Tenet (2020)

Recensie Tenet CinemagazineRegie: Christopher Nolan | 150 minuten | actie, science fiction | Acteurs: John David Washington, Robert Pattinson, Elizabeth Debicki, Dimple Kapadia, Martin Donovan, Fiona Dourif, Yuri Kolokolnikov, Himesh Patel, Clémence Poésy, Aaron Taylor-Johnson, Michael Caine, Kenneth Branagh

Het filmjaar 2020 is nu al memorabel, maar helaas niet om de juiste redenen. Vanwege de coronapandemie kunnen er amper nieuwe films worden gemaakt en zitten de deuren van de bioscoopzalen in veel landen potdicht. Filmmakers proberen hun reeds afgeronde films op creatieve manieren toch te slijten aan het publiek; omdat de mensen massaal thuiszitten is voor kleine titels video on demand (vod) interessant. Maar ook grote filmmaatschappijen zwichten nu voor het streamen van hun gloednieuwe films; zo zet Disney de live action-versie van ‘Mulan’ (2020) op zijn eigen streamingsdienst Disney+, zodat hun reeds betalende klanten tegen een extra vergoeding de film vanuit hun luie stoel thuis kunnen bekijken. De nieuwste James Bond-film ‘No Time to Die’ (2020) werd al eerder van april naar november verschoven, al is het de vraag of het virus tegen die tijd al dusdanig onder controle is dat ook in de VS alle zalen weer open kunnen. Nee, dan Christopher Nolan. De Britse filmmaker toont lef door zijn langverwachte sci-fi spektakel ‘Tenet’ (2020) ‘gewoon’ waar mogelijk in de zomer uit te brengen (al is de releasedatum wel enkele keren uitgesteld). Nolan als redder van de filmzomer van 2020? Het zou zomaar kunnen, want ‘Tenet’ biedt precies het visuele spektakel waarvoor veel mensen naar de bioscoop komen.

Wie ervan baalt dat ‘No Time to Die’ voorlopig nog niet te zien is, hebben we goed nieuws: ‘Tenet’ is in feite Nolans versie van een James Bond-kraker, compleet met spionage-elementen, een klassieke schurk met Oost-Europees accent, landje-hop, een trits uiteenlopende vervoersmiddelen en spectaculaire actiescènes. Maar waar de Bond-films de laatste jaren aan diepgang gewonnen hebben, blijft Nolan hier aan de oppervlakte. Natuurlijk, er wordt volop met wetenschappelijke terminologie gestrooid – zo erg zelfs dat je de draad al snel kwijtraakt, maar daarover later meer – en er verschijnt zelfs een Q-achtige techneut (hier gespeeld door Clémence Poésy) ten tonele die de held tracht uit te leggen wat er aan de hand is. Die held wordt gespeeld door John David Washington (inderdaad de zoon van, die zo goed voor de dag kwam in Spike Lee’s ‘BlacKkKlansman’ uit 2018), maar het feit dat de door hem gespeelde Amerikaanse CIA-agent niet eens een naam meekreeg (hij wordt eenmaal ‘The Protagonist’ genoemd, en daar blijft het bij), zegt eigenlijk al meteen dat in ‘Tenet’ de karakters van ondergeschikt belang zijn. Nolans films staan sowieso niet echt bekend om hun uitgediepte personages; een veelgehoorde kritiek is dat ze kil en afstandelijk zijn en dat ze slechts bij uitzondering emoties weten los te weken. Gelukkig weet hij wel altijd uitstekende acteurs te strikken, waardoor het minder opvalt dat ze eendimensionale karakters spelen.

Aan het begin van ‘Tenet’ leren we dat de Derde Wereldoorlog op het punt staat uit te breken, een strijd die ‘nóg erger zal zijn dan een nucleaire Holocaust’. Aan onze naamloze protagonist de taak om deze ramp te zien voorkomen. Het belangrijkste wapen van de tegenstander is dat ze gedurende een korte tijd tegen de tijd in kunnen bewegen. Geen tijdreizen dus, maar inversie oftewel omkering. De steenrijke Russische wapenhandelaar Andrei Sator (Kenneth Branagh leeft zich uit) schijnt er meer van te weten, maar het is niet eenvoudig om bij hem in de buurt te komen. Onze held speelt het via Sators doodongelukkige echtgenote Kat (de boomlange maar wat kleurloze Elizabeth Debicki), die eigenlijk van haar man af wil maar bang is dat ze dan haar zoontje nooit meer zal zien. De twee gooien het op een deal; Kat helpt onze protagonist om in de buurt van Sator te komen, hij draagt er zorg voor dat er niks met haar of haar zoontje zal gebeuren. Onze held ontdekt dat hij een kostbaar materiaal uit verkeerde handen moet zien te krijgen, en die missie brengt hem en zijn mysterieuze, oer-Britse undercovercollega Neil (Robert Pattinson, lekker op dreef) naar onder meer een zwaarbewaakte opslagplaats op het vliegveld van Oslo, de schitterende en zonovergoten Amalfi-kust van Italië en een duizelingwekkende ringweg in Estland.

Meer gaan we niet van het verhaal verklappen, maar bereid je voor op actiespektakel waarbij tijd, en de verschillende dimensies van tijd, de hoofdrol spelen. Voor wie het nog niet was opgevallen: de titel ‘Tenet’ is een palindroom en de film is dat in feite ook. Tussen de bedrijven door wordt geprobeerd een wetenschappelijke verklaring te geven, maar zodra Clémence Poésy in haar witte jas daartoe een poging doet en strooit met termen als inversie, entropie en temporele tangbeweging, zijn we haar al kwijt. Ze zegt het letterlijk: ‘Probeer het niet te begrijpen, maar te voelen’. Dat geldt eigenlijk voor de hele film. Wees dus niet bang als je de draad kwijtraakt, gaandeweg het verhaal zie je vanzelf van Nolan met al die wetenschappelijke termen bedoelt. Want dat is waar ‘Tenet’ in uitblinkt: de zinderende actiescènes waarbij je telkens opnieuw versteld staat. Wat ook ingenieus is: hij laat zaken en gebeurtenissen die je aanvankelijk niet kunt plaatsen, in een later stadium op hun plek vallen. Het moment dat je dat doorhebt, geeft een prettige sensatie. Dit is ook typisch een film die je vaker dan één keer moet kijken om alles te kunnen vatten. En dan bedoelen we vooral in visueel opzicht; de terminologie hier is nog vele malen complexer dan in ‘Inception’ en ‘Interstellar’ dus laat vooral los dat je dat helemaal wilt begrijpen, want anders kun je niet van dit visuele kunstwerk van Nolan en zijn vaste Nederlandse director of photography Hoyte van Hoytema genieten. En laten we ook de imponerende muziek van Oscarwinnaar Ludwig Göransson (‘Black Panther’, 2018), die ‘invalt’ voor Hans Zimmer, niet vergeten.

Net als eigenlijk alle andere Nolan-films blijft de emotie ook in ‘Tenet’ aan de oppervlakte en worden de personages eigenlijk nooit mensen van vlees en bloed. Hoe graag we het ook zouden willen, want de cast is er een om van te smullen (uiteraard is Nolans ‘lucky charm’ Michael Caine ook nu weer van de partij). Dus waar we de inversie van de tijd op een gegeven moment wél voelen, gebeurt dat bij de personages helaas niet. Onze protagonist zet zijn leven op het spel voor Kat, maar waarom eigenlijk? Enige vorm van chemie ontbreekt. Misschien is de koele Debicki niet de juiste vrouw voor deze rol, maar wie zegt dat het met een actrice met een warmere uitstraling wél zou werken? Het is nu eenmaal inherent aan het werk van Nolan dat de emotionele verbintenis met de personages ver te zoeken is. Dat was in ‘Inception’ al zo (al was DiCaprio’s Dom Cobb wel een stuk complexer en gelaagder dan John David Washington hier); in ‘Interstellar’ probeerde Nolan het wel, maar voelde het toch een beetje gekunsteld aan. In ‘Dunkirk’ (2017), dat qua stijl en thematiek heel ver van al zijn andere films af ligt, zie je Nolan op zijn menselijkst. Hij kán het dus wel…

‘Tenet’ wordt gepresenteerd als dé blockbuster die de filmzomer van 2020 – misschien zelfs wel het hele filmjaar – moet gaan redden. Dat zou nog best eens kunnen gaan lukken. Om je volledig te kunnen onderdompelen in het verbluffende visuele spektakel wat Nolan hier op je afvoert moet je deze film absoluut in de bioscoop gaan bekijken (liefst op een IMAX of 70mm scherm). Die vlakke personages nemen we dan maar voor lief, want de actiescènes maken veel goed. Dit is waarvoor je naar de bioscoop gaat! En bekijk ‘m als het even kan meer dan één keer, omdat je dan nog meer geniale vondsten eruit haalt. Laat je niet afleiden door de ingewikkelde termen die je om de oren vliegen, alles valt uiteindelijk vanzelf op zijn plaats.

Patricia Smagge

Waardering: 4

Bioscooprelease: 27 augustus 2020