Traitor (2008)

Regie: Jeffrey Nachmanoff | 114 minuten | drama, thriller, misdaad | Acteurs: Don Cheadle, Guy Pearce, Saïd Taghmaoui, Neal McDonough, Alyy Khan, Archie Panjabi, Raad Rawi, Hassam Ghancy, Mozhan Marnò, Adeel Akhtar, Jeff Daniels, Lorena Gale, Scali Delpeyrat, Mehdi Ortelsberg, Aizoun Abdelkader, Mohamed Choubi, Farid Regragui, Habib Hamdane, Youness Sardi, Joseph Beddelem, Alaa Moumouzoune, Tom Barnett, Simon Reynolds, Matt Gordon, Patrick Rodney Barnes, Shahla Kareen    

In het huidige maatschappelijke klimaat waarin politieke partijen steeds vaker gedwongen worden tot ferme en ongenuanceerde uitspraken over “bepaalde bevolkingsgroepen” – oftewel moslims en/of Marokkanen – is een evenwichtig beeld in films van gecompliceerde, niet makkelijk te duiden kwesties als het (islamitisch) fundamentalisme zeer welkom. Zaken die helder en zwart-wit lijken, zijn dit namelijk zelden. ‘Traitor’ is een psychologische thriller die de huidige terrorisme-problematiek volwassen en intelligent benadert en daarnaast aan de wetten van de Hollywood actiefilm voldoet. De combinatie van deze elementen zorgt weliswaar voor een lichte verwatering van beide aspecten, maar hoofdrolspeler Don Cheadle houdt met zijn geweldige introspectieve vertolking van Samir Horn – één van zijn beste rollen ooit – de kijker continu aan het scherm gekluisterd en geeft zijn personage het gewicht dat het verdient.

Vooral de eerste helft van ‘Traitor’, wanneer Horns loyaliteit langzaam aan het verschuiven is richting de kant van de islamitische fundamentalisten in de film, is uiterst sterk. Doordat de kijker zich met de door Cheadle als menselijk en intelligent geportretteerde Horn identificeert, wordt hij ook gedwongen actief en serieus na te denken over het gezichtspunt van de fundamentalisten. Nee, het is niet goed te praten dat zelfmoordenaars onschuldigen om laten komen bij hun acties, maar is het ook inderdaad niet waar dat vele onschuldige islamieten al decennia lang omkomen door Amerikaanse, of Westerse, acties, zoals een personage in de film stelt? En waren de Amerikanen ook niet ooit terroristen voor de Britten? En wanneer blijkt dat ook de Amerikaanse regering bereidt is bewust onschuldige slachtoffers te maken voor het “hogere” doel, stelt de film terecht de vraag welke kant nu eigenlijk morele superioriteit kan claimen.

Door Samirs schijnbare aantrekkingskracht tot de “zaak” van de terroristen, wordt de kijker verplicht over dit soort argumenten na te denken. Ook wanneer het gezichtspunt wisselt naar dat van FBI-agent Roy Clayton (Guy Pearce) wordt er op evenwichtige wijze naar de terroristen gekeken. Op zich erg goed, maar het voelt soms een beetje té evenwichtig of politiek correct aan. De film kent vele relativerende opmerkingen, die niet allemaal even tot-the-point lijken te zijn. Wanneer de islam veroordeeld wordt, stelt Clayton bijvoorbeeld dat iedere godsdienst zijn uitwassen heeft. Op zichzelf een goed punt, maar om als argument nu de Ku Klux Klan aan te halen, lijkt ietwat kort door de bocht te zijn. Verder is het jammer dat de scherpe rand wat betreft de allianties en loyaliteiten van Samir minder sterk aanwezig is als had gekund en het einde van de film iets te veilig en “Hollywood” is.

Toch is het mooi te zien dat het mogelijk is dat de grote (morele) held van een Amerikaanse film een toegewijd moslim is. Horn laat zien dat het grote probleem van terrorisme niet in de Koran schuilt, maar in de incorrecte interpretatie hiervan, en kaping door de mensen die kwaad willen. De vraag wordt in de film opgeworpen of de terroristen die in de naam van de Koran of islam vechten, wel zo streng gelovig zijn, als ze doen voorkomen. Tekenend is de scène waarin Samir een ontmoeting op een terrasje heeft met een paar belangrijke schakels in een terroristische cel, en verbaasd is wanneer blijkt dat ze gewoon champagne drinken (en toegeven ook gewoon varkensvlees te eten). Ze doen dit onder het mom van “haqqiya”, een regel die stelt dat een moslim zich als de vijand mag voordoen om hem te misleiden, maar dit is slechts en excuus, aangezien de “vijand” op het terras nergens te bekennen is. Samir zegt dat hij gelooft in Allah en de Koran, en krijgt als reactie dat geloven mooi is, maar dat hij wel moet weten hoe hij orders moet opvolgen. Samir probeert sommige (potentiële) terroristen waarmee hij in contact komt heel voorzichtig te laten nadenken over de ware islam en het ware geloof hierin en waaruit dat zou moeten bestaan. Strookt dit wel met de manier waarop de terroristen deze gebruiken? Het is moeilijk om hierin een intellectuele verandering teweeg te brengen, maar het is wel op basis van dialoog en inzichten dat dit zal moeten gebeuren. Geweld zorgt immers alleen maar voor meer geweld, zoals Spielbergs ‘Munich’ al eerder liet zien. Het is met dit aspect, noem het de herwaardering van, of de open blik richting islam en Koran, waarmee de film punten scoort en een intelligent tegenwicht biedt aan Wilders en de zijnen, die met polariserende, eenzijdige uitingen angst voeden en een hele bevolkingsgroepen en religies dreigen te stigmatiseren. En Don Cheadle is de perfecte acteur om het geenszins onfeilbare, maar alleszins intelligente en integere personage gestalte te geven dat deze open blik stimuleert.

Bart Rietvink

Waardering: 3.5

Bioscooprelease: 26 februari 2009