The Hound of the Baskervilles (2002)

Regie: David Attwood | 99 minuten | misdaad, thriller | Acteurs: Richard Roxburgh, Ian Hart, Richard E. Grant, Matt Day, John Nettles, Geraldine James, Neve McIntosh, Ron Cook, Liza Tarbuck, Paul Kynman, Danny Webb, Richard Hawley, Jim Norton

Een vrouw uit de lijn van de Baskervilles vluchtte de heide op en haar hond volgde haar. Zij werd afgeslacht door haar man, de hond bleef achter op de heide en een vloek ontstond. Elke Baskerville die ‘s nachts de heide opgaat wordt verminkt door de Hound. Wanneer de laatste Engelse afstammeling van de Baskervilles dood gevonden wordt, met een angstaanjagende grimas op zijn gezicht, roept Dr. Mortimer, de huisarts van Dartmoor, de hulp in van Sherlock Holmes om te onderzoeken of de hond een legende of werkelijkheid is. De laatste Baskerville, Henry, komt vanuit Canada om zich op het landgoed te vestigen en Watson vergezelt hem daarbij. Ondertussen zoekt Holmes uit wat er nu écht gebeurt is.

Al zeventien keer werd dit klassieke verhaal van Sir Arthur Conan Doyle verfilmd. De BBC deed het in 2002 nog een keer over. Alle films werden bekeken, het boek nog een keer goed doorgenomen en regisseur Attwood wil met zijn versie de ultieme verfilming maken. (Dat willen ze immers allemaal.)

‘The Hound of the Baskervilles’ is met al die verfilmingen het populairste verhaal over Sherlock Holmes. Waarschijnlijk omdat het een detective is waar een element van horror in zit; een verraderlijk landschap, veel speelt zich ‘s nachts af, een hellehond die wel of niet bestaat en een ontsnapte moordenaar die op de heide rondsluipt (die de broer van de huishoudster van de Baskervilles blijkt te zijn). Het boek zelf was ook een van de populairste verhalen over Holmes. Het verscheen slechts een paar jaar na de schrik van Jack the Ripper en het is het boek waarin Conan Doyle zijn meesterdetective weer tot leven wekt, nadat hij hem zijn dood had ingejaagd door hem van een waterval te laten vallen.

Ook al is het de zoveelste verfilming, deze BBC televisie versie is bijzonder interessant. Holmes wordt in beeld gebracht zonder alle conventies die bij hem horen, zoals de pijp en het hoedje. In plaats van de pijp rookt hij sigaretten en pompt hij opium in zijn aderen. En dat proberen andere versies vaak te ontwijken.

De homoseksualiteit die vaak in Conan Doyle gelezen wordt, maar natuurlijk nooit expliciet is, wordt ook lichtjes aangeraakt in ‘The Hound of the Baskervilles’. Wanneer Holmes zich verstopt op de heide om alles van een afstand te kunnen beschouwen en Watson daar uiteindelijk lucht van krijgt, reageert hij als een gekwetste vrouw die er net achterkomt dat haar man een affaire heeft. Tussen Henry Baskerville en Watson hangt ook een seksuele spanning. Dit wordt vooral duidelijk wanneer Henry zich aan staat te kleden en Watson hem helpt met zijn das. De blikken die worden uitgewisseld spreken boekdelen.

De spanningsopbouw van de film heeft een overduidelijke klassieke boog. Eerst worden de karakters voorgesteld en na twintig minuten volgt de eerste plotwending. Na nog eens twintig minuten gebeurt dit opnieuw. Bij Disney films is dit irritant, bij een verhaal over Holmes kan het eigenlijk niet anders.

Het zijn vooral de acteurs die deze film tot een prettige kijkervaring maken. Richard Roxburgh (‘Moulin Rouge’, ‘Van Helsing’) zet een overtuigende Holmes neer. Sowieso is dit een fijne acteur die altijd een heel ander type, maar nooit een karikatuur, weet neer te zetten. Ian Hart (de slechterik uit de eerste ‘Harry Potter’) zet een ingetogen Watson neer die wel afhankelijk is van Holmes, maar evengoed zijn eigen lijn volgt. Matt Day, vooral bekend van bijrollen, zet overtuigend de naïeve eigenaar van het landgoed neer.

Storend is dat de hond heel, maar echt heel erg nep is. Duidelijk is dat het budget niet aan de computeranimatie is opgegaan, maar aan de omgeving. Ook al is het storend, het is niet zodanig dat het een stempel op de film drukt. Het gaat immers niet om de hond zelf, maar om de ongeziene aanwezigheid en dreiging die van het beest uitgaat.

In gedachte houdend dat dit een televisie versie is, is het al met al een prettige verfilming van het verhaal. Hij staat ver weg van Hollywood en heeft een duidelijk BBC stempel. Ten eerste omdat het allemaal Britse acteurs zijn die nooit hoofdrollen in grote producties hebben. Geen afleiding door grote namen dus, en omdat het geld niet allemaal opging aan de hond, concentreert de film zich volledig op het verhaal met een klassieke spanningsboog.

Rieneke Kok