The Grifters (1990)

Regie: Stephen Frears | 110 minuten | drama, thriller, misdaad | Acteurs: Anjelica Huston, John Cusack, Annette Bening, Jan Munroe, Robert Weems, Stephen Tobolowsky, Jimmy Noonan, Richard Holden, Henry Jones, Michael Laskin, Eddie Jones, Sandy Baron, Lou Hancock, Gailard Sartain, Noelle Harling, Ivette Soler, Pat Hingle, Paul Adelstein, Jeremy Piven, Gregory Sporleder, David Sinaiko, Jeff Perry, Jon Gries, Micole Mercurio, Charles Napier, J.T. Walsh, Teresa Gilmore, Elizabeth Ann Feeley, Billy Ray Sharkey, Frances Bay, Xander Berkeley

Weinig regisseurs zijn zo veelzijdig als Stephen Frears. In zijn eigen Groot-Brittannië had hij met films als ‘My Beautiful Laundrette’ (1986), ‘Prick up Your Ears’ (1987) en ‘Dangerous Liaisons’ (1988) reeds furore gemaakt toen hij eind jaren tachtig naar Hollywood trok. De films die hij daar maakte verschilden sterk van onderwerp en toon. Komedies en misdaadfilms wisselde hij af en sociaal-maatschappelijke drama’s. Hij maakte zelfs een western (‘The Hi-Lo Country’, 1998)! “Ik overleef op nieuwsgierigheid. Ik ben altijd nieuwsgierig gebleven. Orson Welles had het vroeger over je onschuld bewaren. Dat is moeilijk, zeker in Hollywood, omdat het zo’n cynische en corrupte plek is. Maar als je er voor het eerst heen gaat, is het ongelooflijk interessant. Ik ben blij dat ik er geweest ben. Het is heel spannend,” aldus Frears in 2003 in het filmblad Cineaste. Frears’ eerste Amerikaanse film was de misdaadthriller ‘The Grifters’ (1990), een prent die hem prompt een Oscarnominatie voor beste regisseur opleverde. Martin Scorsese treedt op als producent.

In ‘The Grifters’ draait het om drie oplichters. Roy Dillon (John Cusack) is een twintiger die het ‘vak’ niet echt onder de knie heeft en zich vooralsnog beperkt tot wisseltrucs in cafés. Zijn oudere vriendin Myra Langtry (Annette Bening) heeft het beter voor elkaar. Jarenlang was ze de sexy sidekick van een notoire oplichter, maar sinds hij in een psychiatrische inrichting belandde is ze zoekende. Hun levens worden op hun kop gezet wanneer Roys moeder Lilly (Anjelica Huston) opduikt. Al sinds hele jonge leeftijd licht ze mensen op en ze beschouwt iedereen als een potentieel slachtoffer – dus ook haar bloedeigen zoon. In opdracht van een gokkantoor schuimt ze paardenraces af om de koersen te beïnvloeden. Wanneer Roy door een cafébaas die hem betrapt in elkaar wordt geslagen en in het ziekenhuis belandt, komt het tot een confrontatie. Lilly wil niet dat haar zoon met de verderfelijke Myra omgaat. Vanaf het moment dat de twee femmes fatales elkaar ontmoeten, is duidelijk dat ze een strijd op leven en dood zullen voeren, met Roy als inzet. Een strijd waarin alles is veroorloofd…

Dat ‘The Grifters’ de sfeer ademt van de klassieke film noir, is niet verwonderlijk. Het verhaal komt uit de koker van pulpschrijver Jim Thompson, wiens oeuvre veel gelijkenissen vertoont met dat van Dashiell Hammett en Raymond Chandler. Het cynisme van de personages druipt er van af; vaak houden ze zich groot terwijl ze diep van binnen worden opgevreten door hun angsten, schuldgevoelens en lage zelfdunk. Sommige citaten en dialogen in ‘The Grifters’ zijn rechtsreeks overgenomen uit het gelijknamige boek van Thompson. De eveneens vermaarde misdaadschrijver Donald Westlake verwerkte het verhaal tot een script dat in al zijn poriën de verdorven wereld van de film noir ademt. Het script leverde de film een van zijn vier Oscarnominaties op. Frears stopt zijn film vol verwijzingen naar de klassieke thrillers, waaronder Hitchcocks ‘The Lady Vanishes’ (1938) en ‘Psycho’ (1960). Ook ‘The Sting’ (1973) komt voorbij. Bovendien is het personage Myra een moderne bewerking van de rollen die van Gloria Grahame een ster maakten; die in ‘In a Lonely Place’ (1950) en vooral ‘The Big Heat’ (1953). Grahame was de personificatie van het verderfelijke, onbetrouwbare en ordinaire gangsterliefje, die tegelijkertijd iets kwetsbaars had. Bening komt met haar interpretatie erg dicht bij Grahames ‘origineel’.

De vrouwen zijn in ‘The Grifters’ dan ook de belangrijkste troeven. John Cusack vormt het sympathieke hart van de film. Hij doet zo zijn best om een goede oplichter te worden, maar het zit er gewoon niet in. Hij mist niet alleen het talent, maar tevens de meedogenloosheid die Lilly en Myra wel hebben. Lilly licht mensen al op sinds ze zich kan herinneren. Al op haar veertiende beviel ze van Roy en het kleine leeftijdsverschil heeft duidelijk zijn weerslag op hun onderlinge relatie, die naar het eind toe steeds meer weg heeft van de klassieke mythe van Oedipus. Dat verklaart tevens de felle reactie van Lilly op de tussenkomst van Myra. Bening en Huston ontvingen beiden een Oscarnominatie. ‘The Grifters’ blinkt vooral uit in de manier waarop alle afzonderlijke aspecten samenkomen en er naar het einde toe kan worden gewerkt. Deze film kent een einde waarin geheimen worden onthuld en schulden worden uitbetaald. Frears zet de tragiek van zijn personages met zijn confronterende slotakkoord nog eens extra in de verf. In cinematografisch opzicht moet ‘The Grifters’ het onderspit delven ten opzichte van zijn klassieke tegenhangers: noir werkt simpelweg het beste in zwart-wit. Al houdt Frears het met enkele visuele hoogstandjes (bijvoorbeeld de splitscreen aan het begin van de film) toch spannend.

‘The Grifters’ toont aan dat oplichters niet zomaar zijn wie ze zijn, maar dat ze opgesloten zijn in een web van vertrouwen en verraad dat ze niet zomaar even van zich afschudden. Als je zoals Roy en Lilly al van jongs af aan in ‘het wereldje’ zit, is het moeilijk het patroon te doorbreken. Vooral voor Roy is het extra wrang; hij denkt dat hij graag een goede oplichter wil zijn, terwijl hij in werkelijkheid vooral zoekt naar iemand die hij zonder wantrouwen lief kan hebben, iemand die nu eens niet probeert hem op te lichten. ‘The Grifters’ markeert een boeiend Amerikaans debuut van Stephen Frears. Een overtuigende neo-noir vol verdorven en tragische figuren en een onvervalste driehoeksverhouding, die zeker in verhaaltechnisch opzicht kan wedijveren met zijn klassieke voorgangers.

Patricia Smagge