The Last Victory (2004)

Regie: John Appel | 88 minuten | documentaire | Acteurs: Egidio Mecacci, Paolo Rossi, Alma Savini, Roberto Papei, Camilla Marzucchi, Alessandro Calderan

De veelzeggende ondertitel van deze gedramatiseerde documentaire luidt “tien paarden en tachtig seconden eenzaamheid”. De jaarlijkse paardenrace duurt maar tachtig seconden – drie rondjes om het centrale plein. Voor de inwoners van de tien wijken van Siena zijn het bloedstollende seconden waarin ze een jaar van hun levensverwachting lijken te verliezen. De film opent met een oud zwart-wit filmverslag uit de vorige eeuw waarin het paard van de wijk Civetta (‘Uil’) de race won. Het is een prachtige opname, genomen vanuit de hoge toren aan het plein, met hartstochtelijk meeschreeuwend commentaar van de verslaggever. Het plein is zo klein dat paarden uit de bocht vliegen, elkaar opzij stoten, tegen gevels botsen en de jockeys bijna in de uitzinnige menigte worden geworpen. Kippenvel!

De Nederlandse filmmaker John Appel wist zich binnen te praten in de gesloten gemeenschap van de wijk Civetta en volgde het wel en wee van deze mensen in de aanloop naar de Palio van 2003. De camera volgt enkele maanden lang vooral drie inwoners, die Appel zonder commentaar volgt en aan het woord laat. Deze werkwijze is hem vertrouwd. Eerder maakte hij de zeer succesvolle documentaire ‘André Hazes – zij gelooft in mij’ waarmee hij in 1999 de Joris Ivens Award won. Diep weten door te dringen in het persoonlijke leven van mensen, met hun de ups en downs, is een grote verdienste van Appel. In ‘The Last Victory’ is hij daar wat minder in geslaagd dan bij André Hazes. De gemeenschap van Civetta, naar goed Italiaans gebruik een wat illustere ‘tweede familie’ bleek veel geslotener dan gedacht. De inwoner die zich het meest blootgeeft is de oude buurtnestor Egidio, maar zelfs hij ontwijkt de camera en microfoon vlak voor de race. The Last Victory weet desondanks te boeien omdat het de ondraaglijk oplopende spanning voor de race vakkundig laat overspringen op de argeloze kijker. Het is daarnaast een interessante antropologische studie (er is zelfs een antropoloog in de voorbereiding geconsulteerd) over de Italiaanse cultuur en die van Siena in het bijzonder. Het is bizar er getuige van te zijn hoe het vriendelijke toeristenstadje een paar weken per jaar in zichzelf keert, pottenkijkers weert en een ware oorlog ontketent tussen de wijken. De paardenrace is daarvan de climax. Die climax is in ‘The Last Victory’ een haast terloops gefilmde bijzaak geworden.

Zoals veel documentaires is deze van het impressionistische soort. De camera registreert rake beelden, mensen spreken hun hart uit, de sfeer is dromerig en wordt nu en dan ondersteunt door weemoedige muziek. Het ontbreken van een uitleggende commentaarstem zuigt de kijker helemaal in het leven van Siena, maar laat tegelijk cruciale vragen onbeantwoord. Je zou toch soms meer van de achtergronden van de Palio willen weten, zaken die de gefilmde mensen zelf duidelijk niet wensen te melden, zoals de rol van smeergeld in de uitkomst van de race…

Endre Timar