World Invasion: Battle Los Angeles-Battle:Los Angeles (2011)

Regie: Jonathan Liebesman | 115 minuten | actie, science fiction | Acteurs: Michelle Rodriguez, Aaron Eckhart, Bridget Moynahan, Joey King, Lucas Till, Taylor Handley, Michael Peña, Noel Fisher, Jim Parrack, Taryn Southern, Susie Abromeit, Ramon Rodriguez, Cory Hardrict, Will Rothhaar, Michelle Pierce, Ne-Yo, Jadin Gould, Keith Middlebrook

Onze wereld is inmiddels al diverse malen aangevallen, en soms zelfs gekoloniseerd, door een buitenaards ras. De verslaggeving die daarbij het meest in het oog springt, is H. G. Wells’ The War of the Worlds, en de verschillende films die ze daar van probeerden te maken. Maar denk bijvoorbeeld ook aan ‘Independence Day’, ‘Battlefield Earth’ en ‘Mars Attacks!’. Er zijn daarnaast ook talloze voorbeelden van films waarbij wij buitenaardse werelden binnenvallen. Denk bijvoorbeeld aan ‘Avatar’, en in mindere mate ‘Mission to Mars’. Het lijkt haast onvermijdelijk dat we ooit zullen worden overspoeld door agressieve aliens. In ‘World Invasion: Battle Los Angeles’ is het dan ook niet anders. Om met een belangrijke opmerking te beginnen: ‘Battle L.A.’ is geen ‘District 9’. Regisseur Neil Blomkamp leverde intelligente, ge(s)laagde Sci-Fi die kan wedijveren met de grotere namen van het genre, zoals ‘Alien’ en ‘Blade Runner’. Of misschien een net wat minder niveau, maar het idee is duidelijk. Als je denkt – of op zijn minst hoopt – met deze laatste toevoeging een vergelijkbaar modern drama voorgeschoteld te krijgen, dan valt ‘Battle Los Angeles’ duidelijk tegen.

Mede-Johannesburger Jonathan Liebesmans versie van een buitenaardse invasie door een vijandig ras is duidelijk wat minder klassiek dan de verrassingshit van zijn voorganger. Indien je aan de andere kant hoopt op een vermakelijk actiespektakel met een aantal bijzondere vuurgevechten, een legertje schier ontoombare buitenaardse schepsels en ‘Black Hawk Down’-stijl oorlogsvoering, dan zit je wel goed. We ontmoeten het team op het moment dat ze Los Angeles, nu een deels geruïneerd oorlogsgebied, worden ingevlogen voor een reddingsmissie. Ze zijn naar de wijk Santa Monica gestuurd om overlevenden van de recentste invasie op te sporen en zo snel mogelijk te evacueren – dit deel van de stad zal binnen een paar uur met de grond gelijk gemaakt worden om de buitenaardse opmars te stuiten. De indrukwekkende openingsshots, de vlugge kennismaking met de voornaamste personen en de snelheid en bombast van de scène beloven een hoop goeds – vergelijkbaar met de geniale ensemble introductie aan het begin van McTiernan’s ‘Predator’. Beelden van de onverschrokken militairen bij de aanvang van de kinetisch gefilmde oorlogsperikelen worden afgewisseld met een nieuwspresentator die à la ‘Independence Day’ op een rijtje zet hoe het er met de wereld voor staat – internationale metropolen worden op grote schaal belaagd, en de wereld is in paniek. Zet je schrap! Of? De energieke eerste minuut duurt helaas niet veel langer dan dat. Na de geslaagde introductie worden we middels een flashback 24 uur terug in de tijd genomen, naar een moment waarop de wereld nog geen besef heeft van de aanstaande ravages. Een moment waarop we worden voorgesteld aan staff sergeant Michael Nantz (Aaron Eckhart) en een aantal van zijn mariniers. Eén voor één worden de stereotypes opgelepeld. Nantz ondertekende zojuist zijn ontslag, want hij staat op het punt het korps te verlaten (een aanstaand pensioen; nooit een directe hint dat er iets ingrijpends staat te gebeuren). Zijn laatste missie eindigde behoorlijk tumultueus en het is tijd om er afstand van te nemen (opnieuw niet iets waarvan we kunnen verwachten dat het verderop nog aangehaald wordt). Ondertussen plant de ene korporaal zijn huwelijk, terwijl een ander gespot wordt met zijn zwangere vrouw. Een derde wordt door zijn maten belachelijk gemaakt omdat het overduidelijk nog een groentje is, terwijl een vierde worstelt met het feit dat hij net een officiersopleiding heeft afgerond en op het punt staat met een heel team de strijd ingestuurd te worden. Vervolgens is er nog een doorsnee scène vol doorsnee broederschap. De namen worden één voor één op het scherm aangehaald, maar je zult ze je niet herinneren – hoeft ook niet. Na een goed half uur van voortkabbelende voorspelbaarheid en het type pathos dat doorgaans beter aan Michael Bay overgelaten kan worden (sentimentele muziek, ongemotiveerd kameraadschap, helikopters in formatie, et cetera), schuift Liebesman eindelijk terug naar de hoge versnelling van de openingsscène. Als je hoge verwachtingen voor een intelligente actiefilm kunt laten varen, vrede hebt met veel laagdrempeliger vermaak en klaar bent voor bergen verstandopnulheid, is dit het moment om aan de popcorn te beginnen. Wat overblijft in de (ruime) tweede helft van de film is namelijk redelijk in orde. Een aantal zware en intense vuurgevechten die niet zouden misstaan in ‘Saving Private Ryan’, meer spektakel dan in ‘War of the Worlds’ waar het buitenaardse wapentechnologie betreft, en een leger aliens dat eigenlijk best goed in elkaar steekt – gepantserde kikkerachtigen die eruit zien alsof de prawns van ‘District 9’ nageslacht verwekt hebben met ED-209 uit ‘Robocop’.

Wat ‘World Invasion: Battle Los Angeles’ bovendien vrij goed doet, is schaal, en de schijnbaar moeiteloze focus van de film. Mondiale oorlogvoering met een onbekende soort enerzijds, benauwende guerrilla-oorlog in de straten van de Californische metropool anderzijds. Er zijn ongeveer twintig andere steden – zoals Londen, Parijs en Tokio – in ernstige nood, maar daar krijgen we niet veel meer van te zien dan een aantal snelle nieuwsflitsen op televisie. Terwijl de hele wereld in brand staat, weet Liebesman het lovenswaardige zelfbedwang te vinden slechts een (deel van een) grote metropool en één enkel team van mariniers uit te lichten. Dit is waar de ‘Black Hawk Down’ verwijzingen naar voren komen, die bovendien redelijk nauwkeurig zijn. De focus van de strijd blijft Los Angeles (die clue zit, zo blijkt, dan ook in de titel). Een strijd waar je uiteindelijk toch wat in betrokken raakt. Terwijl het team van mariniers op zenuwslopende wijze tegen de klok werken om zichzelf, een handvol burgers, hun grotendeels verwoeste (en spectaculair in beeld gebrachte) stad en mogelijk de hele wereld te redden, is hun lot iets dat je dan toch net meer doet dan je op basis van de voorspelbare eerste helft zou vermoeden. Zij het op een kleine, menselijke schaal (zullen zij het redden?), of op een massale, wereldwijde schaal (zullen wij het redden?). Het totaalplaatje had best wat standaard sentiment, voorspelbare verwikkelingen en onnodig achtergrondplot kunnen missen, maar met betrekking tot de gespannen sfeer, de pulserende actie en het pure entertainment van een even grootschalig als benauwend oorlogspektakel weet ‘Battle Los Angeles’ die tekortkomingen meer dan goed te maken. Terwijl het geheel volgens de regeltjes bovendien zo links en rechts alvast wat deurtjes openzet voor een ongetwijfeld minstens zo popcorngevoelig vervolg.

Robert Nijman

Waardering: 3

Bioscooprelease: 21 april 2011