Temporada de patos (2004)

Regie: Fernando Eimbcke | 90 minuten | komedie | Acteurs: Enrique Arreola, Diego Cataño, Daniel Miranda, Danny Perea, Carolina Politi, Antonio Zúñiga, Alfredo Escobar, Sara Castro

De eerste shots van ‘Temporada de Patos’ geven al meteen goed aan wat je van de film kan verwachten qua tempo en sfeer. We zien stadsbeelden (in zwart-wit) van de straat en omgeving waar Flama woont en deze bewuste zondag samen met zijn vriend Moko, en een stel onverwachte bezoekers, zal doorbrengen. We zien fade ins en outs van een kapotte fiets tegen een lantaarnpaal, een basketbalnetje, enkele schommelende kinderen: het heeft allemaal een wat desolaat, verveeld karakter. Al snel zien we de moeder van Flama die op het punt staat weg te gaan, en geeft nog even de laatste “orders” aan de kinderen. Was ophalen, gas uit, etcetera. Ze lijkt maar niet weg te komen. Dan, wanneer ze eindelijk het appartement verlaat, doen Flama en Moko opgelucht de deur dicht: tijd voor wat plezier! Twee gigantische glazen worden om en om gevuld met cola, net zo lang tot ze tot de rand toe vol zitten. Dan wordt de X-box tevoorschijn gehaald, en het oorlogs/schietspel “Halo” opgestart. De één speelt met Bush, de ander met “Bim” Laden.

Net wanneer ze er lekker inzitten, gaat de deurbel. Ze hebben geen zin om open te doen, maar de (aan)beller, buurmeisje Rita, is vasthoudend. Moko en Flama laten haar toch maar binnen, maar kijken haar nauwelijks aan, en reageren niet op haar opmerkingen. Ze moeten immers verder met hun computerspel. Dan gebeurt er iets vreselijks: de stroom valt uit! Wat moeten de twee vrienden nu doen? De passiviteit en verveling die nu ontstaat bij het tweetal is erg grappig gevat door de regisseur. We zien verschillende shots van de twee vrienden, die roerloos op de bank zitten, wat voor zich uitstaren, wat aan hun haar frunniken, of elkaar half-vragend aankijken. Ineens hebben ze weer een activiteit bedacht: pizza bestellen! De koerier, zo weten ze, is toch (bijna) nooit op tijd, en dat betekent gratis pizza. Uiteindelijk moeten deze vier personen, Flama, Moko, Rita, en koerier Ulises, in dat ene appartement met elkaar de dag zien door te komen, terwijl er verschillende meer of minder dramatische interacties tussen de personages plaatsvinden.

Dit doet de regisseur op een erg rustige manier, waarbij de lange shots, of de handelingen en dialoog van de personages niet altijd even interessant zijn of relevant lijken voor het script, maar je als toeschouwer wel het gevoel geven als een “fly on the wall” de levens van deze personen gade te slaan. De personages komen door het opeten van snoepjes  juist beter tot leven door de trivialiteit of non-dramatiek van hun acties, waardoor de echte (mini-)drama’s waarachtiger overkomen. We worden bijvoorbeeld langer dan noodzakelijk getrakteerd op de voetbalmatch op de Xbox, en met Rita (om te kijken of ze de kleur van de binnenkant kan raden). Maar we zijn hierdoor wel meer geboeid wanneer de zelfverzekerde Rita Moko een (tong)zoen geeft, die heel verlegen reageert, en later juist opschept tegen Flama dat hij het initiatief had genomen. Ook is het ontroerend om te zien hoe Flama, die de hele tijd erg vijandig tegen de pizzakoerier is geweest, toch respect voor hem krijgt wanneer deze hem zijn levensverhaal vertelt.

De titel betekent “eendenseizoen” en slaat onder meer op het schilderij dat bij Flama in de kamer hangt (en een groep migrerende eenden toont) en het huidige twistpunt is in de op handen zijnde scheiding van zijn ouders. Flama heeft het hier behoorlijk moeilijk mee, en wanneer zijn fotoboek tevoorschijn wordt gehaald, wordt (half-grappend) de mogelijkheid geopperd dat hij geadopteerd is. Ook zijn de titel, en het schilderij, symbolisch voor het eigenlijke verhaal van de film. De jongens (en Rita) zijn namelijk op hun eigen manier (mentaal) aan het migreren naar volwassenheid; een migratie die eigenlijk op deze bewuste zondag (echt) begonnen is. ‘Temporada de Patos’ is niet heel diepzinnig, maar is zeker een mooi drama geworden, met prachtige zwart-wit cinematografie, dat vooral de geduldige kijkers onder ons zal aanspreken.

Bart Rietvink