TRON (1982)

Regie: Steven Lisberger | 96 minuten | actie, avontuur, science fiction | Acteurs: Jeff Bridges, Bruce Boxleitner, David Warner, Cindy Morgan, Barnard Hughes, Dan Shor, Peter Jurasik, Tony Stephano, Craig Chudy, Vince Deadrick Jr., Sam Schatz, Jackson Bostwick, David S. Cass Sr., Gerald Berns, Bob Neill    

Oh, die prachtige jaren tachtig. Toen de goegemeente nog geen idee had van de interne werking van een computer en je dus prachtige fabels kon ophangen rond de mogelijkheden van de uitvinding die inmiddels (anno 2011) vrijwel elk huishouden domineert. Via een inbelverbinding inbreken in het Pentagon (‘WarGames’, 1983), een polygonenvrouwtje transformeren in een babe van vlees en bloed (‘Weird Science’, 1985) – het kon allemaal. Het was een mooie tijd, die absoluut herinnerd dient te worden om de uitbundige fantasieën. Wie zijn of haar realiteitszin voor een paar uur weet uit te schakelen, vindt in dergelijke producties briljant vermaak.

Zo ook in ‘TRON’, de Disneyfilm die in 1982 een kleine revolutie teweeg moest brengen. Zover is het nooit gekomen, maar het blijft een dappere poging, die ook drie decennia later nog de moeite waard is. Het soort lef dat nodig was om niet alleen een film over arcadegames te maken, maar specifiek een die zich in een gamewereld afspeelt, wordt bij grote filmstudio’s nog al te vaak node gemist. Het verhaal van gamesontwikkelaar Kevin Flynn (Jeff Bridges) die terecht komt in een van zijn eigen creaties heeft een dusdanige cultstatus gekregen dat er zelfs een onmogelijk geacht vervolg op is verschenen – ‘TRON: Legacy’ (2010). Een film overigens waarin het net als zijn voorganger meer om het uiterlijk dan om de inhoud draait. Dat dan weer wel.

Het verhaal is simpel genoeg samen te vatten. Flynn probeert in te breken in het computersysteem van zijn voormalige werkgever, om bewijslast te vinden dat de huidige directeur Ed Dillinger (David Warner) zijn ontwerpen gestolen heeft. Bij een van zijn pogingen wordt hij door het alomvattende Master Control Program als het ware het computersysteem ingezogen (eigenlijk gaat het via een fancy laser) en moet hij zich als ‘Programma’ met de naam Clu staande zien te houden in de virtuele wereld. Een wereld die letterlijk vooral uit rechte lijnen bestaat en waarin het geloof in Gebruikers voor de Programma’s ten strengste verboden is, op straffe van deresolutie (in zichzelf een volstrekt absurde term, maar ja – de jaren tachtig hè… Het idee moge duidelijk zijn.).

Flynn/Clu sluit al snel vriendschap met Tron, die niet geheel ontoevallig een treffende gelijkenis vertoont met diens programmeur Alan Bradley (Bruce Boxleitner). Net als dat Sark, de grote slechterik in de virtuele wereld (die in dienst staat van het Master Control Program), hetzelfde uiterlijk heeft als directeur Dillinger. Deze parallellen zijn heel aardig doorgevoerd in het soort functies dat de Programma’s hebben, waarmee de virtuele wereld een soort spiegelwereld wordt. Het is daarom wel jammer dat er betrekkelijk weinig gedaan wordt met de grote vragen des levens. De film had op dat punt nog een behoorlijk stuk prikkelender gemogen. Kansen genoeg.

Maar zoals al gezegd draait het vooral om de plaatjes. En hoewel die er uiteraard gedateerd uitzien, blijft ‘TRON’ zeker uit filmhistorisch oogpunt bijzonder fraai om naar te kijken. Het grensverleggende gebruik van de special effects als middel om een verhaal te vertellen was zo nieuw, dat de Academy van schrik ‘vergat’ om de film te nomineren. (Voor kostuumontwerp en geluid ontving ‘TRON’ wel een nominatie.) De montage laat hier en daar wat te wensen over, maar door het aanstekelijke spel van met name Jeff Bridges en in iets mindere mate Bruce Boxleitner blijft het verhaal leuk om te volgen. Dat de soundtrack vooral uit midi-bliepjes en -bloepjes bestaat zal de kijker wel voor lief moeten nemen. Maar ja, de jaren tachtig hè…

Wouter de Boer