, maar al snel blijkt dat achter zijn keurige façade iets duisters schuilt. Zonder duidelijke aanleiding begint hij aan een schokkende reeks mass shootings. De luchtigheid waarmee hij te werk gaat en het ontbreken van een motief maken zijn daden des te verontrustender.
Onvergetelijk is de setpiece waarin Bobby van lange afstand nietsvermoedende mensen onder vuur neemt. Het gebrek aan muziek of sensationele montage laat het akelig realistisch aanvoelen. Deze scène moet destijds ingrijpend zijn geweest, maar in het huidige tijdperk – waarin dergelijke nieuwsberichten helaas routine lijken te worden – komt het misschien nog wel harder binnen.
Met zijn regiedebuut levert Peter Bogdanovich meteen een indrukwekkend visitekaartje af. Hij maakt slim gebruik van de locaties en sommige montagekeuzes, zoals de overgangen tussen de twee verhaallijnen, werken bijzonder effectief. De drive-inclimax vormt de kers op de taart en houdt je op het puntje van je stoel met zijn zorgvuldig opgebouwde suspense en inventieve montage.
Minder overtuigend is Bogdanovich’ eigen acteerwerk als de jonge regisseur Sammy, met name de scène waarin hij dronken zou moeten zijn, weet hij niet te verkopen. Daarnaast was Karloff slechts kort beschikbaar voor de opnames, en voelt zijn verhaallijn dan ook iets minder uitgewerkt. Maar gezien de tijdsdruk en het astronomisch lage budget haalt hij er het maximale uit.
‘Targets’ is een indringende reflectie op de veranderende aard van film en angst in Amerika. Karloff neemt waardig afscheid van het genre dat hem groot maakte, terwijl Bogdanovich het terrein verkent dat horror zou gaan domineren: het monster dat niet uit een graf kruipt, maar gewoon naast ons in de rij bij de supermarkt kan staan. Een ijzersterk debuut.
Julian Meijer
Waardering: 4
