The Mask of Zorro (1998)

Regie: Martin Campbell | 136 minuten | actie, komedie, western, avontuur, romantiek | Acteurs: Antonio Banderas, Catherine Zeta-Jones, Anthony Hopkins, Stuart Wilson, Matt Letscher, Julieta Rosen, Victor Rivers, David Villalpando, Tony Amendola, William Marquez

Het knappe van ‘The Mask of Zorro’ is het pure entertainment dat de film van begin tot einde uitstraalt. Het verhaal is niets bijzonders en is al in talloze andere films opgevoerd: de hoofdrolspeler(s) is groot onrecht aangedaan en er moet wraak genomen worden. Maar met eer, niet door stompzinnige, escalerende trap van geweld. En voor gerechtigheid, niet hoofdzakelijk voor persoonlijke genoegdoening. Dit maakt dat het verhaal althans boven het cliché uitstijgt, ook al moet er een held getraind moet worden in vaardigheden om de slechteriken te bestrijden en er het hart van een schone dame gewonnen worden. Wat dat betreft kent de film een voorspelbaar verloop. Geen onverwachte plotwendingen hier, maar ouderwets goed Hollywood-vermaak.

Regisseur Martin Campbell, die eerder James Bond een nieuw injectie gaf in ‘GoldenEye’ heeft de touwtjes goed in handen en levert degelijk vakwerk af zonder teveel aandacht naar zichzelf toe te trekken. Dit is een verdienste op zich.

Hopkins, betrouwbaar als altijd, geeft de gekwelde ziel van de oudere Zorro een hoge mate van geloofwaardigheid mee en het is dan ook onmogelijk geen sympathie voor hem op te vatten. Catherine Zeta-Jones is als Elena Montero de befaamde damsel in distress, maar blijkt vurig te zijn en kan meer dan alleen gilletjes slaken en in ademnood haar boezem op en neer bewegen. Ze weet zich ook kranig te weren met een degen. Ook is er opmerkelijk veel chemie tussen haar en Banderas, die zowel ruwe charme heeft als de dommige struikrover Murrieta als verfijnde charme als de gemaskerde held Zorro.
Daarnaast heeft Patrick Wilson een leuke schurkenrol als Don Rafael Montero die niet alleen Hopkins’ dochter afpakte (raad eens wie) maar ook nog snode plannen heeft met Californië en duizenden Mexicaanse arbeiders. De relatief onbekende Matt Letscher is een effectieve engerd als kapitein Love (die echt bestaan schijnt te hebben en wiens achternaam dus geen cynische grap van de makers was) die wat bizarre hobby’s heeft zoals hoofden op sterk water zetten.

Het is allemaal pretentieloos vermaak oude stijl, dus veel achtervolgingen, zwaardgevechten, halsbrekende toeren op paarden en ontploffingen. Gelukkig is dit alles wel geïntegreerd in het verhaal en worden er niet zomaar actiescènes opgevoerd, omdat het weer eens tijd werd voor een stunt. Daarmee gewapend en met een scheutje humor prikt ‘The Mask of Zorro’ stevig in de roos.

Hans Geurts